Meg Stuart

Profiel

De naam haalt ze uit haar allereerste recensie voor Disfigure Study. ‘Everyone on stage is shown as damaged goods,’ schrijft Burt Supree in The Village Voice. Die uitdrukking spreekt Stuart aan. Haar choreografieën richten zich niet op virtuositeit, maar juist op de mislukkingen, op het onvolmaakte en niet in de laatste plaats op de menselijke onzekerheden.  Met Damaged Goods maakt ze in de jaren negentig een reeks vooruitstrevende dansvoorstellingen. Deze vallen op door een kritische kijk op ingesleten conventies in de dans en worden door sommigen, al dan niet bewonderend, omschreven als ‘anti-dans’. De reacties van publiek en critici op het werk van Stuart lopen sterk uiteen, maar dát het felle reacties oproept is een grote kracht.  Haar rijzende faam en groeiende oeuvre leiden tot samenwerkingen met uiteenlopende groepen en kunstenaars. Stuarts choreografische werk krijgt een steeds sterkere multidisciplinaire inslag. Voor elke voorstelling gaat ze op zoek naar nieuwe presentatievormen. Vanaf 1997 is ze huisartieste in het Brusselse Kaaitheater. Ze toert de hele wereld rond en gaat langdurige samenwerkingsverbanden aan met Schauspielhaus Zürich (2000–2004) en de Volksbühne am Rosa-Luxemburg-Platz in Berlijn (2005-2010). Momenteel werkt Stuart op vaste basis samen met HAU Hebbel am Ufer. En op uitnodiging van intendant Johan Simons, zal Meg Stuart/Damaged Goods van 2015 tot 2017 samenwerken met de Ruhrtriennale. Het Holland Festival presenteerde in 2002 haar voorstelling ALIBI, een heftige studie naar geweld en extremisme, die ook wel de eerste choreografie na 9/11 werd genoemd. In 2004 was ze te zien in Forgeries, Love and Other Matters, een trio met Benoît Lachambre en muzikant Hahn Rowe. Dit seizoen is Meg Stuart/Damaged Goods op tournee met Built to Last (2012), An evening of solo works (2013), Sketches/Notebook (2013), Hunter (2014) en UNTIL OUR HEARTS STOP (2015).