John Cage

Profiel

wereldmuziek bij Henry Cowell en compositie bij Adolph Weiss, als voorbereiding op een studie bij Arnold Schönberg. Cage studeerde in Californië vervolgens twee jaar bij Schönberg, die hem later de enige interessante van zijn Amerikaanse studenten noemde. Cage raakte gegrepen door moderne dans en doceerde aan dansopleidingen in Los Angeles en in Seattle, waar hij zijn latere levenspartner Merce Cunningham ontmoette. In zijn componeren werden ritmiek en klankkleur steeds belangrijker, en in 1940 vond hij de ‘prepared piano’ uit: hij stopte allerlei voorwerpen tussen de snaren van de piano met een grote hoeveelheid aan timbres als resultaat. Hij creëerde hiermee, in zijn eigen woorden: ‘een percussie-orkest voor een uitvoerder.’  Een van zijn eerste werken voor dit instrument, Sonatas and Interludes (1946-1948), werd goed ontvangen. In 1951 leerde hij de I Tjing of het ‘Boek der veranderingen’ kennen, een klassieke Chinese tekst die onder meer wordt gebruikt om voorspellingen te doen. Voor Cage werd de I Tjing zijn voornaamste gereedschap om toevalsoperaties toe te passen bij het componeren. Een van de eerste resultaten van deze nieuwe methode was Music of Changes voor piano solo uit 1951. Het jaar daarop schreef hij het beroemde 4’33”, een werk waarin de uitvoerende gedurende de voorgeschreven tijd geen enkele noot speelt. Ook maakte hij in deze periode een aantal van de vroegste elektroakoestische composities. Vanaf de jaren zestig groeide Cage’s roem. In de jaren tachtig richtte Cage, wiens toevalsmuziek vrijwel altijd een theatrale kwaliteit had gehad, zich bovendien op opera, en uiteindelijk voltooide hij een serie van vijf Europera's. Cage stierf op 12 augustus 1992. In 2012, 100 jaar na zijn geboorte, organiseerde het Holland Festival, waar in de loop der tijd veel van Cage’s werk gespeeld is, een groot retrospectief. Het Haagse Ensemble Klang wordt in 2003 opgericht en richt zich zowel op de nieuwe generatie componisten - zoals Peter Adriaansz, Kate Moore, Andrew Hamilton, Matthew Wright en Roi Nachson - als op gevestigde componisten als Heiner Goebbels, Martijn Padding en Louis Andriessen. Ensemble Klang geldt als één van de spannendste ensembles in de Nederlandse hedendaagse muziekpraktijk en heeft inmiddels een indrukwekkend repertoire opgebouwd van speciaal voor hen geschreven werken. Met saxofoons, trombone, keyboards, percussie en gitaar wordt een uniek en veelzijdig geluid neergezet, variërend van fragiel en intiem tot aan de stuwende kracht van een big-band. Het ensemble treedt zonder dirigent op; een typisch Ensemble Klang-programma combineert complexe muziek, die een virtuoze nauwkeurigheid vereist, met een adembenemend muzikaal risico. Alle leden van het ensemble werken graag en met regelmaat samen: vrijwel ieder seizoen neemt het ensemble deel aan muziektheater-, site-specific- en dansprojecten. Klangleden voelen zich evenzeer thuis in de concertzaal, in de open lucht op een festival als in een popzaal.