Isabella Rossellini

Profiel

Zemeckis (Death Becomes Her), en was van 1982 tot 1996 hét gezicht van het cosmeticamerk Lancôme. Als dochter van de Zweedse filmdiva en Oscarwinnares Ingrid Bergman en de Italiaanse neorealistische filmregisseur Roberto Rossellini groeide ze op in Rome en Parijs, en belandde uiteindelijk in New York. Ze maakte haar filmdebuut in Vincente Minnelli’s A Matter of Time (1976) en werkte tevens als vertaler en Amerika-correspondent voor de Italiaanse televisiezender RAI. In 1986 speelde ze haar bekendste rol als de verknipte nachtclubzangeres Dorothy Vallens in Blue Velvet, waarvoor ze een jaar later bekroond werd met een Independent Spirit Award. In 2010 was ze te zien in Saverio Costanzo´s film La solitudine dei numeri primi. Als scenarioschrijver maakte ze in 2005 haar debuut met de korte film My Father Is 100 Years Old, een eerbetoon aan haar vader. Drie jaar later werd ze door acteur en regisseur Robert Redford gevraagd om een serie te maken voor diens Sundance Festival en de digitale zender The Sundance Channel, waarbij ze haar dierenliefde, milieuactivisme en fascinatie voor biologie kon combineren. Dat werd Green Porno (2008), een serie korte films over het seksleven van dieren. De serie werd in 2009 bekroond met een Webby Award. Er werden diverse vervolgseries gemaakt, zoals Seduce Me (2010), Mammas (2013) en Bon Appetit! (2010) en de spin-off Animals Distract Me (2011). Bestiaire d’amour is haar tweede theaterproductie, na de voorstelling The Stendhal Syndrome (2004). Daarnaast zet Rossellini zich in voor milieubehoud en sociale gerechtigheid. Ze is bestuurslid van het Wildlife Conservation Network, voorzitter en directeur van de Howard Gilman Foundation – een organisatie gericht op natuurbescherming en de bevordering van de fotografie en danskunst. Ze is verder betrokken bij The Nature Conservancy en het trainen van blindengeleidehonden. Sinds 2003 is Rossellini tevens National Ambassador voor het United States Fund for UNICEF. Schrijver, regisseur en acteur Jean-Claude Carrière (Colombières-sur-Orb, 1931) werkt al meer dan vijftig jaar op talloze creatieve terreinen. Hij schreef voor filmiconen als Jacques Tati, Pierre Etaix en maakte zes films met Luis Buñuel. In zijn zeer diverse, rijke loopbaan was Carrière onder andere betrokken bij de films Taking Off (1971) en Valmont (1989) van Milos Foreman, Die Blechtrommel (1979) van Volker Schlöndorff, La Piscine (1969) en Borsalino (1970) van Jacques Deray en Das Weisse Band (2009) van Michael Haneke. In 1988 bewerkte hij Milan Kundera’s roman The Unbearable Lightness of Being tot scenario voor regisseur Philip Kaufman. In het theater werkt hij al ruim 34 jaar samen met de legendarische regisseur Peter Brook en bewerkte samen met Brook het mystieke gedicht van de Perzische dichter Farid Al-Din Attar, Conference of the Birds (1177) tot een theatervoorstelling in 1979. Dit was een voorschot op Brooks monumentale versie van het vedische heldenepos The Mahabharata (1985), een gigantische voorstelling waar Carrière ook nauw bij betrokken was. Daarnaast schreef hij twaalf televisiefilms, waarvan er drie – waaronder La Controverse de Valladolid (1992) – bekroond werden met de Franse televisieprijs Sept d'Or. Carrière maakte zijn debuut als romanschrijver in 1957 met Lézard, en bleef zich ook in deze kunstvorm ontwikkelen, naast zijn werk als librettist voor de opera en liedtekstschrijver. Zijn meest recente roman, Désorde, kwam uit in 2012.