Antonín Dvořák

Profiel

symfonische traditie. Dvorák speelde altviool en orgel. Hij zou een van de belangrijkste componisten van Europa worden met als bekendste werken als Stabat Mater, Columbian Te Deum en Requiem. Hij schreef kamermuziek, Slavische dansen, een celloconcert, symfonieën en ruim honderd liederen. Uiteindelijk werd hij directeur van het conservatorium te New York, een baan die hij combineerde met het dirigeren en het schrijven van nieuw werk. In 1900 verscheen zijn opera Rusalka. Het werk werd een internationaal succes. De Nationale Opera (DNO) staat bekend om haar diverse programmering van zowel klassieke als moderne opera’s en het constant hoge niveau van haar voorstellingen. Met vernieuwende producties, speciaal voor De Nationale Opera gecomponeerde werken en een frisse blik op bekend repertoire wordt deze prachtige kunstvorm levendig gehouden en een plek in de toekomst gegeven. De Nationale Opera heeft een prominente plaats in het internationale operalandschap en werkt samen met de grootste operahuizen ter wereld. In 2016 werd DNO uitgeroepen tot Operahuis van het jaar door de International Opera Awards. Jakub Hrůša (1981) is een Tsjechische dirigent en een van de grootste specialisten in het Tsjechische repertoire. In 2015 maakte hij zijn Nederlandse debuut bij het Koninklijk Orkestgebouworkest met werken van Sjostakovitsj, Janáček en Smetana. Jakub Hrůša is chef-dirigent van de Bamberger Symphoniker, vaste gastdirigent bij het Tokyo Metropolitan Symphony Orchestra en eerste gastdirigent bij zowel het Tsjechisch Philharmonisch Orkest als het Philharmonia Orchestra. Van 2009 tot 2015 stond hij aan het hoofd van de Praagse Kamerfilharmonie. Hrůša is regelmatig te gast op het Glyndebourne Festival in Engeland, waar hij onder meer Bizets Carmen, Mozarts Don Giovanni, Brittens The Turn of the Screw en Puccini's La bohème dirigeerde. Met Rusalka maakt Hrůša zijn debuut bij De Nationale Opera.