Rainer Werner Fassbinder

Profiel

Graz. Hij begon als regieassistent bij het Salzburger Landestheater en het Nationale Sloveense Theater in Ljubljana. In 1987 deed hij zijn eerste regie met Es van Karl Schönherr. In 1990 begon hij met Martin Zehetgruber en Sylvia Brandl het gezelschap my friend martin en bracht hij in drie transportcontainers zijn eigen stuk Tode in première. In 1992 ensceneerde hij zijn eerste stuk voor het Residenztheater: Irrlichter-Schrittmacher van Thomas Strittmatter. Vanaf 1993 was Kušej enige jaren als vaste regisseur verbonden aan Schauspiel Stuttgart. Zijn Cleansed van Sarah Kane werd uitgenodigd voor het Festival Theaterformen in Hannover, evenals zijn eerste opera King Arthur van Purcell in 1996. Kušej regisseerde vervolgens onder meer bij het Thalia Theater in Hamburg en het Burgtheater in Wenen en opera bij het Opernhaus Zürich, de Staatsoper in Berlijn en De Nederlandse Opera, waar hij in 2006 een legendarische Lady Macbethvan Mtsensk van Sjostakovitsj ensceneerde. In het seizoen 2005/2006 was Kušej verantwoordelijk voor de toneelprogrammering van de Salzburger Festspiele. In 2009 ensceneerde hij bij Theater am Neumarkt in Zürich een toneelversie van Theo van Goghs uit 2003 stammende speelfilm Interview. Datzelfde jaar was zijn enscenering van Woyzeck voor het Residenztheater een hoogtepunt in het Holland Festival. Kušej werd driemaal uitgenodigd voor het beroemde Berliner Theatertreffen, in 2008 won hij er de Nestroyprijs voor beste regie. Sinds 2011 is Martin Kušej intendant bij het Residenztheater. Het Residenztheater is zowel de naam voor een verzameling theatergebouwen in de oude Residentie van de Keurvorst van Beieren in München, als de naam die het Beierse Staatstoneel (Bayerisches Staatsschauspiel) in de volksmond en sinds een aantal jaren ook weer in al zijn officiële uitingen heeft. Het theater werd oorspronkelijk tussen 1751 en 1753 gebouwd onder de Keurvorst en Hertog van Beieren Maximiliaan III Jozef. Op het grondgebied van de Residentie van München, het paleis van de Beierse keurvorsten, hertogen en koningen, liet de in België geboren hofbouwmeester François de Cuvilliés een theater met 560 zitplaatsten in rococostijl optrekken. In de begintijd deed het theater dienst als operapodium, waar vooral Italiaanse opera’s opgevoerd werden. In de Tweede Wereldoorlog werd het Residenztheater verwoest. In 1951 werd op de funderingen van het oude theater het nieuwe Residenztheater gebouwd, met 1000 zitplaatsen dit keer. Het rococo-interieur van het oude theater was gespaard gebleven en werd in een vleugel van de residentie geplaatst, die werd omgedoopt tot Cuvilliés-Theater. Sinds 1833 worden het Residenztheater en het Cuvilliés-Theater bespeeld door Das Bayerische Staatsschauspiel. De Staatsschauspiel is tot op de dag van vandaag een van de belangrijkste en meest toonaangevende toneelgezelschappen in de Duitstalige wereld. Het gezelschap heeft een reeks aan prominente regisseurs en acteurs aan zich weten te binden, waaronder Andrea Breth, Frank Castorf, Stephan Rottkamp, Johan Simons, Herbert Fritsch en natuurlijk de huidige intendant Martin Kušej.