Eenzaamheid en verbinding te midden van een zee van mensen

Deep Blue Sea

Bill T. Jones, Diller Scofidio + Renfro, Peter Nigrini

(afgelast)

Het Holland Festival 2020 is helaas afgelast. meer info

Een dobberend hoofd, middenin een uitgestrekte oceaan. Dit beeld uit Herman Melvilles roman Moby Dick inspireerde associate artist, choreograaf en danser Bill T. Jones voor zijn grote, nieuwe productie Deep Blue Sea. De jonge, zwarte Pip (een bijfiguur in Melvilles boek) raakt te water tijdens de walvisvangst en drijft bang en eenzaam in de oceaan. In de zeer persoonlijke voorstelling, die Jones bedacht in zijn streven naar het ongrijpbare ‘wij’ in deze turbulente tijd, reflecteert hij op de wisselwerking tussen het individu en groepsidentiteit. Jones danst zelf voor het eerst in vijftien jaar een solo, tot hij in het door de befaamde architect Elizabeth Diller spectaculair vormgegeven toneelbeeld vergezeld wordt door zijn dansers en uiteindelijk door negentig mensen uit verschillende lokale gemeenschappen.

achtergrondinformatie

Deep Blue Sea gaat over het verlangen om van ik naar wij te gaan. Dat is helemaal niet zo makkelijk om te doen. Niemand zegt zomaar: ik hoor bij jullie. Dat moeizame proces, dat wil ik laten zien.’

– Bill T. Jones

 

Vanaf het begin van zijn carrière heeft choreograaf, danser, regisseur en schrijver Bill T. Jones (1952, Verenigde Staten) in zijn werk, vaak aan de hand van zeer persoonlijke onderwerpen, grote maatschappelijke thema’s aangesneden.  Zijn nieuwe voorstelling Deep Blue Sea inspireerde Bill T. Jones onder meer op het personage Pip, een jonge, zwarte bijfiguur in Herman Melvilles roman Moby Dick – een scheepsmaatje dat tamboerijn speelt ter vermaak van de zeelui. Als Pip te water raakt en alleen achterblijft in de oceaan, omschrijft Melville hem als de kop van een kruidnagel: zijn hoofd dat boven het water uitsteekt. Dat moment maakte diepe indruk op Jones. Hij verbindt die eenzaamheid van Pip in de voorstelling Deep Blue Sea aan de vraag wat het betekent een buitenstaander te zijn. 

 

Zelf herkent Jones, als zwarte man in een overwegend witte kunstwereld, het gevoel buitenstaander te zijn. Hij koppelt dat gevoel aan vraagstukken rondom identiteit en verbinding en stelt de vraag: ‘Wat betekent het om thuis te zijn? Om bij je eigen mensen te zijn?’ Daarbij kijkt Jones bovendien naar huidige ontwikkelingen in de maatschappij, en ziet een wereld die steeds gefragmenteerder wordt, waarin het moeilijk is om consensus te vinden; een wereld waarin de burgerrechtenbeweging van Martin Luther King nog altijd van groot belang is.

 

Dat houdt voor hem niet op bij huidskleur, de strijd voor gelijke burgerrechten gaat in zijn ogen over vele groeperingen, dus ook over wat het betekent om vandaag de dag bijvoorbeeld vrouw te zijn in deze wereld, gay of transgender. Met de voorstelling gebruikt Jones zijn persoonlijke gevoel als uitgangspunt voor een onderzoek naar de ander. In deze nieuwe choreografie – in samenwerking met artistiek partner Janet Wong – danst Jones zelf, voor het eerst in vijftien jaar een solo. Hij reflecteert op de wisselwerking tussen het individu en groepsidentiteit door eerst alleen te dansen, om daarna te worden vergezeld door zijn eigen gezelschap en tenslotte door een groot, divers gezelschap Amsterdammers.

 

Jones onderzoekt hiermee of mensen met heel verschillende achtergronden naast elkaar kunnen staan en samen een wij kunnen vormen. Onder meer verwijzend naar ‘We the people’, waarmee de Grondwet van de Verenigde Staten opent, en de gospeltekst ‘We shall overcome’, noemt Jones zijn streven 'In pursuit of the we.' Zo komt ook Martin Luther Kings ‘I have a dream’-speech in de voorstelling aan bod.

 

De Centrale Markthal, waarin Deep Blue Sea wordt vertoond, wordt spectaculair getransformeerd door Elizabeth Diller van het gerenommeerde architectenbureau Diller Scofidio + Renfro. De soundscape is een originele compositie van Nick Hallett.

Meer

biografieën

Choreograaf, danser, regisseur en schrijver Bill T. Jones (1952, Verenigde Staten) studeerde klassiek ballet en moderne dans in de jaren 70 aan de State University of New York. Na een periode

in Amsterdam te hebben gewoond, sloot Jones zich samen met zijn toenmalige levenspartner Arnie Zane aan bij het experimentele choreografencollectief American Dance Asylum. In 1982 richtten zij samen de Bill T. Jones/Arnie Zane Dance Company op. Jones creëerde meer dan honderd werken voor zijn gezelschap. Daarnaast maakte hij grote opdrachtwerken voor gezelschappen als het Boston Ballet, het Ballet de l’Opéra de Lyon en het Staatsballett Berlin. Sinds 2011 is hij artistiek directeur van New York Live Arts in Manhattan.

 

Naast dans is Jones ook steeds meer geïnteresseerd in andere disciplines, zoals literatuur en muziektheater. Bovendien ervaart hij in dans een verandering met leeftijd: ‘Daarmee verandert ook je ambitie als kunstenaar. Ik denk dat oudere kunstenaars een groter bereik hebben. Ze doen meer met minder. In die zin worden ze strategisch sterker.’

 

Al in 1981 toonde het Holland Festival Valley Cottage, een van de duetten die Jones met Arnie Zane in The Kitchen in New York had ontwikkeld. In Nederland werd zijn werk tussen 1991 en 2007 regelmatig getoond door Gastprogrammering Het Muziektheater, zoals D-Man in the Waters (1991) en de controversiële, spraakmakende productie Still Here (1996). In 2011 presenteerde het Holland Festival zijn bekroonde musical Fela! en het Opera Forward Festival presenteerde in 2019 de door Jones geregisseerde en gechoreografeerde opera We Shall Not Be Moved. In 2020 is hij associate artist van het Holland Festival waar onder meer zijn grootschalige, ambitieuze voorstelling Deep Blue Sea is te zien.

 

Voor zijn veelzijdige werk ontving hij vele grote onderscheidingen, van een MacArthur ‘Genius’ Award in 1994 tot Kennedy Center Honors in 2010. Hij ontving de Doris Duke Performing Artist Award 2014 en won een Tony voor Beste Choreografie voor zijn bijdrage aan Spring Awakening (2007) en Fela! (2010). In 2010 benoemde de Franse regering hem tot Officier de l’Ordre des Arts et des Lettres; hij ontving eredoctoraten van onder meer het Art Institute of Chicago, Columbia College, Juilliard School en Yale University. In 2013 kreeg hij de National Medal of Arts uit handen van president Obama en hij ontving de Visibility Award van de Human Rights Campaign 2016.

 

Elizabeth Diller (Łódź, 1954) is een gerenommeerd Amerikaans architect en mede-oprichter van het interdisciplinaire ontwerpbureau Diller Scofidio + Renfro (DS+R). Tevens is zij Professor of Architectural Design aan de prestigieuze Princeton University. Diller werd geboren in een joods gezin in Polen, en op zesjarige leeftijd emigreerde ze naar de Verenigde Staten. Tijdens haar studie aan de Cooper Union School of Architecture ontmoette ze Ricardo Scofidio, haar mentor en toekomstig partner. In 1981 richtte het tweetal samen met Charles Renfro het bureau DS+R op – Benjamin Gilmartin zou zich in 2004 bij hen voegen. DS+R groeide uit tot een invloedrijke speler op diverse gebieden: architectuur, urban design, installatiekunst, multimediaperformances, digitale media en publicaties.

 

Diller werd geroemd om haar conceptuele aanpak en innovatieve werk voor diverse culturele instellingen. Ze ontving de MacArthur Foundation Fellowship voor architectuur (1999), en ze belandde twee keer op de lijst 100 Most Influential People van TIME Magazine (2009, 2018). In 2017 bekroonde de Wall Street Journal haar bureau met de Architecture Innovator of the Year Award, en in hetzelfde jaar ontving ze de National Design Award van het Smithsonian. In New York was ze medeverantwoordelijk voor het omvormen van een afgedankt treintraject tot het groene stadspark The High Line. Verder leidde ze het ontwerpproces van cultuurinstelling The Shed, en de uitbreiding van het Museum of Modern Art. In 2018 werkte Diller samen met componist David Lang aan het 1000-koppige operaproject The Mile-Long Opera: a biography of 7 o’clock (2018). Voor deze editie van het Holland Festival werkt Diller samen met associate artist Bill T. Jones, aan de nieuwe productie Deep Blue Sea

 

De Canadese Peter Nigrini (1971) is een gerenommeerd lichtprojectie-ontwerper en scenograaf voor theater, musical, dans en opera. Hij studeerde aan Dartmouth College (New Hampshire) en Central St. Martins College of Art (Londen), maar ontwikkelde zijn carrière als invloedrijke lichtkunstenaar vooral in de New Yorkse theaters. Met Notes From Underground (2009) – naar Dostojevski, in regie van Robert Woodruff, tourde hij door de Verenigde Staten, en een jaar later was hij verantwoordelijk door de projecties in The Hurricane Tour van popicoon Grace Jones. Voor de productie Here Lies Love (2013) bij The Public Theater in New York won hij de Drama Desk Prize voor projectie. Ook zijn werk in Grounded (2015), eveneens bij The Public Theater, werd bekroond met een Lucille Lortel Award.

 

Het Nederlandse theaterpubliek kent zijn werk wellicht van de swingende muziektheaterproductie Fela!, over het leven van Afrobeat-pionier Fela Kuti, die in 2011 op het Holland Festival stond. Deze voorstelling was een regie van Bill T. Jones, de associate artist van het Holland Festival 2020. Het tweetal werkte eerder samen in Jones’ productie Blind Date (2005). Los van Nigrini’s werkzaamheden als lichtvirtuoos heeft hij een lange staat van dienst bij het invloedrijke theatergezelschap Nature Theater of Oklahoma, waar hij sinds 2006 de (enige) huisscenograaf is. Tevens doceert hij aan de New York University. In 2016 was Nigrini’s werk voor het laatst op het Holland Festival te zien. Hij was toen verantwoordelijk voor de projecties en filmbeelden in het indrukwekkende multimediaconcert Real Enemies (2015), van jazzcomponist Darcy James Argue en regisseur Isaac Butler.

Meer

CREDITS

creatie, regie
Bill T. Jones
co-regie
Janet Wong
choreografie
Bill T. Jones, Janet Wong, Bill T. Jones/Arnie Zane Company
toneelbeeld
Elizabeth Diller (Diller Scofidio + Renfro), Peter Nigrini
muziek
Nick Hallett
muziekproductie
Hprizm
geluid
Mark Grey
kostuums
Liz Prince
dramaturgie
Mark Hairston
dans
Bill T. Jones, J. Bouey, Vinson Fraley, Jr., Barrington Hinds, Chanel Howard, Dean Husted, Shane Larson, s. lumbert, Nayaa Opong, Marie Lloyd Paspe, Huiwang Zhang

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR