Jacques Offenbach

Profiel

benoemd tot dirigent laureaat van de Welsh National Opera. Rizzi studeerde aan het conservatorium van Milaan en werkte na zijn afstuderen mee aan verschillende producties van La Scala - Milaan. In 1982 maakte hij zijn debuut als dirigent met Donizetti’s L’ajo nell’imbarazzo. In 2004 werd Rizzi voor de tweede maal aangenomen als chef-dirigent van de Welsh National Opera (WNO), nadat hij deze functie tussen 1992 en 2001 ook had bekleed. In 2015 is hij benoemd tot dirigent laureaat van WNO. Hij dirigeerde daar onder meer Fidelio, Peter Grimes, Salome, Don Carlo en Der fliegende Holländer (met Bryn Terfel). Tijdens het honderdste seizoen van de BBC Proms leidde hij het orkest van WNO in hun eerste promenade concert. Rizzi is vaste gastdirigent bij ’s werelds grootste operahuizen en festivals, waaronder Metropolitan Opera, La Scala - Milaan en The Royal Opera - Londen. Naast opera’s dirigeerde hij verscheidene orkestrale werken met  Orchestre du Théâtre Royal de La Monnaie, Filarmonica della Scala, Orchestra di Santa Cecilia en het Nederlands Philharmonisch Orkest. Recent dirigeerde hij onder meer Guillaume Tell, Mosè in Egitto (WNO), La fanciulla del West (Deutsche Oper Berlin), Un ballo in machera (De Munt - Brussel), Cavalleria rusticana | Pagliacci, Tosca (La Scala - Milaan), Nabucco (Lyric Opera Chicago) en Cavalleria rusticana | Sanca Susanna (Opéra national de Paris). Bij De Nederlandse Opera dirigeerde hij: Don Pasquale, Luisa Miller, Otello, Macbeth, Mefistofele, Cavalleria rusticana|Pagliacci, Un ballo in maschera en Lucia di Lammermoor. Tobias Kratzer studeerde kunstgeschiedenis en filosofie in München en Bern en regie aan de Theaterakademie August Everding in Munchen. In 2008 won zijn Rigoletto verschillende prijzen. Kratzer is een freelance operaregisseur. Hij heeft gewerkt met de bij de Bayerische Staatsoper (Mozarts Così fan tutte), het Opernhaus Leipzig (Händel's Admeto), Oper Graz (Bellini's Lasonnambula), Wermland Opera (Verdi's Rigoletto, 2009, Bach's Johannes-Passion, 2012 en Revolution Trilogy, bestaande uit Rossini's Il barbiere di Siviglia, Mozart's Le nozze di Figaro en Beethoven's Fidelio, 2014). Veel succes had hij met zijn regies van onder meer Mozarts Die Zauberflöte (2009, Theater Heidelberg), Strauss’ Der Rosenkavalier (2010) en Wagners Tannhäuser (2011, beide bij Theater Bremen), Tüürs Wallenberg (2012, Badisches Staatstheater Karlsruhe), Wagners Lohengrin (2013, Deutsches Nationaltheater und Staatskapelle Weimar). Voor zijn producties Anna Bolena bij het Luzerner Theater en Wagners Die Meistersinger von Nürnberg in Karlsruhe werd hij genomineerd als Operaregisseur van het jaar door het tijdschrift Opernwelt (2011, 2014). In 2019 gaat zijn regie van Tannhäuser in wereldpremière tijdens het Bayreuther Festspiele.  De Nationale Opera (DNO) staat bekend om haar diverse programmering van zowel klassieke als moderne opera’s en het constant hoge niveau van haar voorstellingen. Met vernieuwende producties, speciaal voor De Nationale Opera gecomponeerde werken en een frisse blik op bekend repertoire wordt deze prachtige kunstvorm levendig gehouden en een plek in de toekomst gegeven. Met Pierre Audi als directeur heeft De Nationale Opera een enorme reputatie verworven in de internationale operawereld en wordt er met grote belangstelling gekeken naar alle nieuwe producties. In 2013 won DNO de internationale Opera Award voor de beste productie van het jaar.