interview Boogaerdt/VanderSchoot

‘We doen een voorstel om de manier waarop onze beschaving ooit is ontstaan, te herzien’

door Evelien Lindeboom



Fremdkörper van performanceduo Suzan Boogaerdt en Bianca van der Schoot is tijdens het Holland Festival op twee manieren te bezoeken: als voorstelling en als installatie. Ze doen met hun werk een voorstel aan het publiek om een reis naar binnen te maken: ‘Er is veel verbeeldingskracht nodig om op dit moment in te zien dat we allemaal onderdeel van hetzelfde zijn.’ 

Bogaerdt/Vandersloot500x258Wat inspireerde jullie om Fremdkörper te maken?
‘Al meteen tijdens de eerste lockdown keerde ik (Bianca) met mijn aandacht erg naar binnen. Ik weet dat niet iedereen daar de ruimte voor had, maar voor mij betekende het een tijd van rust en bezinning. Ik kreeg ook heel levendige dromen. Daarom ben ik een dromencursus gaan doen. Daarin ging het onder andere over lucid dreaming. Dat is een vorm van dromen waarin je je bewust bent van jezelf als dromer tijdens je droom. 

Dit is iets waar wij ons vaker in verdiepen: de vraag waar zich precies iemands bewustzijn bevindt. Maar ook bijvoorbeeld wat het verschil is tussen mij en de versie die jij van mij op jouw beeldscherm ziet. Die overgangsgebieden, waar droom en werkelijkheid in elkaar overlopen, en de vraag waar zich dan eigenlijk precies de aansturing van ons lichaam en ons denken bevindt, vinden wij heel interessant. Als je die overgangsgebieden leert kennen, dan kun je misschien meer inzicht krijgen in de aard van de werkelijkheid. 

In het verlengde hiervan zijn we op het spoor geraakt van een slaaptempelritueel bij de oude Grieken. Nog voor de tijd van Plato, in de tijd van Parmenides en Pythagoras ongeveer vijfhonderd jaar voor Christus, was het gebruikelijk dat filosofen onder begeleiding van priesters in hun slaap wijsheid uit hun onderbewuste opdiepten. De visioenen die ze ophaalden, werden beschouwd als de basis van hun samenleving. Je zou kunnen zeggen dat de beginselen van alle wetenschap in de westerse beschaving daar vandaan komen: uit de onderwereld of het collectieve onderbewuste.’ 

En hoe hebben jullie deze ideeën verwerkt?
‘We hebben een slaapzaal gemaakt, geïnspireerd op die slaaptempels van de oude Grieken. Er staan dertig bedden met ademende poppen, net slapende mensen. Het voelt alsof je in een soort noodopvang of veldhospitaal terecht bent gekomen. Die slapers zijn allemaal verschillend, iedereen heeft zijn eigen spulletjes om zich heen en ieder bed heeft een begeleider. Tijdens een ceremonie zit de bezoeker in een soort biotoop aan een bed. De slapers delen hun droomvisioenen met het publiek.’ 

Waar slaat de titel Fremdkörper op?
‘Het woord past goed bij ons werk. Het betekent ‘indringer’ of ‘vreemde entiteit’. We zijn van origine mimespelers, we doen altijd onderzoek naar lichamelijkheid en de aansturing en het bewustzijn van dat lichaam. Maar ook het virus zou als indringer kunnen worden gezien, in ons lijf en in onze maatschappij.’ 

Waarom liggen er alleen maar witte mannen op de bedjes?
‘Het leek ons mooi om op deze manier als het ware afscheid te nemen van de macht van de witte man, afscheid van het patriarchaat. De mannen maken contact met een plek waar andere wetten gelden, waar beelden spreken, waar er via het intuïtieve contact wordt gemaakt met het onderbewuste: het nachtelijke gebied dat in onze samenleving eerder gezien wordt als het domein van de vrouw. 

We doen een voorstel om de manier waarop onze beschaving ooit is ontstaan opnieuw te bekijken. Door deze oude rituelen te hergebruiken voor het scheppen van een nieuwe bestaansvorm waarin we de aarde, net als toen, opnieuw centraal stellen. Het sterfproces van dat patriarchaat vormt zo een opening, een soort gateway naar andere dimensies of naar nieuwe levensvormen. We gebruiken dat proces om informatie op te halen voor de gehele mensheid in een veel groter systeem. Je hoort de mannen alsof ze praten in hun slaap, of alsof ze vanuit een andere werkelijkheid informatie doorgeven aan de onze.’ 

Waar komen hun teksten vandaan? Het zijn vast geen typische wittemannenwijsheden.. 
‘Nee, dat klopt. De teksten gaan over allerlei dingen die de mensheid mogelijk kunnen helpen om een andere, heilzame werkelijkheid te creëren. Een deel van de teksten is bijvoorbeeld afkomstig uit hypnotherapiesessies die online worden gedeeld. Mensen spreken met daarin vanuit een ander, ruimer bewustzijn. Ze kijken met een nieuwe blik naar de aarde en constateren bijvoorbeeld dat de mens zijn mogelijkheden niet genoeg benut. Dat we ons nog niet genoeg bewust zijn van het grotere geheel. Dat alles met alles verbonden is. Maar er zijn ook lichtere, poëtische observaties, zoals dat de mens een voorbeeld kan nemen aan dolfijnen. 

De verbinding van mensen wereldwijd is op dit moment natuurlijk heel evident door corona: iedereen kan elkaar besmetten, maar het spiegelt ook de verbinding van de mens met de planeet, de onderlinge samenhang van het hele systeem. De pandemie is een direct gevolg van hoe wij met de aarde zijn omgegaan. De aarde is niet los te zien van hoe wij zelf zijn. Wij  zijn onderdeel van de natuur en moeten die actief beschermen.’

Anders dan jullie eerdere werk is Fremdkörper heel ingetogen.
‘In ons werk maken we steeds een conceptuele keuze en dan gaan we daar vrij lang op door. Daardoor zou de kijker na een tijdje kunnen denken: “ja, nu snap ik het wel...” Maar pas daarna wordt het echt interessant. Eerder maakten we een serie ‘statements’ die best expliciet waren. De voorstelling Bimbo bijvoorbeeld ging over de pornoficatie van het vrouwenlichaam. Het publiek werd voor een keuze gesteld om voor zich uit te kijken naar een beeldscherm, of zich om te draaien en te zien waar de voorstelling op het scherm zich werkelijk live afspeelde. 

We nodigen mensen altijd uit om bij zichzelf te rade te gaan, bijvoorbeeld over hoe ze met een situatie omgaan. Dat doen we nu ook weer, alleen op een meer ingetogen manier met ‘proposals’ in plaats van ‘statements’. Nu is die conceptuele keuze meer naar binnen gericht, de sfeer is meditatief. In dit geval stellen we het publiek voor om te vertragen en stil te staan.’ 

Die slapers en hun begeleiders zijn poppen. Jullie werken vaak met maskers en nu dus met poppen. Waarom is dat? 
‘Door een acteur of performer een masker op te zetten of door hem te vervangen door een pop, wordt die persoon een soort projectiescherm. Het publiek raakt niet afgeleid door bijvoorbeeld goed of slecht acteerwerk, of door de identiteit van de acteur. Wij merken zelf ook dat we ons anders verhouden tot, zeg, een boom, dan tot een mens. Een pop nodigt eerder uit om bij jezelf naar binnen te kijken.’ 

Is dat de bedoeling, bij jezelf naar binnen te kijken?
‘Ja. De slapers in Fremdkörper bevinden zich ergens in een overgangsgebied tussen bewust en onbewust dat ook wel lijkt op meditatie. In zenmeditatie wordt in feite de overgang tussen leven en dood geoefend. Dat is een staat van zijn die ‘bardo’ heet, afkomstig uit het Tibetaans boeddhisme. Door het publiek te confronteren met die ademende lichamen in een andere staat, nodigen we het uit om ook bij zichzelf naar binnen te kijken. Dat is niet iets wat je zomaar kunt vragen, je kunt mensen niet zomaar met stilte opzadelen. De meeste mensen hebben daar de vaardigheden nooit voor aangeleerd. Dus ons werk kan veel weerstand oproepen. Op Oerol maakten we de voorstelling Spectaculaire voorstelling. Het publiek kreeg een uur lang te zien hoe een tribune werd opgebouwd - precies dezelfde tribune als waar ze op zaten. Veel mensen werden daar heel erg boos om. Dat is niet onze bedoeling. We zoeken die weerstand op om voorbij die weerstand een ander gebied te ontdekken, niet om mensen boos te maken. We vinden dat proces, het tussengebied van het ene naar het andere gevoel, interessanter dan simpelweg een eindstadium te presenteren. Omdat het leven zich dáár afspeelt.’ 

Wat gebeurt er dan, voorbij die weerstand?
‘Voorbij de weerstand krijgt een ervaring meer diepte. We begrijpen de weerstand wel. Het is vergelijkbaar met de weerstand tegen de isolatie die corona met zich meebrengt. Je wil je onderdeel van een geheel voelen, juist nu. Terwijl, als je toegeeft aan de afzondering en voorbij die weerstand komt, is er zachtheid. En die brengt juist verbinding met anderen. The only way out is in - juist door bij jezelf naar binnen te kijken, zie je dat iedereen hetzelfde is. Dat besef is wat de wereld nu zo hard nodig heeft. Maar er is veel verbeeldingskracht voor nodig om op dit moment in te zien dat we allemaal onderdeel van hetzelfde zijn. Dus we proberen daar handvatten voor te bieden. We zoeken altijd de middenweg tussen mensen onderdompelen in een totaalervaring en ze terugwerpen op zichzelf. Als mensen straks aan zo’n bedje zitten en aan zichzelf worden overgeleverd, zien ze dat andere mensen net zo bij andere bedjes zitten. Een beetje zoals je je tijdens een yoga- of meditatieles heel verbonden kunt voelen met al die andere mensen die ook op reis gaan naar binnen.’ 

Het publiek kan Fremdkörper behalve als voorstelling ook als installatie bezoeken. Waarom? 
We creëren zo twee verschillende manieren waarop je het werk kunt ervaren. In het theater deelt het publiek een gezamenlijke ervaring met anderen. Er is een heel gerichte focus, want iedereen richt tegelijkertijd zijn/de aandacht op min of meer hetzelfde. Bij een installatie kiezen mensen juist zelf waar ze hun aandacht op richten en voor hoelang, net zoals wanneer ze het museum bezoeken. De bezoeker wordt meer op zichzelf teruggeworpen. Zo is er meer vrijheid en ruimte om eigen verbanden te leggen. Het is trouwens ook goed mogelijk om Fremdkörper in beide presentatievormen te bezoeken, we zorgen dat de ervaringen genoeg van elkaar verschillen.’

Fremdkörper, 4, 5, 6, 11, 12, 13 juni - Het HEM
meer informatie