interview met Bill T. Jones

door Vincent Kouters 

Bill T. Jones220x280PhilipHabibWat wil je bereiken als associate artist van het Holland Festival? ‘Kunst ontstaat als ergens kracht op uitgeoefend wordt. Dat wil ik doen als partner van het Holland Festival. Dus waar gaan we duwen? Ik hoor dat het festival meer inclusie wil, dat er meer mensen nieuwsgierig worden naar het getoonde werk. Oké. Hoe zorg je ervoor dat die komen? Of beter nog: meedoen. Dat wil ik onderzoeken.’ 


Je werk wordt geregeld omschreven als provocatief. Hoe rijm je dat hiermee?
‘Van nature ben ik een erg onstuimig en opstandig persoon. Ik wil vaak iets rigoureus doen, iets dat mensen aanspoort tot handelen. Tegenwoordig is wat ik wil liefde. Ik wil bij een gemeenschap horen, onderdeel zijn van een wij, en anderen daarbij betrekken.’

De voorstelling Deep Blue Sea is geïnspireerd op de roman Moby Dick van Herman Melville. Waarom dat boek?
Het boek raakte me. Het was bijna te heftig om te lezen toen ik zestien of zeventien was. Het bevat elementen die zo uit de Bijbel of uit een film van Steven Spielberg hadden kunnen komen. Een van de personages in het boek is Pip, een bijfiguur, een scheepsmaatje. Erg jong nog, elf of twaalf, donkere huid en angstig. Hij speelt tamboerijn. De zeelui vragen hem er altijd bij als ze willen feesten. Dat is een last die zwarte mensen met zich meedragen: de drang om altijd maar te moeten entertainen. Als Melville over Pip schrijft, dan merk je dat een ontzettend witte man schrijft over zwarte mensen: ze zijn kinderlijk en hebben altijd lol. Als Pip te water raakt en alleen achterblijft in de oceaan, beschrijft Melville hem als de kop van een kruidnagel. Dat is zijn hoofd dat boven het water uitsteekt. Dat moment is me altijd bijgebleven. Alle boten zijn verdwenen. Hij is helemaal alleen en het is angstaanjagend om helemaal alleen te zijn.’

Bill T. Jones/Arnie Zane_400x307‘Ik heb me altijd erg eenzaam gevoeld als onderdeel van de witte avant-garde. Het is moeilijk om hierover te praten, want ik voelde me ook omarmd. Ik heb liefde, vrienden en nu ben ik associate artist van het Holland Festival. Dus hoezo eenzaam? Maar dat heeft te maken met identiteit en geborgenheid. Wat betekent het om thuis te zijn? Om bij je eigen mensen te zijn. De deal die ik en [collega en toenmalig levenspartner – red.] Arnie Zane maakten met de wereld, was dat ík de uitzondering zou zijn. Ik was de zwarte man in een witte wereld. Het was een goed leven, maar eenzaam. Nu, in een tijd waarin zwarte mannen op straat zomaar neergeschoten worden, is Pip terug in mijn leven gekomen met de vraag: wat betekent het om een buitenstaander te zijn? Om die eenzaamheid te voelen? En dat houdt niet op bij huidskleur. De strijd voor gelijke burgerrechten gaat over vele groeperingen, het gaat ook over wat het betekent om vrouw te zijn in deze wereld, gay of transgender. Wat ik met de voorstelling wil doen, is dat persoonlijke gevoel van eenzaamheid gebruiken als uitgangspunt voor een onderzoek naar de ander.’

Je noemt dat ‘in pursuit of the we’. 
Deep Blue Sea gaat over het verlangen om van ik naar wij te gaan. Dat is helemaal niet zo makkelijk om te doen. Niemand zegt zomaar: ik hoor bij jullie. Dat moeizame proces, van ik naar wij, dat wil ik laten zien. De voorstelling begint met mij alleen. Dan gaan we van die ene persoon naar tien mensen. Dat zijn tien mensen van mijn groep, mijn veilige basis. En dan gaan we van tien naar honderd mensen op het podium, met negentig mensen van hier, die allemaal anders zijn dan ik. Maar die toch zeggen: ik kom naast jou staan. Zo ontstaat er een wij, een groep die bestaat uit mensen die allemaal verschillend zijn. Misschien kan zo’n idee alleen in kunst bestaan.’

Kan kunst een verbindende rol spelen in een wereld die individualistischer is geworden, misschien zoals het geloof dat eerder deed?
‘Ik gebruik liever het woord gefragmenteerd. De wereld wordt steeds gefragmenteerder. Het is erg moeilijk om nog ergens consensus over te bereiken. Ik weet niet hoe dat hier in Nederland zit, maar ‘We the people’, zoals de Grondwet van de Verenigde Staten opent, is van onschatbaar belang voor de Amerikaanse democratie. Evenals ‘We shall overcome’ van Martin Luther King het uitgangspunt is van de burgerrechtenbeweging. Daar ben ik mee opgevoed. Het is nu veel moeilijker om nog zo’n klinkende ‘wij’ te vinden.’

KingToday400x300In Deep Blue Sea komt de tekst van Martin Luther Kings I Have a Dreamspeech voor. Een andere voorstelling die te zien is, Prayers of the People, is óók gebaseerd op een tekst van Martin Luther King…
‘Het is een liturgische uitvoering van Kings Letter from Birmingham Jail, bedacht door Kenyon Adams, die ik heb bewerkt en geënsceneerd. King schreef hem tijdens zijn gevangenschap in 1963. In de brief zet hij een gedurfde en gepassioneerde strategie uiteen voor het starten van een politieke beweging. Een van de voorwaarden daarvoor is volledige openheid en transparantie. Alle betrokken partijen moeten praten over alles wat hen verenigt en verdeelt. Kenyon zet de tekst van de brief om in liturgische  gezangen. We gaan het doen in De Nieuwe Stad in Amsterdam-Zuidoost. Het is geen religieus werk, het is een seculiere dienst over het vormen van nieuwe gemeenschappen. Het publiek wordt uitgenodigd om te reageren op de zangers, om mee te zingen, misschien zelfs op de knieën te gaan. Ik hoop dat mensen van alle gezindten komen, gelovig of niet. Ook dit werk gaat over het creëren van een wij.’

Is dans nog steeds een goede benaming voor je werk?
‘Dans was ooit alles in mijn leven. Nu is dat minder. Ik ben ook geïnteresseerd in andere disciplines: literatuur, muziektheater. Dans is niettemin belangrijk. Zeker in een puriteins land als Amerika is dans een rebelse activiteit. Wij breken uit de vaste orde, we bewegen vrijelijk door de ruimte, zo vrij dat het iedereen de adem beneemt. Zo voelt een jonge danser zich: ik zal ze iets laten zien met mijn lichaam en mijn zweet en mijn schoonheid. Een danser is de personificatie van verlangen. Je moet veel durf hebben om dat te doen.’

Verandert dat als je ouder wordt?
‘Je verhouding met zwaartekracht verandert. Dansen voelt niet meer zo veilig. De zwaartekracht was ooit mijn vriend. Ik hield ervan om op de grond te vallen. Nu moet ik twee keer nadenken voordat ik val, en uitkijken dat ik niemand pijn doe. Daarmee verandert ook je ambitie als kunstenaar. Ik denk dat oudere kunstenaars een groter bereik hebben. Ze doen meer met minder. In die zin zijn ze strategischer en sterker.’ Wanneer is je rol als associate artist geslaagd? ‘Ik heb enkel te bieden wat me fascineert. Ik zou het leuk vinden om contact te maken met verschillende mensen in de gemeenschap hier. Mensen die, ondanks de gefragmenteerde discussie, net als ik in de toekomst geloven. Wie zijn zij? En willen ze naast me komen staan?’