Blog

Het geluid van een stem

Door: Ong Keng Sen

08.6.2018

Trojan Women 1900X900Trojan Women begon serieus vorm te krijgen in de herfst van 2014 toen ik het National Theater of Korea bezocht om te overleggen over de changgeuk die ik daar zou maken en regisseren. In de maanden daarna, na lang overwegen, stelde ik het stuk van Euripides voor aan de National Changgeuk Company of Korea. Het leek me het beste om het changgeuk-repertoire uit te breiden in plaats van een van de klassiekers opnieuw te regisseren. Slechts vijf volledige pansori-stukken hebben het in de loop der tijd overleefd, naast verschillende losse fragmenten. Ik voelde me verantwoordelijk om aan dit schaarse repertoire toe te voegen. Ik wilde niet simpelweg gaan experimenten met een 300 honderd jaar oude verhaalvorm in de hoop die naar de moderne tijd te kunnen vertalen.

Mijn stijl van verhalen vertellen in het theater is kernachtig maar rijk geïllustreerd. Ik gebruik dwingende concepten, choreografie en opvallende beelden. Dit kan alleen maar door mijn geweldige team van samenwerkingspartners op het gebied van dans en ontwerp. Maar met Trojan Women had ik andere bedoelingen. Ik wilde terug naar het minimalisme van pansori: een zangeres met één enkele muzikant op een podium. Na het zien van verschillende changgeuk was ik ervan overtuigd geraakt dat een terugkeer naar dit basale minimalisme de enig mogelijke route was. En zo begon een traject dat bestond uit het afpellen van de lagen die in de loop der tijd aan changgeuk zijn toegevoegd, alsof we verflagen en renovaties stonden af te strippen om te komen tot de oorspronkelijke architectuur van een oud huis. Ik wilde dat alle centrale personages werden begeleid door één enkel instrument, zoals in pansori. Ik wilde de woorden weer kunnen horen, in plaats van ze te horen verdrinken in allerlei lagen muziek. Kortom, ik wilde van changgeuk weer pansori maken, in plaats van het op te tuigen met willekeurige moderne elementen uit opera en muziektheater.

Om deze droom waar te kunnen maken, de droom van het creëren van een werk dat waardig genoeg is om in het pantheon van het changgeukrepertoire te kunnen worden bijgevoegd als een stuk dat ooit opnieuw geregisseerd kan worden, benaderde ik goede, om niet te zeggen de beste Koreaanse kunstenaars om mee samen te werken. Theaterauteur Bae Sam-sik was daarin een belangrijke speler. Want changgeuk begint bij pansori en pansori begint bij een verhaal. Ik wilde de woorden van Euripides vertalen in sterk, lyrisch Koreaans, dat de kloof van 2500 jaar tussen de tijd van Euripides en nu overbrugt.

Ahn Sook-sun stortte zich op de compositie van nieuwe pansori, oftewel jakchang. De eerste keer dat ik ooit een changgeuk zag was in Seoel in 1998. Terwijl ik zat te kijken naar Ahn Sook-sun als Chunhyang (hoofdrol in de canonieke changgeuk Chunhyangga), stelde ik mezelf ten doel ooit een changgeuk te regisseren. Destijds had ik net een meertalige regie van King Lear afgerond met artiesten uit heel Azië. Ik deed er bijna twintig jaar over om dit voornemen uiteindelijk te realiseren. Ik kon me niet voorstellen dat ik dit project zou aanvangen zonder medewerking van een sterke vrouwelijke stem. Ahn Sook-sun voegt haar onschatbare kennis toe aan dit epos over vrouwen die een oorlog proberen te overleven. Van de epiek van het klassieke Griekse theater naar de epiek van pansori, waarin de rauwe emotionaliteit van de menselijke stem nog altijd de rillingen over je rug kunnen doen lopen.

Ik had het geluk om kennis te maken met Jung Jae-il, onze andere componist. Ik wilde de rol van Helena van Troje ambigu maken en ik wilde begrijpen hoe pansori en eigentijdse muziek naast elkaar kunnen bestaan in changgeuk. Al vanaf het begin werd mij duidelijk dat Helena, die tussen de Grieken en de Trojanen in staat, een grensoverschrijdend personage is. Jean-Paul Sartre zag haar als een Europeaanse tussen Trojaanse vrouwen, die Aziatisch waren. Ik wilde het niet hebben over ras maar over gender, over een lichaam dat zich tussen het mannelijke en vrouwelijke in bevindt. Ik besloot een mannelijke pansori-zanger te casten, niet in drag of falsetto zingend, in de rol van Helena. Ik kon deze stoutmoedige aanpassing enkel maken met de hulp van Jung Jae-il, die zich volledig kon inleven in de stem van Helena, ergens tussen mannelijk en vrouwelijk in, een buitenstaander. Helena is knap en verguisd, een ‘provocatie door haar andersheid’, die de oorzaak is van de oorlog tussen Griekenland en Troje. We hebben het ook gehad over de muziek van de slaven die werden verscheept van Afrika naar Amerika. Jung Jae-il zag hierin onze link tussen het oude en nieuwe. Afrikaanse muziek werd de muziek van de zwarte bevolking in Amerika, van gospel en blues naar jazz en rap. Ik wilde de muziek die gezongen wordt door het koor van Trojan Women een eigentijdse klank geven, en daarmee een potentiele toekomst voor pansori tonen.

Het verbaast me nog altijd dat wat we vandaag gaan horen de essentie is van een verhaal dat gebeurt zou zijn rond 1200 v. Chr. en waardoor Homerus geïnspireerd raakte, waardoor Euripides geïnspireerd raakte, waardoor Jean-Paul Sartre geïnspireerd raakte. Nu is het veranderd in changgeuk en geeft het een nieuwe stem aan de pijn en de vrouwen die zichzelf met veel moeite probeerden te veranderen van oorlogsslachtoffers in oorlogsoverlevers. Terwijl ik dit schrijf, denk ik aan het eenzame standbeeld voor de Japanse troostmeisjes, dat luttele meters verwijderd was van mijn verblijfplaats in Seoel. We moeten vergeven en herinneren.

Meer informatie en tickets

HF BLOG