Blog

Column Stephan Sanders - Malik en de lange tenen.

Door: Stephan Sanders

17.6.2019

Malik en de lange tenen.

Le Jeune Noir À Lepée 1900X900

 Op het podium enkel gekleurde mannen: in de zaal vooral toch blanke festivalgangers, gemengd met een kleine minderheid van kleur.

 Hoe erg is dit?

 Abd Al Malik heeft dit eerder meegemaakt, weet ik uit ervaring, want de première  van zijn Le jeune noir à l'épée ( de jonge zwarte met het zwaard) vond plaats in Parijs, meer dan twee maanden geleden. De zaal was kleiner dan in het Muziekgebouw, maar de kleurverdeling tussen spelers en publiek was ongeveer navenant.

 Moet een podium een ‘afspiegeling’ zijn van een zaal? Moet de zaal ‘gerepresenteerd’ zijn op het podium?

 Vragen van een academische urgentie, die er in de praktijk niet veel toe doen.

 Want de Amsterdamse zaal is dolenthousiast over Abd Al Malik, over de dansers en de andere musici. Omdat hij zwart is? Omdat hij Frans-zwart is? Wordt hier een schuldgevoel weg geapplaudisseerd? Gehoopt op een ‘aflaat’?

 Ik geloof er niets van. Abd Al Malik staat in Frankrijk bekend als rapper, naast nog heel veel meer (schrijver, filmer, essayist). Maar vooral toch is hij een ‘gesproken woord’ artiest, die met een duizelingwekkende dictie zijn eigen teksten zing-zegt. Teksten die moeiteloos van de straat naar Charles Baudelaire gaan en weer terug. Om onderwijl ook nog even Alphonse de Lamartine mee te pikken (1790-1869, Frans dichter.) Met een energie die aansteekt, of je nu moeiteloos Frans verstaat, matig of gewoon niet. Okay, ik vlak de rol van de goede boventiteling niet uit.

 Stiekeme satisfactie van mij: in Amsterdam was het applaus langduriger en intenser dan in Malik’s hometown Parijs.

 Tweede, wat kinderachtige satisfactie: plaatsvervangend trots op deze zwarte man, deze gekleurde Fransman. Hij doet het toch maar, hij pakt iedereen in.

 Nadia Moussaid (HF-uitzending VPRO) vroeg me op camera vlak voordat het Holland Festival begon: ‘Waarom is dat zo belangrijk, theater, muziek en voorstellingen van over de hele wereld?’. Vriendelijk gehakkel van mijn kant, want overvallen en onvoorbereid.

 Maar nu heb ik het antwoord, Nadia Moussaid! En Abd Al Malik is mijn profeet.

 Landen kunnen ‘groot’ of ‘klein’ zijn, maar hun kunstgemeenschap is altijd klein: en zoals jij en ik uit ervaring weten is de gekleurde en zwarte kunst- en mediascene nog weer veel kleiner. Op het benauwde af, soms. Want iedereen kent iedereen, en de een heeft nog een kleine vete uit te vechten met de ander, want twee jaar geleden…  

 Klein is niet altijd fijn. Ressentimenten gedijen geweldig in zo’n micro klimaat.

 Maar dan komt er opeens een zwarte man uit Frankrijk, en die presenteert zich voluit als een Fransman, met de complete Franse culturele bagage. Hij eigent die zich toe, hij ís het, sans gêne; natuurlijk is Toulouse Lautrec van hem, en ook Leo Ferré, en Jean Paul Sartre.

 Ja, ja, afkomstig uit Congo, Brazaville. ‘Mijn wortels’ zegt hij zelf.

 ‘Maar mijn vruchten zijn Europees, Frans Europees.’

 Er zijn niet zoveel gekleurde Nederlanders die het hem nazeggen.

 Malik opent je eigen, kleine, bubbelwereld – de wereld van de lange tenen.

 En ineens is er ruimte genoeg.

  Stephan Sanders.

HF BLOG