Blog

Column Stephan Sanders - Janken om God & Hond.

Door: Stephan Sanders

10.6.2019


Janken om God & Hond.

6Bb 1900X900

 Ook dat gebeurt tijdens het Holland Festival; je komt mensen tegen die je jaren uit het oog verloor, en bij een volgende voorstelling tref je ze weer. Het clubgevoel, maar zonder nare ontgroeningen.

 Maar nog treffender is de hernieuwde kennismaking met wat je al dacht te kennen: De zes Brandenburgse Concerten van J.S Bach, dit keer gespeeld door het barok ensemble B’Rock, en, nog belangrijker, omgetoverd tot een dansfestijn door choreograaf Anne Teresa De Keersmaeker.

 Ik ken die Brandenburgse Concerten, ik kan ze stuk voor stuk mee neuriën; ik moet me verbijten dat niet te doen.

 Maar nu hoorde ik een nieuwe Bach, of beter gezegd, ik zag een nieuwe Bach: de Dansmeester, die zijn muziek zo componeert dat je op elke noot kan stappen, dat je een sleepje in je loop kan brengen, dat dat je even je tred kan vertragen.  Dat mag er dan allemaal wel inzitten, iemand moet al dat moois uitpakken, en laten zien.

 De Keersmaeker heeft Bachs partituur omgezet in bewegende lichamen, en ik hoorde dus muziek maar ik ZAG ook muziek. De openingsscene: het gezelschap wandelt van achteren naar voren, ze maken gewone, menselijke stappen, maar alles wat we overal op straat zien is getransformeerd tot iets dat buiten de dagelijkse orde valt. De beweging van de benen, de armen, de heupen die draaien. Ik wist niet dat een looppas zo magisch kon zijn. Zelf zegt de Keersmaeker in een interview met de Volkskrant: ‘Bach weet het aardse met het goddelijke te verbinden. ‘

 Waar, maar zij pakt het cadeau ook echt uit.

 God en Bach: het is een geheide combinatie, ook al omdat de componist veel van zijn werk ondertekende met SDG, Soli Deo Gloria, ‘alleen aan God de eer’. Diep gelovige man, Bach, met een ego van nog vóór Instagram.

 Er zijn genoeg mensen die niet in God geloven, maar die Bach toch voor een Godsbewijs houden. De Keersmaker noemt Bach’s partituur ‘de weerspiegeling van een goddelijke orde.’

 Mooi gezegd, maar het magistrale wat ze doet, is die goddelijke orde verbinden met het aardse. Ik bedoel: je kunt omhoog reiken, wat ook veel gebeurt door de dansers van het gezelschap Rosas, maar je kan het ‘goddelijke’ ook in de laagte zoeken.

 Eerst dit: ik ben geen uitgesproken dierenvriend. Als ik in de ogen van een kalkoen kijk zie ik twee miljoen jaar geen contact.

 Maar niet lang geleden zag ik een documentaire over blindegeleidehonden. De band tussen baas en hond was zo hecht, symbiotisch en roerend, dat ik ineens begreep wat mensen zo aangrijpt in dieren. Het is het buiten- menselijke, het net-niet- menselijke, dat er wel griezelig dicht tegen aan schuurt. De ezel die Gerard Reve beklom ter ere van God is van eenzelfde devote kracht als het knielen, met de blik gericht naar omhoog.

 En net toen ik dat had bedacht, van dat hoog en laag, kwam er opeens een hond het  toneel op, tussen de dansers. Hij blafte, hij bewoog uit de maat.

 Ik kon wel janken, en deed dat ook (geluidloos).

 Stephan Sanders.

HF BLOG