L'Étang

Gisèle Vienne

You are looking at a performance from our archive

Gelaagd en onderhuids familiedrama

Een kind voelt zich niet geliefd door zijn moeder. Om haar te testen doet hij net alsof hij zich verdrinkt in de vijver. Regisseur Gisèle Vienne onderzoekt met haar bewerking van Robert Walsers Der Teich (‘De Vijver’) ingewikkelde familierelaties. Ze kijkt naar de manier waarop gezinsleden met elkaar omgaan. Hun communicatie is opgebouwd uit verschillende lagen, van woorden tot lichaamstaal. Ze creëert een geheimzinnige spanning tussen ieders aan- en afwezigheid. Op een indirecte manier toont Vienne de bedrieglijke tegenstrijdigheden tussen wat er wordt gezegd en wat er zich onuitgesproken afspeelt. Net als met haar eerdere werk, werpt de regisseur ook met dit stuk licht op filosofische vraagstukken rond sociale normen. Daarbij schuwt ze de donkere krochten van de mens niet.

Achtergrondinformatie

In 1902 schreef Robert Walser in het Zwitserduits zijn korte stuk Der Teich als cadeau voor zijn zus. Het werd pas na zijn dood gepubliceerd. Walser was een meester in het beschrijven van innerlijke onrust en onuitgesproken spanning, emoties en associaties. Dit verhaal over een ingewikkelde moeder-zoonrelatie, waarbij de zoon met zelfmoord dreigt, gebruikt Vienne als basis om haar gedachten over (onderhuids) geweld in huiselijke kring vorm te geven. De hoofdpersonen, Frits en de twee moeders, worden gespeeld door twee actrices. 

Rolverdeling
Dezelfde twee actrices spelen ook de andere rollen. Zo speelt Adèle Haenel behalve Frits ook de rollen van alle kinderen in het stuk. Ruth Vega Fernandez speelt de rollen van de twee moeders en de vader. Vienne: ‘De acteurs verplaatsen zich in een andere sociale rol. Of die nu van een man of vrouw is, maakt in wezen niets uit.’

Familiegeweld
Vienne kiest vaak duistere onderwerpen. In L’Etang richt ze haar blik op geweld in een meer specifieke, familiaire setting. Ze onderzoekt de sociale rollen die mensen binnen een gezinssituatie aannemen en de manier waarop zij met elkaar communiceren. Wat ze daarbij bijzonder interessant vindt, is de manier waarop verschillende lagen van communicatie van elkaar kunnen afwijken en elkaar kunnen tegenspreken. Zo kan iemand over liefde spreken, terwijl zijn gezichtsuitdrukking of lichaamshouding tegelijkertijd geweld uitstraalt. 

Tekst
Deze verschillende lagen en vormen van expressie, die gelijktijdig kunnen plaatsvinden, kunnen allemaal gezien worden als ‘tekst’, als verschillende manieren van spreken. ‘Tekst beperkt zich niet tot letterlijk uitgesproken tekst’, legt Vienne uit. ‘We zijn cultureel opgevoed om bepaalde lagen te lezen, te horen of te zien, en om andere lagen te negeren. Ons waarnemingsysteem is cultureel opgebouwd, maar kan natuurlijk verschuiven en veranderen, en bijvoorbeeld kunstvormen kunnen aan deze beweging bijdragen. Het is interessant om, via het bewustzijn dat we van ons waarnemingssysteem kunnen ontwikkelen, het normatieve systeem waarin we ons bevinden te begrijpen en analyseren, en zo de hiërarchie tussen woorden en non-verbale uitdrukking te begrijpen.’ 

Interpretatieniveaus
In de enscenering van L'Étang zijn er talrijke interpretatieniveaus, waarvan er drie het gemakkelijkst te begrijpen zijn. Het eerste is dat van het verhaal zelf, zoals het letterlijk wordt gelezen. Het tweede is dat van de persoon die zich dit verhaal voorstelt, fantaseert of hallucineert, waarbij bepaalde elementen uiterst precies en levendig zijn, terwijl andere vager of zelfs afwezig zijn. Deze verschillen in waarneming kunnen op verschillende manieren zichtbaar en merkbaar worden gemaakt op het toneel, bijvoorbeeld door middel van verschillende gradaties van fysieke belichaming of het juist ontdoen van belichaming. Het kan ook door de verschillende benaderingen van tijdlagen, die zeer kenmerkend zijn voor de manier waarop Vienne beweging, muziek, licht en ruimte gebruikt en die, evenals de interpretatie van de tekst, juist de zintuiglijke waarneming van tijd overbrengen. De verschillende tijdsbestekken maken deel uit van deze gelaagde compositie, die hun formele articulatie en de ervaring van het heden mogelijk maakt. Dat heden bevindt zich tussen het werkelijke en het gefantaseerde en wordt met name gevormd wordt door herinnering, door het verleden en de verwachte toekomst. En dan het derde niveau, dat is wat we zien als we de conventies van het theater niet volgen: twee actrices in een witte ruimte, Adèle Haenel en Ruth Vega Fernandez, die dit stuk van Robert Walser opvoeren.

Achtergrondinformatie

Credits

gebaseerd op het boek Der Teich van
Robert Walser
concept, regie, scenografie, dramaturgie
Gisèle Vienne
uitgevoerd door
Adèle Haenel, Ruth Vega Fernandez
licht
Yves Godin
geluid
Adrien Michel
muzikale leiding
Stephen F. O'Malley
originele muziek
Stephen F. O’Malley, François J. Bonnet
tourassistent
Sophie Demeyer
advies
Dennis Cooper, Anja Rottgerkamp
Franse vertaling op basis van de Duitse vertaling van Händl Klaus en Raphael Urweider
Lucie Taïeb
medewerker scenografie
Maroussia Vaes
concept poppen
Gisèle Vienne
creatie poppen
Raphaël Rubbens, Dorothéa Vienne-Pollak, Gisèle Vienne in samenwerking met Théâtre National de Bretagne
productie toneelbeeld
Nanterre-Amandiers CDN
toneelbeeld en accessoires
Gisèle Vienne, Camille Queval, Guillaume Dumont
kostuums
Gisèle Vienne, Camille Queval
haar en make-up
Mélanie Gerbeaux
technische leiding
Richard Pierre
geluidstechniek
Adrien Michel, Mareike Trillhaas
hoofd licht
Iannis Japiot, Samuel Dosière
toneelmeester
Antoine Hordé
creatie performance in samenwerking met
Kerstin Daley-Baradel
speciale dank aan
Etienne Bideau-Rey, Nelson Canart, Patric Chiha, Zac Farley, Pauline Jakobiak, Jean-Paul Vienne, César Van Looy
productie en verspreiding
Alma Office: Anne-Lise Gobin, Alix Sarrade, Camille Queval, Andrea Kerr
administratie
Etienne Hunsinger, Giovanna Rua
productie
DACM
productie
Nanterre-Amandiers CDN; Théâtre National de Bretagne; Maillon, Théâtre de Strasbourg – Scène européenne; Holland Festival; Fonds Transfabrik – Fonds franco-allemand pour le spectacle vivant; Centre Culturel André Malraux, Scène nationale de Vandœuvre-lès-Nancy; Comédie de Genève; La Filature, Scène nationale de Mulhouse; Le Manège, scène nationale – Reims; MC2: Grenoble; Ruhrtriennale; TANDEM Scène nationale; Kaserne Basel; International Summer Festival Kampnagel Hamburg; Festival d’Automne à Paris; théâtre Garonne, scène européenne – Toulouse; CCN2–Centre chorégraphique national de Grenoble; BIT Teatergarasjen, Bergen; Black Box teater, Oslo
met steun van
CN D Centre national de la danse, La Colline – théâtre national and Théâtre Vidy-Lausanne
met dank aan
Point Ephémère voor het beschikbaar stellen van hun repetitieruimte; Playroom, SMEM, Fribourg voor hun geluidsstudio
Credits

Cookies

We make use of cookies

Accept

Cookie header text (EN)

Cookie Paragraaf header 1 (EN)

Cookie Paragraaf text 1 (EN)

Cookie Paragraaf header 2 (EN)

Cookie Paragraaf text 2 (EN)

Cookie Paragraaf header 3 (EN)

Cookie Paragraaf text 3 (EN)

Read more about the cookiepolicy