Pop en klassiek in unieke samenwerking

AAA ‘pop-art’

Son Lux, Koninklijk Concertgebouworkest

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Son Lux is een Amerikaanse popartiest die momenteel met zijn gelijknamige trio de internationale podia bestormt. In zijn tegendraadse arrangementen en avant-popnummers is een gedegen klassieke achtergrond te horen. Zijn wortels liggen in de folk en de Amerikaanse avant-garde. Hierin sluit hij aan bij Charles Ives, een van de grondleggers van de Amerikaanse experimentele muziek, van wie ook werk klinkt. In dit concert – met als thema ‘pop-art’ – speelt Son Lux samen met het Koninklijk Concertgebouworkest. Ook zingt sopraan Claron McFadden onder meer een nummer van Son Lux. Verwacht een set met zowel orkestrepertoire als nieuw werk van en met Son Lux. Dit is een muzikale blik in de toekomst.

Programma

Charles Ives (1874-1954)
Three Places in New England (1911/1914)

 

Son Lux (1979)

Songs

(arr. Jules Buckley)

 

Son Lux  (1979)
The Swift And The Storm

(arr. Jules Buckley)

 

George Crumb (1929)
Star-Child: eerste 3 delen (1977)

 

Andrew Norman (1979)
Unstuck (2008)

Biografieeën

Son Lux is de artiestennaam van de Amerikaanse zanger en producer Ryan Lott (1979). De muziek van Son Lux wordt vaak getypeerd als post-rock. Lott combineert rockmelodielijnen met synthesizers, electro-, hiphop- en triphopbeats en klassieke klanken. 

Pitchfork typeerde zijn muziek als ‘een unieke schakel tussen muzikale domeinen die elkaar maar zelden beroeren.’ Lott werkte van 2007 tot 2012 als componist van reclamemuziek in New York. In die periode bracht hij de albums At War with Walls & Mazes (2008), We Are Rising (2011) en de EP Weapons (2010) uit. Sinds 2012 werkt hij hoofdzakelijk aan eigen muziekprojecten. In 2013 verscheen Lott’s derde album Lanterns, in 2014 de EP Alternate World. Op zijn meest recente album Bones (2015) wordt Lott geflankeerd door drummer Ian Chang en gitarist Rafiq Bathia. Lott werkt ook samen met Sufjan Stevens en Serengeti in het collectief Sisyphus, waarmee hij de EP Beak & Claw (2012) en het album Sisyphus (2014) uitbracht. Daarnaast schreef hij de soundtracks van The Disappearance of Eleanor Rigby (2013) en Papertown (2015). Sinds 2014 werkt hij geregeld samen met grote ensembles, zoals het Young People’s Chorus of New York City en de Indianapolis Symphony Orchestra. 

De Duitse dirigent André de Ridder (1971) studeerde in Wenen bij Leopold Hager en in Londen bij Sir Colin Davis. Nog tijdens zijn studie kreeg hij een positie als assistent-dirigent bij het Bournemouth Symphony Orchestra. In het seizoen 2005-2006 was hij tevens assistent bij het Hallé Orchestra Manchester. 

De Ridder staat bekend om zijn eclectische programmeringen en projecten, waarin hij een dialoog tussen verschillende muzikale stijlen en genres nastreeft. Hij werkte samen met hedendaagse-muziekspecialisten als Musikfabrik, maar ook met de band Gorillaz, de Deense indierockband Efterklang en jazzmusicus Uri Caine. Met het Duitse elektronicaduo Mouse on Mars trad hij in januari 2011 op bij het Chicago Symphony Orchestra. In 2012 stond hij bovendien aan de wieg van ensemble stargaze, een internationaal gezelschap van jonge musici dat de grenzen slecht tussen pop, klassiek, elektronische muziek en hedendaags repertoire. 

De Ridder is veel actief in Groot-Brittannië, waar hij te gast was bij onder andere het BBC Symphony Orchestra, London Sinfonietta, het BBC Philharmonic en Britten Sinfonia. Daarnaast dirigeerde hij onder meer het Royal Stockholm Philharmonic Orchestra, Tapiola Sinfonietta, het SWR Sinfonieorchester Baden Baden und Freiburg en Camerata Salzburg.Sinds 2011 is De Ridder regelmatig in het Holland Festival te gast als dirigent (o.a. 2001: A Space Odyssey en Sunken Garden) of speelt hij viool, zoals in Brooklyn to Berlin met Solistenensemble Kaleidoskop en Lee Ranaldo). In januari 2016 maakte hij zijn debuut bij het Koninklijk Concertgebouworkest. 

Als operadirigent leidde De Ridder onder meer producties met werken van Mozart, Janáček en Henze. Hij dirigeerde de Engelse première van Gerald Barry's The Bitter Tears of Petra von Kant bij de English National Opera in 2005, de wereldpremière van Wolfgang Rihms Drei Frauen bij het Theater Basel in 2009 en de première van Donnacha Dennehys' The Last Hotel tijdens het Edinburgh International Festival 2015. In maart 2016 zal hij bij De Nationale Opera de wereldpremière van Only the sound remains leiden: twee opera's van Kaija Saariaho die door Peter Sellars tot één voorstelling werden gecombineerd. 

Het Koninklijk Concertgebouworkest wordt door de internationale kritiek tot 's werelds beste orkesten gerekend. Het staat bekend om de unieke klank en stilistische flexibiliteit en werkt met de meest vooraanstaande componisten en dirigenten. Zo stonden Gustav Mahler, Richard Strauss en Igor Stravinsky meer dan eens voor het orkest. Sinds de oprichting in 1888 zijn er zes chef-dirigenten geweest: Willem Kes, Willem Mengelberg, Eduard van Beinum, Bernard Haitink, Riccardo Chailly en, sinds 2004, Mariss Jansons. Hare Majesteit Koningin Máxima is beschermvrouwe. Jaarlijks worden ongeveer 250.000 concertbezoekers bereikt. Sinds 2004 heeft het Concertgebouworkest een eigen label: RCO Live. In 2013 werd RCO Universe gelanceerd, een innovatieve online toepassing met verrijkte concertregistraties voor iPad en iPhone. Op de Academie van het Koninklijk Concertgebouworkest worden jonge, talentvolle musici opgeleid in het orkestspel.

Meer

CREDITS

muziek
Charles Ives, Son Lux, George Crumb, Andrew Norman
Arrangementen Son Lux songs
Jules Buckley
dirigent
André de Ridder
sopraan
Claron McFadden
trombone, aanvoerder
Jörgen van Rijen
coproductie
Koninklijk Concertgebouworkest, Holland Festival

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR