Fascinerende reis door het grillige landschap van de menselijke geest

The Valley of Astonishment

Nederlandse première

Peter Brook, Marie-Hélène Estienne,
Bouffes du Nord

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Stel je een wereld voor waar elk geluid een kleur heeft. Waar elke kleur een smaak heeft. En waar het cijfer 8 een dikke dame is. The Valley of Astonishment verkent de fascinerende ervaringen van mensen die de wereld radicaal anders beleven dan wij. Regisseur Peter Brook en zijn acteurs combineren waargebeurde verhalen over dergelijke ervaringen en de resultaten van neurologische onderzoeken met het mystieke Perzische epos The Conference of the Birds, over een zoektocht van een groep vogels door zeven valleien. Ze nemen ons mee op een fantastische ontdekkingsreis door het woeste, onberekenbare landschap van de menselijke psyche, waar we uiteindelijk zullen neerstrijken in de vallei van verwondering.
Programma Icoon

'Theatre as it should be.'

The Telegraph over The Suit

Achtergrondinformatie

Na de opera Une flûte enchantée (Holland Festival 2011) keert de invloedrijke regisseur Peter Brook (1925) terug naar het Holland Festival met The Valley of Astonishment, wederom in samenwerking met Marie-Hélène Estienne. Brook noemt zijn The Valley of Astonishment een ‘theatraal onderzoek’. Het is een voortzetting van een onderwerp dat Brook en Estienne al eerder aansneden met de voorstelling The Man Who (Holland Festival 1995): hoe (anders) beleven patiënten met een neurologische aandoening de wereld? Daarbij baseerden Brook en Estienne zich op het werk van de Britse schrijver en neuroloog Oliver Sacks. Theater, aldus Brook, bestaat om ons te verwonderen. En daarbij zijn twee tegenstrijdige elementen nodig: het bekende en het buitengewone. The Man Who toonde gewone mensen die door hun ziekte abnormaal en onberekenbaar gedrag vertoonden, en daardoor in vroegere tijden vaak als krankzinnigen werden afgeschreven. Maar het onderscheid tussen deze personages en het publiek werd door de voorstelling bewust op een tragische, komische en ontroerende manier vertroebeld.

The Valley of Astonishment – net als The Man Who gespeeld door vier acteurs en een muzikant – is opnieuw een wonderlijke ontdekkingsreis door de menselijke hersenen, geïnspireerd op de meest recente inzichten uit de neurologische wetenschap. Maar Brook en Estienne gaan nu een stap verder. In deze productie wordt het publiek geconfronteerd met vier personages bij wie muziek, kleur, vormen, herinneringen, geuren en gevoelens extreem tegengestelde ervaringen oproepen. Stel je een wereld voor waar elk geluid ook een kleur heeft, iedere kleur een smaak, en waar het nummer 8 een dikke dame is. Deze adembenemende voorstelling onderzoekt de fascinerende beleveniswereld van bijzondere mensen, die door hun ziekte de wereld op een radicaal andere manier ervaren. Van het ene op het andere moment zwalken ze van hemel naar hel.

Daarnaast is de voorstelling geïnspireerd op een episch, mystiek gedicht van de Perzische dichter Farid al-Din ‘Attar, Conference of the Birds (1177) over dertig vogels die een zoektocht door zeven valleien moeten volbrengen – waarbij iedere vallei gevaarlijker en lastiger is te navigeren dan de voorgaande. In 1979 maakte Brook al eerder een enscenering van dit Perzische epos, nu wordt dit eeuwenoude verhaal in een nieuwe context geplaatst.

In zijn monumentale 70-jarige carrière als theater- en opera- en filmregisseur heeft Brook zich altijd beziggehouden met grote filosofische vraagstukken. Van zijn imposante theater- en filmbewerking van het vedische heldendicht The Mahabharata (1985, verfilmd in 1989), en zijn werk bij The Royal Shakespeare Company – met onder andere de invloedrijke stukken King Lear (1962, verfilmd in 1969) en Marat/Sade (1964, verfilmd in 1967), zijn versie van Dostojevski’s korte verhaal Le Grand Inquisiteur (2004) tot de minimalistische voorstelling over het leven van de vrijzinnige Afrikaanse sufi-mysticus Tierno Bokar (Holland Festival 2005). Brook is gefascineerd door mensen die de wereld in de volle intensiteit beleven: de zieke, de geestdriftige of de gek. The Valley of Astonishment is hierop geen uitzondering en richt zich op de vragen: Wat ervaren we écht? En ervaart iedereen de wereld op dezelfde manier?

In The Valley of Astonishment combineren Brook en Estienne de islamitische mystiek met de meest recente ontdekkingen uit de neurologische wetenschap. De voorstelling neemt de toeschouwer mee in een caleidoscopische zoektocht door de bergen, dalen en valleien van de woeste, onberekenbare menselijke psyche. En we belanden in de zesde vallei: die van de verwondering, waar elke stap leidt naar het onbekende.

Biografieën

In zijn 70-jarige carrière heeft Peter Brook (Londen, 1925) zijn naam gevestigd als een van de meest grensverleggende film- en theater- en operaregisseurs van zijn generatie. In 1943 regisseerde hij zijn eerste toneelstuk en bouwde sindsdien een monumentaal oeuvre op. Zijn werk wordt internationaal gerespecteerd, niet alleen door de enorme omvang en stilistische breedte, maar ook vanwege Brooks constante drang naar innovatie. Twintig jaar was hij huisregisseur van The Royal Shakespeare Company, waar bij verantwoordelijk was voor vernieuwende versies van Love’s Labour’s Lost (1946), Titus Andronicus (1955), King Lear (1962), Marat/Sade (1964) en A Midsummer Night’s Dream (1970). Hij verfilmde tevens veel van zijn succesvolle voorstellingen. Samen met Micheline Rozan richtte hij in 1971 het onderzoekscentrum Centre International de Créations Théâtrales op (CICT), dat in 1974 permanent gevestigd werd in het Théâtres des Bouffes du Nord in Parijs. Daar zagen producties zoals zijn epische bewerking van The Mahabharata (1985) het licht, naast voorstellingen als Ubu aux Bouffes (1977), Conference of the Birds (1979), The Tempest (1990), The Man Who (1994), Le Costume (1999), The Tragedy of Hamlet (2000), Le Grand Inquisiteur (2004) en Tierno Bokar (2005). Veel van deze producties werden tweetalig uitgebracht. Tegelijkertijd verdiende hij ook in de opera zijn sporen, met onder andere La Bohème (1948), Eugene Onegin (1957), La Tragédie de Carmen (1981), Don Giovanni (1998) en Une flûte enchantée (2011). In navolging van de ideeën van de Franse theatervisionair Antonin Artaud (1896 - 1948) en diens ‘theater van de wreedheid’ was Brook één van de eerste theatermakers van zijn generatie die de noodzaak inzag van een open, lege theaterruimte die meer contact tussen toeschouwers en spelers mogelijk maakte. Elke vorm van verdovend publiekscomfort moest worden uitgebannen. Rechtstreekse, rauwe menselijke verbintenis ziet hij als de essentie van goed theater. Brook werd onder andere bekroond met twee Tony Awards for Best Direction of a Play, de International Emmy Award, The Ibsen Award en de Britse eretitels Commander of the Order of the British Empire (1965) en Companion of Honour (1998), naast de Franse titel Commandeur de la Légion d'honneur (2013).

 

Regisseur, dramaturg en schrijver Marie-Hélène Estienne begon haar carrière als theatercriticus en journalist voor de Franse kranten Le Nouvel Observateur en Les Nouvelles Littéraires. Naar eigen zeggen ‘verveelde ze zich dood’ in dat vak, en ging zich toeleggen op de productie. Als assistent van Michel Guy leverde ze een bijdrage aan de programmering van het Paris Festival d'Automne en in 1974 benaderde ze Peter Brook met het verzoek om met hem te mogen werken. Brook stemde toe, en Estienne werd na de casting voor Timon of Athens ingelijfd bij Brooks Centre International de Créations Théâtrales (CICT), waar ze in 1977 werd betrokken bij Ubu aux Bouffes. Bij het CICT groeide ze uit tot Brooks assistent, huisschrijver en dramaturg. Ze werkte onder andere aan Le Tragédie de Carmen (1981), The Mahabarata (1985) en The Tempest (1990), schreef en bewerkte The Man Who (1994) en Le Grand Inquisiteur (2004) – gebaseerd op Dostojevski’s korte verhaal uit De Gebroeders Karamazov, en was verantwoordelijk voor de tekst van Tierno Bokar (2005). Samen met Brook en componist Franck Krawczyk presenteerde ze op het Holland Festival in 2011 een eigen, uitgeklede versie van Die Zauberflöte (Mozart/Schikaneder): Une flûte enchantée. Estienne: ‘In het theater is het heel prettig om verantwoordelijkheden te kunnen delen. Peter en ik begrijpen elkaar en hebben een goede werkrelatie en communicatie. Hij is een genie: altijd slim, onvoorspelbaar en open.’

CREDITS

een theatraal onderzoek door
Peter Brook en Marie-Hélène Estienne
regie
Peter Brook, Marie-Hélène Estienne
licht
Philipe Vialatte
met
Kathryn Hunter, Marcello Magni, Jared McNeill
musici
Raphael Chambouvet, Toshi Tsuchitori
productie
C.I.C.T / Théâtre des Bouffes du Nord
coproductie
Theater for a New Audience, New York, Les Théâtres de la Ville de Luxembourg
associate producers
Théâtre d’Arras / Tandem Arras Douai, Théâtre du Gymnase, Marseille, Warwick Arts Centre, Holland Festival, Attiki Cultural Society, Athene, Musikfest Bremen, C.I.R.T., Théâtre Forum Meyrin, Genève, Young Vic Theatre, Londen

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR