Koken in de keuken van het leven

The Kitchen

Nederlandse première

Roysten Abel

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Dit is geen kookprogramma. Dit is koken als metafoor voor het leven. De Indiase regisseur Roysten Abel serveert een rituele samensmelting van zien, horen, ruiken en proeven, op zoek naar de perfecte balans. Op het podium speelt zich een drama zonder woorden af tussen een echtpaar dat in grote potten een traditionele ‘payasam’ bereidt. Achter hen worden geleidelijk twaalf trommelaars zichtbaar die op mizhavu’s spelen, ketelvormige trommels uit de Indiase streek Kerala. Het aanzwellende geluid van de trommels, het fraai belichte schouwspel en de zich verspreidende geuren van het eten werken als in een trance-opwekkende meditatie naar een kookpunt toe dat alle zintuigen streelt. Ook de smaak, want het publiek mag de payasam na afloop proeven.
Programma Icoon

‘It’s the sort of escapist theatre that takes you back home, instead of further away from it …’

The Hindu

Achtergrondinformatie

De Indiase theatermaker Roysten Abel keert terug naar het Holland Festival met zijn nieuwste productie. The Kitchen is een unieke voorstelling waarin muziek en gastronomie op bijzondere wijze samengaan. In 2009 was Abel in het Holland Festival met de bij publiek en kritiek geliefde voorstelling The Manganiyar Seduction. Hierin speelden 43 manganiyars – volksmusici uit Rajasthan – muziek in een decor dat aandeed als een kruising tussen de Amsterdamse rosse buurt en een adventkalender. De bezetting van The Kitchen is wederom tamelijk ongewoon: 12 mizhavu-drummers uit Kerala – de geboortestreek van Abel – delen het podium met twee Indiase acteurs die op de voorgrond een maaltijd bereiden. Net als in The Manganiyar Seduction zet Abel de muzikale volkstraditie in voor een eigentijdse voorstelling.

Abel kreeg het idee voor The Kitchen toen hij een aantal jaar geleden in de Turkse plaats Konya het graf van de dertiende-eeuwse soefi-dichter Roemi bezocht, een geliefd bedevaartsoord. Hij zag die plek als een smeltkroes van meditatie, dans en kookkunst – vlakbij de plaats waar Roemi had gebeden en gemediteerd met zijn volgelingen bevond zich de keuken waar gekookt werd voor de wachtenden. Het koken vond hier in feite plaats op verschillende niveaus, aldus Abel: het bereiden van voedsel, maar ook van de ziel van de nieuwelingen en dan nog het ‘kosmische koken’ van de soefi’s. Toen hij Konya verliet had Abel de ingrediënten voor zijn nieuwe voorstelling bij elkaar. 

Het toneelbeeld van The Kitchen wordt gedomineerd door een bijzondere installatie in de vorm van een reusachtige mizhavu-trommel, waarin de drummers als op een étagère plaatsnemen. De mizhav of mizhavu is een grote koperen trommel die uitsluitend met de handen bespeeld wordt en die als begeleidingsinstrument gebruikt wordt in de traditionele podiumkunsten, kutiyattam (theater) en kuttu (dans), uit de staat Kerala. Kutiyattam, waarvan wordt gezegd dat de traditie tweeduizend jaar oud is, staat sinds 2001 op de Lijst van meesterwerken van het orale en immateriële erfgoed van de mensheid van UNESCO. De uitvoering van kutiyattam en kuttu vindt plaats in de context van tempelrituelen door leden van de Nambiar-gemeenschap, een bepaalde matrilineaire afstammingslijn binnen de hindoeïstische Ambalavasi-kaste. De mizhavu is volgens de overlevering door de goden geschonken en wordt als heilig beschouwd. In The Kitchen is de functie van de drummers eigenlijk niet zoveel anders dan in de tempel: met ritmes die op den duur een tranceachtige toestand teweegbrengen verzorgen zij de akoestische omlijsting van een ritueel dat zich op de voorgrond voltrekt. 

Hoewel twee acteurs het stuk dragen noemt Abel The Kitchen nadrukkelijk geen toneelstuk maar een theaterwerk in de ruimste zin van het woord. Er is geen dialoog en het bühnebeeld is grotendeels statisch – afgezien van de bewegingen die horen bij het trommelen en koken. De acteurs spelen een getrouwd stel dat van elkaar vervreemd is geraakt en zich geleidelijk, zonder hoorbare verbale uitwisseling, verzoent tijdens de bereiding van paal payasam (Indiase rijstpudding). De overdrachtelijke betekenis is duidelijk: ook hun verhouding tot elkaar en tot de wereld is een vorm van ‘koken’. Het bijwonen van hun persoonlijke problemen in de zeer private omgeving die een keuken is, plaatst de toeschouwer in een ongemakkelijk voyeuristische positie. De vierde muur van het theater ontbreekt volledig, het publiek maakt deel uit van de voorstelling – letterlijk, want aan het einde nodigt het stel iedereen uit om te delen in hun vers bereide paal payasam. 

Een enthousiaste criticus van The Hindu merkte na de première op dat een beschrijving de productie onmogelijk recht kon doen: ‘Het is iets dat moet worden ervaren – kijken alleen is niet genoeg. Het is een reis die je onderneemt, als individu en als onderdeel van een collectief.’

Biografie

Regisseur Roysten Abel, geboren in Kerala in Zuid-India, heeft gedurende het afgelopen decennium een bijzondere stijl van muzikaal theater ontwikkeld. Aanvankelijk zag het er helemaal niet naar uit dat hij in het theater terecht zou komen: hij richtte zich op een carrière in het handelswezen, vooral op aandringen van zijn ouders. Na een aantal mislukte opleidingen hield hij de commercie voor gezien en schreef hij zich in voor de theaterschool. In 1994 studeerde Abel af aan de National School of Drama; daarna werkte hij als stagiair bij de Royal Shakespeare Company in Londen. Een jaar later ging hij terug naar India en richtte daar de Indian Shakespeare Company op, waarmee hij aanvankelijk vooral klassiek toneel maakte. Een keerpunt was zijn eerste eigen werk, Othello – a play in black and white (1999), dat zijn internationale doorbraak betekende. In 2008 stond hij ermee in het Koninklijk Instituut voor de Tropen in Amsterdam.

Abel betrok in zijn voorstellingen straatartiesten die zonder werk zaten, zoals magiërs, acrobaten, poppenspelers en musici. Die bijzondere opzet bleef niet onopgemerkt en leidde onder meer tot de uitnodiging om in Rimini, de stad van Fellini, een voorstelling te maken over deze grote Italiaanse regisseur. In zijn projecten reserveerde Abel steeds vaker een hoofdrol voor de muziek, bijvoorbeeld in de vorm van fluitspelende slangenbezweerders in A Hundred Charmers. In The Manganiyar Seduction (te zien in het Holland Festival van 2009) werkte Abel samen met Manganiyar-musici uit het noorden van India en in The Kitchen zijn het musici uit zijn eigen geboortestreek Kerala. In Jaisalmer creëert Roysten Abel momenteel een International Center for Contemporary Traditional Performances dat in 2015 klaar zal zijn.

CREDITS

regie
Roysten Abel
toneelbeeld
Neeraj Sahay
lichtontwerp
Roysten Abel
geluidsregie
Subraamnian Manoharan
kostuums
Mandakini Goswami
regie-assistent
Dinesh Yadav
mizhavspelers
Kalamandalam Rajeev, Kalamandalam Hari Haran, Kalamandalam Narayanan Nambiar, Kalamandalam Dhanaraj, Kalamandalam Ratheesh Bhas, Kalamandalam Ammannoor Ravikumar, Kalamandalam Vineesh, Kalamandalam Jayaraj, Kalamandalam Ezhikode Vineeth, Namboodhiri Kalamandalam Sajith Vijayan, Kalamandalam Manikandan, Kalamandalam Saji Kumar
koks
Mandakini Goswami, Dilip Shankar
stage manager
Anil Ramachandra
productie
Can & Abel Theatres, Roysten Abel
coproductie
Holland Festival, Sydney Festival, Auckland Festival

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR