Philip Glass’ avontuurlijke synthese van traditionele opera en modern minimalisme

the CIVIL warS - Rome

Philip Glass, Radio Filharmonisch Orkest, Groot Omroepkoor

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

De opera Rome van Philip Glass uit 1983 was het laatste deel van Robert Wilsons spraakmakende project the CIVIL warS. Wilson voerde in zijn enscenering een reeks stemmen op, van Abraham Lincoln en zijn krankzinnige weduwe Mary tot de Italiaanse vrijheidsstrijder Giuseppe Garibaldi en de Griekse held Herakles. Glass zette Wilsons rijkgeschakeerde libretto op kleurrijke, heldere muziek vol wisselende patronen van melodieën en ritmes, en smeedde zo een avontuurlijke synthese van modern minimalisme en 400 jaar Italiaanse operatraditie. Het Radio Filharmonisch Orkest brengt een concertante uitvoering van de opera met een vijfkoppige zangerscast op het podium. Glass-expert Dennis Russel Davies dirigeert.

the CIVIL warS wordt opgenomen door de NTR en uitgezonden op vrijdag 20 juni om 20.00 uur in het Avondconcert op Radio 4.

Naamloos 17   Programma Icoon

‘… most special about the CIVIL warS’ Rome Section is the range and variety of the vocal and instrumental color …’

Classical Music Review

Achtergrondinformatie

Alleen de titel al doet vermoeden dat er een opmerkelijk verhaal schuilgaat achter deze opera. CIVIL warS, part V (Rome) uit 1984 van componist Philip Glass en regisseur Robert Wilson is een mysterieuze moderne klassieker. Eerder hadden Glass en Wilson samen al de baanbrekende opera Einstein on the beach (1976) gemaakt en hun hernieuwde samenwerking was het meest succesvolle en spraakmakende onderdeel van het CIVIL warS-project van Robert Wilson. De ‘Rome-sectie’, het deel waarvoor hij met Glass samenwerkte, wordt niettemin zelden uitgevoerd.

CIVIL warS is een ambitieus project van epische omvang, waarvan de volledige titel luidt: the CIVIL warS: a tree is best measured when it is down. Het is een omvangrijke opera in vijf aktes die regisseur Robert Wilson in de vroege jaren 80 initieerde met muziek van verschillende componisten, onder wie Philip Glass, David Byrne en Gavin Bryars. Het werk is nooit in zijn totaliteit uitgevoerd. Het uitgangspunt was een tekst van Wilson, waarvoor hij zich liet inspireren door foto’s uit de Amerikaanse Burgeroorlog. Geleidelijk dijde het project uit en kregen ook andere volkeren en hun oorlogen er een plek in. Wilson verklaarde de merkwaardige schrijfwijze van de titel vanuit de wens om het ‘burgerlijke’ en de veelvuldigheid van het fenomeen oorlog te benadrukken.

Het oorspronkelijke idee was een muziektheaterwerk dat een hele dag zou duren en dat zou worden uitgevoerd tijdens de Olympische Zomerspelen van 1984 in Los Angeles. Componisten en schrijvers uit allerlei verschillende landen zouden libretto’s en muziek maken op basis van de tekst die Wilson had geschreven; deze zes delen zouden hun première beleven in de verschillende landen van herkomst en vervolgens worden samengesmolten in een uitvoering tijdens de Olympische Spelen. Die uitvoering van het complete werk werd uiteindelijk geannuleerd. Hoewel het Olympisch Comité aanbood om bij te dragen in de kosten, kwam de financiering niet rond, en bovendien werden in de enorme logistiek verschillende deadlines niet gehaald. Vier van de zes delen werden afzonderlijk wel in première gebracht, telkens in een regie van Wilson: in Minneapolis, Rome, Rotterdam en Keulen.

De Rome-sectie omvat de hele vijfde en laatste akte van CIVIL warS. Voor de tekst, in het Latijn, Italiaans en Engels, werkte Wilson samen met schrijfster Maita di Niscemi. Het deel ging in maart 1984 in première in het Teatro dell'Opera di Roma. Glass begon pas laat in de ontstaansgeschiedenis van het werk te componeren, toen Wilson al een volledige geluidsloze versie op video had vastgelegd. Als een filmcomponist heeft Glass zijn partituur vervolgens op het ritme van de handeling geschreven. Werken aan een opera in Rome bracht Glass bovendien nadrukkelijk in contact met 400 jaar Italiaanse operageschiedenis en in vergelijking met bijvoorbeeld Einstein on the beach is Glass’ schrijfwijze in CIVIL warS opvallend operatesk, hoewel het persoonlijke stempel van zijn klanktaal steeds onmiskenbaar aanwezig is.

De akte is onderverdeeld in een proloog en drie scènes. De proloog, waarin onder anderen Abraham Lincoln optreedt, heeft turbulente openingsmuziek met trompetgeschal, die een samenvatting lijkt van wat er vooraf is gegaan – de vier ontbrekende aktes. In scène A maakt Giuseppe Garibaldi zijn opwachting, de nationalistische strijder die in dezelfde periode als de Amerikaanse Burgeroorlog een cruciale rol speelde bij de eenwording van Italië. Terwijl Garibaldi zingt, dansen zijn soldaten samen met een groep Hopi-indianen op een brug tussen twee ruimteschepen – een proeve van de soms absurdistische beeldtaal van Wilson. In scène B staat de Amerikaanse Burgeroorlog zelf centraal, met monologen van de Zuidelijke generaal Robert E. Lee, die al pratend gewichtloos in de ruimte zweeft, en de vrouw van President Lincoln, Mary Todd Lincoln. Dit is het zwaartepunt van de opera. Scène C, met onder meer Hercules, is een elegische mijmering die veel weg heeft van een romantisch Italiaans requiem.

the CIVIL warS - Rome wordt op vrijdag 19 juni in het Muziekgebouw aan ’t IJ uitgevoerd door het Radio Filharmonisch Orkest en Groot Omroepkoor onder leiding van Dennis Russell-Davies. De solisten zijn sopraan Sara Hershkowitz (Snow Owl/Alcmena), alt Cécile van de Sant (Mother/Mrs. Lincoln), tenor Donald Kaasch (Garibaldi), bariton Christian Miedl (Abraham Lincoln) en bas Jaco Huijpen (Hercules).

Biografieën

Philip Glass (1937) is een Amerikaanse componist en pianist. Hij wordt beschouwd als grondlegger van de minimal music. Glass werd geboren in Baltimore, Maryland, en studeerde af aan de University of Chicago en de Juilliard School of Music in New York. In de vroege jaren zestig bracht hij twee jaar door in Parijs om daar te studeren bij Nadia Boulanger. Hij verdiende er wat geld door Ravi Shankars Indiase muziek over te zetten in westerse muzieknotatie. Weer terug in New York paste hij de oosterse technieken toe in zijn eigen muziek. In 1974 bracht Glass een aan­tal opvallende en vernieuwende projecten tot stand, waarbij hij een grote verzameling nieuwe muziek schreef voor zijn eigen Philip Glass Ensemble en voor de Mabou Mines Theater Company, waarvan hij medeoprichter was. Deze periode culmineerde in Music in 12 Parts (te zien in het Holland Festival van 2007) gevolgd door Einstein on the beach, de opera die hij in 1976 samen met Robert Wilson schreef en die een mijlpaal zou blijken. Sinds Einstein on the beach, onlangs nog in een herneming te zien bij de Nederlandse Opera, heeft Glass zijn repertoire uitgebreid met kamermuziek, orkest­werken en muziek voor opera, dans, theater en film. Zo maakte hij in de jaren negentig een trilogie van muziektheaterstukken, gebaseerd op de films van Jean Cocteau: Orphée, La Belle et La Bête en Les Enfants Terribles. Voor veel van zijn muziek ontving hij prijzen. Philip Glass is nog altijd productief: tot zijn recente werken behoren de Symphony No. 10 en de opera The perfect American. Glass verzorgt over de hele wereld lezingen, workshops en solo-optredens vanachter de toetsen, en hij treedt nog geregeld op met het Philip Glass Ensemble.

Dennis Russell Davies (1944) is een Amerikaanse dirigent en pianist. Hij studeerde piano en orkestdirectie aan de Juilliard School of Music in New York waar hij zijn doctoraat ontving. Davies is een bekend interpreet van hedendaagse muziek, waaronder het werk van Hans Werner Henze, William Bolcom en Philip Glass. Hij gaf opdracht voor nieuwe composities en heeft de eerste uitvoeringen geleid en opgenomen van vele stukken van nog levende componisten. Daarnaast beheerst hij ook het klassieke standaardrepertoire. Als dirigent en pianist heeft Davies meer dan tachtig opnamen gerealiseerd, waaronder Coplands Appalachian Spring met het Saint Paul Chamber Orchestra (waarvoor hij een Grammy Award won), Arvo Pärts Fratres en Miserere, en vele van de opera's en symfonieën van Philip Glass, waaronder diens Symphony No. 5, die aan Davies is opgedragen. Davies is chef-dirigent van het Sinfonieorchester Basel en artistiek leider en chef-dirigent van het Bruckner Orchester Linz en de opera aldaar. Hij wijdde het nieuwe operahuis van Linz in met de wereldpremière van Glass’ The Lost in april 2013. Sinds 2011 is Davies artistiek leider van het Orchestre Français des Jeunes. Hij dirigeert dit orkest jaarlijks in de zomer en in de winter tijdens tournees door Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk. Dennis Russell Davies is emeritus professor orkestdirectie aan het Mozarteum in Salzburg en eredirigent van het Stuttgarter Kammerorchester. In de Verenigde Staten is hij eredirigent van het American Composers Orchestra, waarvan hij medeoprichter is, en Fellow van de American Academy of Arts and Sciences.

Martin Wright was artistiek leider van het Koor van de Nederlandse Opera van 2006 tot 2012. Van 1984 tot 1997 was hij koordirigent van de San Diego Opera en bekleedde hij vergelijkbare functies bij onder meer de Los Angeles Opera, de Arizona Opera, de Music Academy of the West, de Wolf Trap Foundation for the Performing Arts en het Rundfunkchor Berlin. Als zanger vertolkte hij meer dan dertig operarollen en trad hij concertant op met orkesten in de Verenigde Staten, Azië en Europa, alwaar hij in 1981 debuteerde tijdens het Holland Festival. Wright was muzikaal directeur van de San Diego Master Chorale en eerste gastdirigent van de Lyric Opera San Diego. Van 1993 tot 2002 was hij chef-dirigent van het Groot Omroepkoor, waar hij nog geregeld terugkeert als gastdirigent. In 2009 was hij lid van de Faculteit van de Kurt Thomas Stichting voor koordirigenten. In 2010 heeft hij het Koor van de Shanghai Opera voorbereid voor Beethovens Fidelio en de Negende symfonie met het Hong Kong Philharmonisch Orkest onder leiding van Edo de Waart. Hij werd in 2011 benoemd tot eredirigent van datzelfde koor. Ook werkte hij met het Koor van de Beierse Radio aan Tsjaikovski’s Yevgeni Onegin onder leiding van Mariss Jansons. In 2013 heeft hij dit koor, samen met de koren van de NDR en WDR, voorbereid voor Wagners Der Fliegende Holländer met Andris Nelsons en het Koninklijk Concertgebouworkest. Wright maakte tweemaal deel uit van de jury van het Internationaal Vocalisten Concours. Met ingang van het seizoen 2013/2014 is hij benoemd als koordirigent van de Deutsche Staatsoper Unter den Linden in Berlijn.

Het Radio Filharmonisch Orkest (RFO) bezet een prominente plaats in het Nederlandse muziekleven. Door een onuitputtelijk streven naar de hoogste artistieke kwaliteit en een uitgebalanceerde programmering groeide het momenteel honderd musici sterke orkest uit tot een van de beste orkesten van Nederland. Het orkest werd in 1945 opgericht door Albert van Raalte en werd nadien geleid door achtereenvolgens Paul van Kempen, Bernard Haitink, Jean Fournet, Willem van Otterloo, Hans Vonk, Sergiu Comissiona, Edo de Waart en Jaap van Zweden. In 2012 werd Markus Stenz aangesteld als chef-dirigent. De Amerikaanse dirigent James Gaffigan is vaste gastdirigent sinds het seizoen 2011-2012. Met ingang van augustus 2013 maakt het RFO deel uit van de Stichting Omroep Muziek, samen met het Groot Omroepkoor en de productie-afdeling van de concert­series van Radio 4 (NTR en AVROTROS).

Het RFO werkte samen met befaamde gastdirigenten als Leopold Stokowski, Kirill Kondrashin, Antal Doráti, Riccardo Muti, Kurt Masur, Charles Dutoit, Mariss Jansons, Michael Tilson Thomas, Gennady Rozhdestvensky, Peter Eötvös, Vladimir Jurowsky en Valery Gergiev. Het RFO levert belangrijke bijdragen aan de NTR ZaterdagMatinee en Het Zondagochtend Concert in het Amsterdamse Concertgebouw, en aan De Vrijdag van Vredenburg te Utrecht. Het RFO excelleert in bijzonder geprogrammeerde symfonische concerten en concertante opera-uitvoeringen, waarbij het regelmatig eerste uitvoeringen in Nederland en wereldpremières betreft. Naast de concerten in de omroepseries was het RFO onder andere te horen op het Festival Musica 2008 en tijdens de BBC Proms 2011 in de Royal Albert Hall.

Het Radio Filharmonisch Orkest heeft een indrukwekkende plaat- en cd-catalogus opgebouwd. Op verschillende labels verschenen vanaf de jaren 70 legendarische grammofoonplaten met dirigenten als Leopold Stokowski en Antal Doráti. Onder leiding van Jean Fournet werd een serie cd’s gerealiseerd met Frans repertoire. Opnamen van de complete symfonieën van Mahler onder leiding van Edo de Waart verschenen op cd, alsook een unieke Wagner-box en de complete orkestwerken van Rachmaninov. Cd’s met werken van hedendaagse componisten als Jonathan Harvey, Klas Torstensson en Jan van Vlijmen werden onderscheiden met prijzen en eervolle vermeldingen. Met dirigent Mark Wigglesworth werden de symfonieën van Sjostakovitsj op cd vastgelegd, en onder leiding van Jaap van Zweden verscheen een Bruckner-cyclus. De live-registratie van Wagners Parsifal, in de NTR ZaterdagMatinee onder leiding van Van Zweden, werd onderscheiden met de Edison Klassiek 2012 in de categorie Opera.

Het Groot Omroepkoor is met zestig vocalisten het grootste professionele koor van Nederland. Sinds de oprichting in 1945 brengt het koor een breed repertoire, uiteenlopend van barok tot en met eigentijdse muziek. Voor de uitvoering van dit repertoire werkt het koor in wisselende bezettingen, afhankelijk van het werk en de wens van de dirigent. Het Groot Omroepkoor werkte samen met gastdirigenten als Marcus Creed, Peter Dijkstra, Stefan Parkman en Kaspars Putniņš, met oude-muziekspecialisten als Frans Brüggen, Philippe Herreweghe, Nikolaus Harnoncourt en Ton Koopman. In het grote koorsymfonische repertoire en concertante operaproducties werd opgetreden onder leiding van dirigenten als Jaap van Zweden, Riccardo Chailly, Peter Eötvös, Sir Simon Rattle en Mariss Jansons.

Het Groot Omroepkoor treedt veelal op met het Radio Filharmonisch Orkest in de concertseries van de publieke omroep, en wordt daarnaast met enige regelmaat uitgenodigd door het Koninklijk Concertgebouworkest, het Rotterdams Philharmonisch Orkest en de Berliner Philharmoniker. In de NTR ZaterdagMatinee voerde het koor vele wereldpremières uit, en werken van hedendaagse componisten als Ligeti, Boulez, Birtwistle, Kagel, Reich, Wagemans, Adès en Adams. Op cd’s schittert het Groot Omroepkoor in een breed repertoire, met opnamen van onder meer Keuris, MacMillan, Mahler, Poulenc, Rossini en Wagner.

De eerste officiële chef-dirigent van het Groot Omroepkoor was Kenneth Montgomery. Na hem waren respectievelijk Robin Gritton, Martin Wright, Simon Halsey en Celso Antunes chef-dirigent van het koor. Sinds het seizoen 2012-2013 is Gijs Leenaars chef-dirigent. Michael Gläser is vaste gastdirigent van het koor sinds september 2010. Vanaf augustus 2013 maakt het Groot Omroepkoor deel uit van de Stichting Omroep Muziek, samen met het Radio Filharmonisch Orkest en de productie-afdeling van de concertseries van Radio 4 (NTR, AVROTROS).

CREDITS

muziek
Philip Glass
libretto
Robert Wilson, Maita di Niscemi
dirigent
Dennis Russell Davies
zang
Sara Hershkowitz, sopraan (Snow Owl/Alcmena)
Cécile van de Sant, alt (Mother/Mrs. Lincoln)
Donald Kaasch, tenor (Garibaldi)
Christian Miedl, bariton (Abraham Lincoln)
Jaco Huijpen, bas (Hercules)
uitvoering
Radio Filharmonisch Orkest
Groot Omroepkoor
koordirigent
Martin Wright
techniek
Jan Panis
productie
NTR, Holland Festival
in opdracht van
Opera di Roma

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR