Luigi Nono: Symposium
“… Hay que caminar …” (2)

Luigi Nono’s musical paths between politics and art

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Tijdens een tweedaags symposium in samenwerking met de Universiteit van Amsterdam wordt door een keur aan internationale sprekers nader ingegaan op verschillende facetten van Nono’s leven en werk. Aan bod komen onder meer de rol van zijn politieke engagement, zijn gebruik van nieuwe muzikale technieken en van elektronica, de rol van stilte in zijn werk en zijn bezoeken aan Nederland. Beide dagen zijn publiek toegankelijk, waarbij de eerste dag (in het Universiteitstheater) een meer wetenschappelijk karakter heeft, en er voor de tweede dag (in het Transformatorhuis, Westergasfabriek) een wat algemenere invalshoek gekozen is.
Programma Icoon

PROGRAMMA

Moderator: Michel Khalifa

 

13.00-13.15 ontvangst met welkomstwoord Pierre Audi

13.15-14.00 Nuria Schoenberg-Nono (president Archivio Luigi Nono)

14.00-14.45 Konrad Boehmer (componist)

14.45-15.15 pauze

15.15-16.00 David Levin (University of Chicago)

16.00-16.45 André Richard (componist)

16.45-17.00 afsluiting

Biografie

Luigi Nono (1924-1990) volgde vanaf 1941 compositielessen bij Gian Francesco Malipiero. Het zwaartepunt van die lessen lag bij werken uit de 16e en 17e eeuw, waaraan hij een levenslange fascinatie voor polyfonie overhield, en bij de in fascistisch Italië verboden muziek van de Tweede Weense School. Overeenkomstig de wens van zijn familie ging hij rechten studeren in Padua waar hij in 1946 afstudeerde. Ontmoetingen met Bruno Maderna en dirigent Hermann Scherchen deden zijn bewondering voor de muziek van Webern en Schönberg alleen maar toenemen en in 1950 nam hij voor het eerst deel aan de ‘Zomercursussen voor nieuwe muziek’ in Darmstadt. In de jaren vijftig bezocht hij de cursussen in Darmstadt regelmatig, van 1957 tot 1960 ook als docent, en een aantal van zijn composities ging daar in première. Bij een uitvoering van Schönbergs opera Moses und Aron in Hamburg ontmoette hij Schönbergs dochter Nuria, met wie hij in 1953 trouwde.
Sinds 1952 was Nono lid van de communistische partij en een groot aantal van zijn werken heeft een politieke lading. Vanaf 1960 gaf hij les in onder meer Polen en de Sovjet-Unie.
In de loop van zijn carrière legde hij zich steeds meer toe op elektronische muziek. Samen met Boulez en Stockhausen wordt Nono tot de belangrijkste vertegenwoordigers van de Darmstadt School gerekend, maar anders dan zijn twee collega’s heeft hij van meet af aan een grote mate van vrijheid genomen in zijn toepassing van de principes van het serialisme.

CREDITS

in samenwerking met
Universiteit van Amsterdam