Uitbundige muziektheatrale ode aan de ‘sapeurs’ van Kinshasa

Coup Fatal

Serge Kakudji, Fabrizio Cassol, Rodriguez Vangama, Alain Platel, KVS & les ballets C de la B

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Countertenor Serge Kakudji en 13 muzikanten uit Kinshasa combineren barok met pop, rock, jazz en een stevige dosis Congolese vitaliteit. Rond de zangpartijen van Kakudji is een heel nieuw en hedendaags universum gecreëerd, geïnspireerd op de parmantige ‘sapeurs’, de dandy’s van Kinshasa die de gruwelen van oorlog en geweld verdringen met een liefde voor overdaad en uitbundigheid. Regisseur Alain Platel, in wiens voorstelling pitié Kakudji in 2009 in het Holland Festival schitterde, bedacht samen met danser Romain Guion de theatrale vorm. De decors zijn van de Congolese kunstenaar Freddy Tsimba, bekend om zijn verontrustende oorlogs­sculpturen. De muzikale leiding is in handen van Fabrizio Cassol en Rodriguez Vandama.

Naamloos 1   Programma Icoon

‘When Kakudji sings, the golden tracery of his voice dispels the overwrought posturing around him, offering us a glimpse of the sublime.’

The Guardian

Achtergrondinformatie

In 2009 maakt de jonge Congolese contratenor Serge Kakudji (1989) een grote indruk op het Holland Festival in de voorstelling pitié!, een stuk van de Vlaamse regisseur Alain Platel. Nu keren Kakudji en Platel terug op het Holland Festival met Coup Fatal: een samenwerking van Kakudji, de Koninklijke Vlaamse Schouwburg (KVS) en les ballets C de la B. De productie Coup Fatal neemt de zangpartijen uit de muziek van diverse barokcomponisten, zoals Handel en Gluck, als uitgangspunt voor de schepping van een nieuw, hedendaags universum van geluid, beeld en beweging. Het resultaat wordt een uitbundig en organisch geheel van barokfrasen, Congolese pop en traditionele muziek, rock en jazz, voortgedreven door de hoge, karakteristieke stem van Kakudji.Op zijn kenmerkende surrealistische wijze geeft Platel, samen met danser en assistent regiecoach Romain Guion, de muziek van Kakudji en zijn orkest een theatrale dimensie.

De eerste aanzet tot de voorstelling zag het licht in het kader van de tweede editie van Connexion Kin (2010), het kunstenfestival van de KVS in Kinshasa. Paul Kerstens, de Congo-coördinator van de KVS, startte samen met Kakudji een eigenzinnige uitwisseling tussen Westerse en Congolese muziek met als uitgangspunt een aantal klassieke barokaria’s. Aan die muzikale basis werd verder gewerkt, en het project ontwikkelde zich in het voorjaar van 2014 tot een volledige productie.

Op zevenjarige leeftijd werd Kakudji ‘als een meteoriet’ getroffen door een operascène op televisie. Hij zette zijn zinnen op een carrière als operazanger. Na een aantal workshops en zangwedstrijden zorgde hij, als autodidactische tiener, voor een sensatie op het Weense New Crowned Hope Festival (2006) met een aantal Mozart-passages in de voorstelling The Dialogue Series: Dinozord III. Zijn rauwe talent werd verder aangescherpt tijdens studies aan het Institut Musicale et Pédagogique in Namen en het Conservatoire à Rayonnement Régional de St. Maur-des-Fossés in Parijs. In 2008 was Kakudji te zien in pitié!, Platels interpretatie van de Matthäus-Passion van Johann Sebastian Bach. De voorstelling werd een internationaal succes.

Twee jaar geleden onderzocht Platel in C(H)ŒURS (opening Holland Festival 2012) met honderdvijftig muzikanten van het Teatro Real en tien eigen dansers de vermorzelende spanning tussen het individu en de dwang van de massa, op muziek van Richard Wagner en Giuseppe Verdi. Coup Fatal is minder grimmig. De voorstelling is méér dan slechts een deconstructie of Afrikanisering van de barok, of een eerbetoon aan deze muziekstijl. Coup Fatal is vooral een ode aan de onverbiddelijke elegantie van de Congolese ‘Sapeurs’ – de felgekleurde en extravagant geklede dandies van Kinshasa. In de verwaande, hanige barokke bombast van Coup Fatal is de onversneden glans van deze parmantige Sapeurs terug te zien. De grauwe geschiedenis van oorlog en geweld is bij hen verdrongen door een liefde voor overdaad, grote groteske gebaren en uitbundigheid. De ironie voorbij. De Brusselse componist Fabrizio Cassol (1964) heeft samen met gitarist Rodriguez Vangama de muzikale leiding.

De eerste aanzet tot Coup Fatal kwam in slechts twee weken tot stand. Onder leiding van Vangama bleken de bijeengebrachte muzikanten het goed met elkaar te kunnen vinden. Het decor ontstond in samenwerking met kunstenaar Freddy Tsimba (1967), die wereldwijd bekend werd door zijn bijdrages aan diverse edities van de Dakar Biënnale. Sinds 1998 belichaamt Tsimba met zijn sculpturen de hardheid van oorlog en de solidariteit van de ontheemden. Hij maakt levensgrote, verontrustende beelden van aan elkaar gelaste, gerecyclede (schroot)materialen, van lege (lees: gebruikte) patroonhulzen tot gebruiksvoorwerpen zoals lepels en vorken. Zijn werk is zowel een protest tegen het oorlogsgeweld als een monument voor de menselijke tragedies die door oorlog zijn ontstaan. Tsimbas gefragmenteerde, expressieve en provocerende sculpturen weerspiegelen universele menselijke vragen en hun verwoestende antwoorden.

Het ensemble groeide in twee jaar tijd met steun van de KVS uit tot een hecht orkest, bijgestaan door Cassol als muzikale raadgever. Tegelijkertijd kregen de optredens van het ensemble in toenemende mate een scenisch, theatraal karakter – een tendens die uiteindelijk in samenwerking met Platel, Guion en les ballets C de la B werd uitvergroot, met Coup Fatal als sprankelend resultaat.

Biografieën

Contratenor Serge Kakudji (Lumumbashi,1989) droomde van kinds af aan van een carrière als operazanger. Na een aantal workshops en zangwedstrijden in Zimbabwe en Congo werd hij op 17-jarige leeftijd een internationaal fenomeen, door grote indruk te maken tijdens het New Crowned Hope Festival in Wenen met The Dialogue Series: Dinozord III van choreograaf Faustin Linyekula. Met deze voorstelling reisde hij tot 2008 de wereld over. In 2006 keerde hij terug naar Congo, en componeerde en speelde hier de Likembe Opera – ’s werelds eerste opera in het Swahili. Pas in 2007 startte hij zijn formele zangtraining bij het Institut Musicale et Pédagogique in Namen en het Conservatoire à Rayonnement Régional de St. Maur-des-Fossés in Parijs. Zijn samenwerking met Alain Platel begon in 2008, toen hij gevraagd werd voor een hoofdrol in pitié!, gebaseerd op Bachs monumentale Matthäus-Passion. Met deze voorstelling ging hij op tournee langs 45 wereldsteden. In het seizoen 2011-12 debuteerde hij onder andere als Tolomeo in Handels Giulio Cesare in Egitto onder regie van Jean-Claude Malgoire in het Paleis van Versailles. Hij was te zien in La Folie d’Héracles in de Parijse Comédie-Française en de Comédie de Valence, en zong in de wereldpremière van Credo van Henri Seroka – een rol die speciaal voor hem werd geschreven – in het Classic Open Air Festival in Berlijn. Recentelijk werd hij prachtig geportretteerd in de documentaire Rêve Kakudji (2013) van Ibbe Daniëls en Koen Vidal.  

Alain Platel (1956, Gent) werd opgeleid als orthopedagoog en is zelfgeschoold als regisseur. In 1984 richt hij met een aantal vrienden en familieleden een theatercollectief op, en profileert zich vanaf de voorstelling Emma (1988) meer als regisseur. Bonjour Madame (1993), La Tristeza Complice (1995) en Iets op Bach (1998) leveren hem en zijn gezelschap – inmiddels gedoopt tot les ballets C de la B – internationale roem op. Zijn samenwerking met componist Fabrizio Cassol (1964) stamt uit 2005, toen hij met het korenproject Uit de Bol/Coup de Choeurs de opening mocht verzorgen van het nieuwe gebouw van de KVS (Koninklijke Vlaamse Schouwburg), waarbij verschillende Brusselse koren van diverse culturele achtergronden werden verenigd. Platels vroegere werk is vooral uitbundig in thematiek en diversiteit van de performers, maar de voorstelling vsprs (2006), geïnspireerd op de Vespro della Beata Vergine van Claudio Monteverdi, vormt een keerpunt. Deze voorstelling – die ook te zien was op het Holland Festival – kruipt onder het vel en legt een wereld bloot van drift en verlangen. Na het barokke pitié! (2008) is Out Of Context – for Pina (2010) een minimalistische reflectie op het bewegingsarsenaal van spasmen en tics. Platel blijft consequent in dit bewegingsidioom zoeken naar de vertaling van té grote gevoelens. De hunker naar iets wat het individuele overstijgt wordt steeds meer voelbaar. In 2012 maakte hij op het Holland Festival een verpletterende indruk met de dansvoorstelling C(H)ŒURS. Een levend tableau over de gevaarlijke schoonheid van de massa, met een hondervijftigkoppig koor en orkest van het Madrileense Teatro Real en tien dansers van zijn eigen gezelschap. Met Coup Fatal staat Platel voor de zesde keer op het Holland Festival. 

De Belgische saxofonist en componist Fabrizio Cassol (Ougrée, 1964) studeerde van 1982 tot 1985 aan het Conservatoire Royal de Liège. Hij werd hier bekroond met de eerste prijs voor saxofoon en behaalde ook zijn hoger diploma kamermuziek. In 1984 ging hij op tournee met zijn eerste jazzformatie, Trio Bravo (bijgestaan door tubaspeler / trombonist Michel Massot en percussionist Michel Debrulle). Vijf jaar later is hij een van de oprichters van Kaai, een legendarische Brusselse jazzclub en podium voor geïmproviseerde muziek. In 1991 maakt Cassol samen met drummer Stéphane Galland en bassist Michel Hatzigeorgiou een memorabele reis naar de diepe regenwouden van Centraal-Afrika en ontmoet daar de Akapygmeeën. Bij terugkomst starten de drie muzikanten hun trio Aka Moon. In 1992 componeert Cassol voor het eerst muziek voor danstheater, in het kader van een project door Catherine Lazar en Brigitte Kaquet. Later werkt hij samen met choreografe Anne Teresa De Keersmaeker en haar dansgezelschap Rosas aan de voorstellingen I Said I (1999) en In real time (2000). In 1998 wint hij de Belgische Django d’Or Award voor beste Franstalige artiest, en van 2000 tot 2007 is Cassol artist in residence bij het Brusselse operahuis De Munt. Zijn samenwerking met regisseur Alain Platel ontstaat in 2005, wanneer hij de muzikale leiding krijgt over het korenproject Uit de Bol/Coup de Choeurs, de officiële openingsvoorstelling van het nieuwe gebouw van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg in Brussel. Met vsprs (2006) van les ballets C de la B, geïnspireerd op de Vespro della Beata Vergine van Claudio Monteverdi, was zijn werk voor het eerst te horen op het Holland Festival. 

Met de surrealistische mix van hedendaagse dans, teksttheater, muziek en absurdisme is les ballets C de la B wereldberoemd geworden. Het gezelschap (voluit les ballets Contemporains de la Belgique) werd in 1984 opgericht door Alain Platel en bestond in eerste instantie uit vrienden en familieleden. Samen met Jan Fabre, Wim Vandekeybus, Anne Teresa De Keersmaeker en Jan Lauwers wordt les ballets C de la B geschaard tot de Vlaamse Golf: een stel hemelbestormende theatermakers die in de jaren 1980 de Vlaamse podiumkunst een nieuwe impuls gaven. In de loop der jaren ontwikkelde het gezelschap zich tot een breder artistiek platform. Naast Platel kwamen Christine De Smedt, Koen Augustijnen en Lisi Estaras als choreografen les ballets C de la B versterken. Eerder maakte ook Hans van den Broeck deel uit van les ballets C de la B, tot hij in 2002 zijn eigen groep cie Soit stichtte. Choreograaf Sidi Larbi Cherkaoui was tot 2006 deel van het gezelschap en leidt tegenwoordig zijn eigen groep, Eastman. Nog steeds is les ballets C de la B erop gericht om talentvolle jonge artiesten vanuit verschillende disciplines en achtergronden deel te laten nemen aan het creatieve proces. Door de mix van artistieke visies die elkaar voortdurend bestuiven, blijft les ballets C de la B ongrijpbaar en onbenoembaar. Er is wel sprake van een huisstijl die in de loop der jaren is ontwikkeld, met populaire, anarchistische, eclectische en geëngageerde tendensen. Onder het motto: ‘deze dans is van de wereld en de wereld is van iedereen’.

CREDITS

naar een idee van
Paul Kerstens & Serge Kakudji
een project van
Serge Kakudji, contratenor en orkest: Rodriguez Vangama (elektrische gitaar), Costa Pinto (akoestische gitaar), Angou Ingutu, (basgitaar), Bouton Kalanda, Eric Ngoya, Silva Makengo (likembe), Tister Ikomo (xylofoon), Deb’s Bukaka (balafoon), Cédrick Buya, Jean-Marie Matoko, 36 Seke (percussie), Russell Tshiebua, Bule Mpanya (achtergrondzang)
artistieke leiding
Alain Platel
muzikale leiding
Fabrizio Cassol, Rodriguez Vangama
orkestleiding
Rodriguez Vangama
assistent artistieke leiding
Romain Guion
scenografie
Freddy Tsimba
licht
Carlo Bourguignon
geluid
Max Stuurman
productie
KVS & les ballets C de la B
coproductie
Théâtre National de Chaillot (Parijs), Holland Festival, Festival d’Avignon, Theater im Pfalzbau (Ludwigshafen), TorinoDanza, Opéra de Lille, Wiener Festwochen
distributie
Frans Brood
met steun van
Stad Brussel, Stad Gent, Brussels Hoofdstedelijk Gewest, Vlaamse Gemeenschapscommissie, provincie Oost-Vlaanderen, de Vlaamse Overheid

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR