Woorden moeten hard aankomen, harder dan de kogel van een kalasjnikov.

Shéda

Dieudonné Niangouna

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

De Congolese regisseur Dieudonné Niangouna maakt theater waarin het woord de kracht van een leeuw en de felheid van een panter heeft. Zijn woorden moeten hard aankomen, harder dan de kogel van een kalasjnikov. In Shéda gebruikt Niangouna zijn expressieve, hybride en beeldende taal om een plek te creëren die als toevluchtsoord dient na een ‘apocalyps’. De personages die daar samenkomen belichamen gevallen goden, overwinnaars uit een lang vervlogen tijd, die als geesten of in dromen terugkeren. In Shéda proberen ze hun menselijkheid te hervinden, en vertellen ze elkaar hun persoonlijke verhalen en herinneringen aan het einde van de wereld.
Programmaboek

In de pauze wordt er warme quiche verkocht

CREDITS

tekst, regie
Dieudonné Niangouna
scenografie
Patrick Janvier
assistentie scenografie
Ludovic Louppé, Papythio Matoudidi
licht
Xavier Lazarini
geluid
Christina Clar
kostuums
Vélica Panduru
choreografie, gevechtsvoorbereiding
DeLaVallet Bidiefono
muziek en uitvoering
Pierre Lambla
Armel Malonga
productie
Festival d’Avignon
Bonlieu Scène nationale d’Annecy
Holland Festival
IX Festival Internacional de Buenos Aires
la Comédie de Reims - CDN
met steun van
Ferme du Buisson scène nationale de Marne-la-Vallée
Région Île-de-France
French Embassy Congo
French Institut in Brazzaville
Congolese Embassy in France
Ministère de la Culture et de la Communication – DRAC Île-de-France
TOTAL E en P Congo
Equatorial Congo Airlines
Institut Français dans le cadre du fonds d'aide à la production CIRCLES et du programme Afrique et Caraïbes en créations
Association Beaumarchais-SACD
Adami
Dieudonné Niangouna
cast
Laetitia Ajanohun
Marie-Charlotte Biais
Madalina Constantin
Pierre-Jean Etienne
Frédéric Fisbach
Wakeu Fogaing
Diariétou Keita
Abdon Fortuné Koumbha
Harvey Massamba
Mathieu Montanier
Criss Niangouna

De energie van de show trekt de aandacht en houdt de kijker in een staat van constante opwinding.

Teatrorama over Le Socle des Vertiges

Achtergrondinformatie

Drie elementen komen steeds weer terug in het werk van de Congolese acteur, schrijver, theatermaker en regisseur Dieudonné Niangouna (Brazzaville 1976). Angst, Eenzaamheid, en de Noodzaak tot verandering. In zijn eerdere voorstellingen – de rauwe, fysieke monologen Attitude Clando (2007) en Les Inepties volantes (2009) – kwamen deze thema’s al tot uiting. Beide waren een schreeuw om tóch door te leven, ondanks de onmetelijke wonden die de oorlog bij hem heeft veroorzaakt. Onze samenlevingen zijn constant in evolutie, alsmaar voortgedreven door deze drie principes, aldus Niangouna. Deze trilogiethematiek houdt hem al jaren bezig, werd steeds nadrukkelijker, en is nu in zijn nieuwe voorstelling Shéda na 12 jaar tot volledige rijping gekomen.

 

Ooit begon Niangouna als straatartiest op de markten van Brazzaville, buiten de kapotgeschoten theaters. Nu reist hij met zijn theatergroep Les Bruits de la Rue de wereld over. Dé grote inspiratie blijft zijn thuisland, geteisterd door een jarenlange burgeroorlog en de nasleep van het Franse kolonialisme. Niangounas woorden zijn een reactie op een lange, gewelddadige geschiedenis, dus ze moeten hard aankomen. Harder dan de kogels van een Kalasjnikov.

 

De voorstelling Shéda is een ‘koor odyssee’ met twaalf Afrikaanse en Europese acteurs, waaronder Niangouna zelf, en twee muzikanten. Deels theater, deels muziek. Een georkestreerde stroom van woorden, gedachten en beelden die op harmonieuze wijze samenkomen tot een gelaagde theatrale fresco. Zowel over het leven als de dood, het geweld en de liefde, wijsheid en waanzin, hoop en uitzichtloosheid.

 

De personages belichamen gevallen goden uit een lang vervlogen tijd, die na een apocalyptische gebeurtenis als geesten of in dromen terugkeren naar een uitgedroogde, hedendaagse wereld. Het verhaal is als een verzameling tijdgebonden geluiden, de dialogen draaien om onderlinge fysieke en verbale strijd, en de monologen zijn een soort wilde kreten, als van een bang dier in z’n hol.

 

In Shéda vertelt Niangouna over het grootste vluchtelingenkamp ter wereld in Dadaab, de steden Dolo Ado, Kismago, Mogadishu en Bosma, het mysterieuze ‘kattenhuis’, ballingschap en de dood, de voortekenen na een profetisch zuiveringsritueel, en de tragikomische lotgevallen van Dominee Kampa. Al deze verhalen komen in Shéda aan bod, aldus Niangouna: “Ik zal de toeschouwer laten brullen van de lach, terwijl het totaal niet om te lachen is.”

 

In zijn werk gebruikt Niangouna expressieve, hybride en beeldende taal als wapen om het onrecht te bevechten. Met zijn theater verwoordt hij het geweld en de verongelijkte woede in de Congolese straten. Daarbij put hij deels uit het klassieke Frans (zijn moedertaal), de populaire poëzie van de grote Congolese schrijver Sony Labou Tansi en de mythische verteltraditie van de Lari, de etnische groep waar Niangouna deel van uitmaakt. Hij beschouwt het theater als niets minder dan een kosmisch strijdtoneel, waarop de goden het lot van de wereld kunnen beïnvloeden.

 

Zelf is hij nogal laconiek over de hoe zijn ideeën een uiteindelijke theatrale vorm zullen krijgen. Niangouna: “Ik houd het simpel. Ik plaats slechts wat mensen in een ruimte. En dan mogen ze onderling uitvechten of ze de term ‘acteurs’ eigenlijk wel waard zijn. Ieder levert zo een unieke bijdrage.” Shéda beleeft tijdens het Holland Festival haar wereldpremière. 

Biografie

Dieudonné Niangouna (Brazzaville, 1976) is een Congolese acteur, schrijver en regisseur. Hij situeerde zijn werk buiten de vernielde theatergebouwen, op straat, waar hij een nieuwe theatertaal uitvond. Nu is hij één van de meest prominente Afrikaanse theatervernieuwers. In 1997 richtte hij met zijn broer Criss de theatergroep Les Bruits de la Rue op, met als doel het geweld en de woede op de straten van de Republiek Congo te verwoorden. Centraal in zijn werk staat een gevoel van urgentie, geïnspireerd op de bloederige burgeroorlog in zijn land en de geschiedenis van het Franse kolonialisme. In de Congolese samenleving is het moeilijk om als schrijver of acteur te overleven, dus verzet is een noodzaak.

 

Theatertaal moet volgens Niangouna een drievoudige kwaliteit hebben. Het moet worden geschreven, gesproken en gehoord. Daarom combineert hij in zijn werk klassiek Frans, het populaire en poëtische taalgebruik van de grote Congolese schrijver Sony Labou Tansi, en de stamtaal en de orale verteltradities van het Larivolk. Het resultaat is een verrijkte nieuwe vorm van het Frans. Aldus Niangouna: “Een levende taal voor de levenden.” Jaarlijks organiseert Niangouna tevens het Festival International de Théâtre Mantsina Sur Scène in Brazzaville, met uitdagend theater, hedendaagse dans, performances, lezingen en debatten. In 2005 volgde hij met 3 andere Afrikaanse schrijvers een residentie bij het legendarische Théâtre du Vieux-Colombier en in 2007 maakte hij tijdens het Festival d’Avignon grote indruk met zijn monoloog Attitude Clando. Sindsdien is hij geregeld bij dit festival betrokken. Dit jaar is hij samen met Stanislas Nordey artiste associé in Avignon.

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR