De Nestroy-prijs 2011 voor beste regie.

Zwischenfälle - miniaturen van Courteline, Cami, Charms

Andrea Breth, Burgtheater Wien

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

‘Mij interesseert alleen wat geen praktisch nut heeft, mij interesseert alleen het leven in zijn onzinnige verschijning’, bekende de Russische avantgarde schrijver Daniil Charms (1905 – 1942). Hij schreef dan ook vele korte teksten waarin absurde situaties en gesprekken centraal staan. De Franse schrijvers Georges Courteline en Pierre Henri Cami gingen hem daarin al voor. De Duitse regisseur Andrea Breth, eerder in het Holland Festival met Stella van Goethe, koos meer dan dertig sketches van deze drie verwante schrijvers. Ze reeg ze aaneen tot een voorstelling die zowel de komische als dieptreurige kanten van het bestaan toont. Familiebetrekkingen, werk, liefde en lust, alles komt aan de orde in deze avond waarin tien acteurs als figuren uit de stomme film over het podium buitelen.

programmaboek

Achtergrondinformatie

Zwischenfälle bestaat uit 54 gebeurtenissen: sketches, eenakters, mini-drama’s en miniatuurproza van de hand van drie schrijvers die hun absurdistische, surrealistische materiaal putten uit de waanzinnige werkelijkheid van het leven zelf en die in de eerste helft van de vorige eeuw productief waren: de Franse kluchtschrijvers George Courteline (1858-1929) en Pierre Henri Cami (1884-1958) en de Russische avantgardist en absurdist Daniil Charms (1905-1942). Tien acteurs, vier vrouwen en zes mannen, spelen alle scènes. Regisseuse Andrea Breth heeft de 54 scènes op een intelligente, vindingrijke manier met elkaar verbonden door middel van thema, associaties en gebruik van rekwisieten.

De scènes variëren van een man die, om maar niet naar kantoor te hoeven gaan, verscheidene van zijn familieleden laat overlijden, tot een moeder die haar dochter door de huwelijksnacht helpt, een vrouw die een andere vrouw in het been bijt, een man die in een restaurant maar doorpraat tegen zijn vriend die geen adem meer kan krijgen, een anecdote over twee mensen die tegelijk van het dak vallen en Roodkapje die wordt vervangen door groenkapje en niet reageert zoals de grote boze wolf dat graag zou willen. Daniil Charms, de absurdist en surrealist die hofleverancier van deze voorstelling is, liet zich eens ontvallen dat alleen het leven in zijn onzinnige verschijning hem interesseerde, maar de stukken laten zien dat het hier allerminst om onzin gaat. Want achter de absurditeiten, de leugens en de waan treffen wij het toeval en de onvoorspelbaarheid van het leven; achter de banaliteit ligt de angstaanjagende gedachte dat het leven geen betekenis heeft, laat staan zin.

Eén scène, de één na laatste, is van geen van de drie auteurs maar van de regisseuse zelf. In deze scène vat zij misschien wel samen waar al de andere scènes over gaan. Het gezelschap van mannen en vrouwen wacht op een perron op de trein. Maar de eerst trein rijdt voorbij, de tweede ook, enzovoort tot de reizigers plots tegelijk omhoog kijken en ….

Biografieën

Daniil Charms (1905-1942) is een van de vele pseudoniemen van Daniil Ivanovich Yuvachev. Als jonge schrijver sloot Charms zich aan bij de kring van klankdichter Alexander Tufanov, de jonge dichter Alexander Vvedensky en de nieuwe beweging van het Russische Futurisme, waartoe ook zijn idolen Khlebnikov, Kazimir Malevich, en Igor Terentiev behoorden. Vanuit het futurisme ontwikkelde Charms een esthetiek die zich richtte op het geloof in de autonomie van kunst ten opzichte van de wetten van de werkelijkheid en de logica.
Aan het eind van de jaren 20 startte hij met onder anderen Alexander Vvedensky en Nikolaj Zabolotski de literaire beweging OBERIU, ‘vereniging voor reële kunst’. Deze groepering maakte absurdistische werken en hield literaire avonden – met als hoogtepunt de avond ‘Drie Linkse Uren’ uit 1928. Zijn werk kenmerkte zich door de korte, van iedere vorm van logica gespeende verhalen, die vol zitten met willekeurig geweld en onverwachte wendingen, wat een nauwe band met het angstige leven in het Stalinistische Rusland van de jaren 20 en 30 laat zien. Daarnaast schreef hij poëzie, de novelle ‘De oude vrouw’, filosofische en mathematische traktaten, en zijn er van hem vele brieven bewaard gebleven die de onlosmakelijke mengeling tussen de mens en de schrijver Charms laten zien, hetgeen bijdraagt aan de mythevorming rond zijn persoon.
Met de opkomst van de Stalinterreur werd het voor niet-conformistische schrijvers steeds moeilijker om te overleven. Charms werd verbannen naar Koersk en legde zich toe op kinderverhalen, omdat zijn volwassen werk onpublicabel was geworden. Zijn kinderverhalen zijn tot de dag van vandaag nog steeds wereldwijd zeer populair.
Na een verbanning van een jaar ging hij weer schrijven. In 1941 werd hij opnieuw gearresteerd en gevangen gezet in een psychiatrische kliniek, waar hij in februari 1942 tijdens het beleg van Leningrad stierf, waarschijnlijk van de honger.

Pierre Henri Cami (1884-1958) was een Franse schrijver van komische verhalen en toneelstukken. Hij was bevriend met onder anderen Charlie Chaplin, die hem de ‘grootste komische schrijver ter wereld’ noemde. Tijdens zijn leven was Courteline zeer populair, onder meer met zijn pastiche op de Sherlock Holmes-verhalen, Loufock-Holmès, détective idiot. Zijn favoriete vorm was het korte en absurde toneelstuk: een niet uit te voeren drama dat van de ene naar de andere grap snelde. Hij werd ook wel de Franse Tex Avery genoemd, wat geen slechte vergelijking is; hij heeft dezelfde directheid, dedain voor realisme en vrijmoedig onlogische logica. Later ging hij romans schrijven en cartoons tekenen, vaak met teleurstellende resultaten. Hij ging ook zijn eigen grappen hergebruiken, wat niet echt hielp. Zijn carrière is als een nachtkaars uitgegaan. Toen hij stierf was het grote publiek hem al lang vergeten.

George Courteline (1858-1929) werkte op het Ministerie van Binnenlandse Zaken totdat hij met zijn toneelwerk genoeg verdiende om ervan te leven. Nog bij leven werd hij een gevierd toneelschrijver en romancier, die bekend stond om zijn humoristische en ironische werk, dat is omschreven als een briljante, sociale anatomie van het laat 19e eeuwse Parijs. Op satirische toon nam Courteline het hele sociale spectrum op de hak, van de rijke elite tot de zelfgenoegzame kleine ambtenaartjes van het land. Het café was naar zijn eigen zeggen zijn laboratorium, waar hij ‘de vele facetten van de menselijke stupiditeit’ kon observeren. Hij was de favoriete toneelschrijver van Jean Renoir.

Andrea Breth is een van de grootste levende theaterregisseurs van het Duitstalige gebied. Met haar werk staat zij in de traditie van het poëtische en psychologische realisme van Fritz Kortner en Peter Stein. Breth studeerde literatuurwetenschap in Heidelberg en werkte tijdens haar studie als regie-assistente in het Heidelberger Theater. Na regie en regie-assistentie te hebben gedaan in Bremen, Wiesbaden, Bochum, Hamburg en Berlijn werd ze in 1985 door Ulrich Brecht als vaste huisregisseur naar Freiburg gehaald. Daar beleefde ze haar grote doorbraak met de enscenering van Federico García Lorca’s La casa de Bernarda Alba. Het stuk werd geselecteerd voor het prestigieuze Berliner Theatertreffen en datzelfde jaar werd zij door het tijdschrijft Theater heute tot regisseur van het jaar uitgeroepen.
Van 1986 tot 1989 werkte zij aan het Bochumer Theater, waar ze onder meer Sud van Julien Green en De laatsten van Maxim Gorki regisseerde. Van 1990 tot 1992 werkte zij freelance in meerdere theaters en ensceneerde in Wenen onder meer Heinrich von Kleists Der zerbrochene Krug bij het Burgtheater en Sean O’Caseys The end of the beginning bij het Akademietheater.
Van 1992 tot 1999 was Breth artistiek leider van de Berliner Schaubühne. Ze werd met Hedda Gabler van Ibsen, Afgelopen zomer in Tsjulimsk van Alexander Vampilov en Oom Wanja van Tsjechov uitgenodigd voor het Theatertreffen in Berlijn. In het jaar van haar afscheid van de Schaubühne kwam ze naar het Holland Festival met Stella van Goethe.
Van 1999 tot 2006 was Breth huisregisseur van het Burgtheater in Wenen. Daar maakte ze onder meer Maria Stuart van Schiller, Cat on a hot tin roof van Tennessee Williams en De Kersentuin van Tsjechov. Voor Emilia Galotti van Lessing en Don Carlos, Infant von Spanien van Schiller werd zij wederom voor het Theatertreffen in Berlijn uitgenodigd.
Zij regisseerde sindsdien onder meer de opera Jevgeni Onegin voor de Salzburger Festspiele, Blaue Spiegel van Albert Ostermaier, Quai West van Bernard-Marie Koltès en Motortown van Simon Stephens.
In 2003 ontving Breth de prestigieuze Nestroy Theaterprijs voor haar regie van Emilia Galotti en in 2011 voor haar regie van Zwischenfälle.

Het gezelschap van Burgtheater Wien is een van de meest prestigieuze theatergezelschappen in de Duitstalige wereld, dat zijn thuisbasis heeft in een van de belangrijkste en grootste theaters in Europa.
Het Burgtheater werd gebouwd op verzoek van de Habsburgse keizerin Maria-Theresa van Oostenrijk aan de Michaelerplatz vlak naast haar paleis, de Hofburg. Het theater opende zijn deuren in 1741 dan ook als kaiserliches königliches Theater nächst der Burg. Drie van Mozarts opera’s beleefden hun première in het theater. In 1794 werd het hernoemd tot K.K. Hoftheater nächst der Burg. Bijna een eeuw later, in 1888, verhuisde het theater naar de huidige locatie aan de Ringstrasse. Op de gevel staat nog steeds K.K. Hofburgtheater, maar sinds 1919 heet het gewoon Burgtheater. In maart 1945 werd een groot deel van het theater verwoest in een bombardement. Een maand later brandde het volledig uit. Tussen 1953 en 1955 werd het theater gerestaureerd.
Het Burgtheater is in de Duitstalige wereld beroemd om de taal en de stijl die het eeuwenlang heeft gehanteerd. De taal die er tot eind jaren zestig gesproken werd was een bijna kunstmatig Duits dat geënt is op het Zuid-Duits en bedoeld was om tot alle Duitse volkeren te spreken.
Vanaf begin jaren zeventig van de 20e eeuw werd het een van de belangrijkste theaters voor innoverende schrijvers, regisseurs en ontwerpers. Baanbrekende stukken van Thomas Bernard, Elfriede Jelinek, Peter Handke en George Tabori beleefden hier hun première. Onder de regisseurs die hier werkten bevinden zich grote namen als Peter Hall, Luc Bondy, Christoph Schlingensief, Jonathan Miller, Thomas Vinterberg en Andrea Breth. De laatste staat dit jaar in het Holland Festival met Zwischenfälle dat in het Akademietheater, de tweede speelplek van het Burgtheater, in première ging.

CREDITS

regie
Andrea Breth
toneelbeeld
Martin Zehetgruber
kostuums
Moidele Bickel
licht
Friedrich Rom
dramaturgie
Wolfgang Wiens
geluidsontwerp
Alexander Nefzger
productieleiding
Constanze Albert
rekwisieten
Angelika König
productie
Burgtheater Wien
cast
Andrea Clausen
Corinna Kirchhoff
Elisabeth Orth
Johanna Wokalek
Gerrit Jansen
Roland Koch
Markus Meyer
Hans-Michael Rehberg
Udo Samel
Peter Simonischek
orkest
Lenny Dickson
Otmar Klein
Raphael Preuschl
Andreas Radovan
Aaron Wonesch