Afrikaanse antwoord op Milhauds ‘fantaisie négrico-cubiste’.

La création du monde

Faustin Linyekula, CCN - Ballet de Lorraine

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Het invloedrijke Ballet Suédois, dat tussen 1920 en 1925 grote faam verwierf in Europa met avantgarde-werk, presenteerde in 1923 La création du monde, een ‘fantaisie négrico-cubiste’ over het ontstaan van de wereld naar Afrikaanse en Afro-Amerikaanse mythes. Millicent Hodson en Kenneth Archer, internationaal bekend door hun reconstructies van de grote balletten uit het begin van de 20e eeuw, hebben ook dit werk weer tot leven gebracht. Op uitnodiging van het Ballet de Lorraine boog choreograaf Faustin Linyekula zich over het origineel om te komen tot een stuk waarin zowel de oorspronkelijke westerse versie als het ‘antwoord’ van deze Congolese choreograaf een plaats vinden. Fabrizio Cassol, die eerder voor Alain Platel muziek arrangeerde van Monteverdi en Bach, schrijft de muziek.

bekijk de video

Achtergrondinformatie

La création du monde is een nieuw werk gebaseerd op het korte, gelijknamige ballet met muziek van Darius Milhaud en libretto van Blaise Cendrars dat in 1922 en 1923 in Parijs op de planken stond. Het originele stuk werd gepresenteerd als een 'negro-kubistische fantasie' en vertelt over de schepping van de wereld gebaseerd op Afrikaanse mythologie. Het werd uitgevoerd door Les Ballets Suédois onder leiding van choreograaf Jean Börlin. De kostuums en decors werden gemaakt door de beroemde kunstenaar Fernand Léger.
La création du monde ontstond in een tijd waarin Europa met Parijs als cultureel centrum kennis had gemaakt met het op Afrikaanse kunst geïnspireerde werk van Pablo Picasso en de jazz uit Amerika. Milhaud was zelf kort voor het schrijven van dit ballet naar New York geweest waar hij de clubs in Harlem bezocht en met Amerikaanse jazz-muzikanten praatte. Vol enthousiasme kwam hij terug in Europa en gebruikte La création du monde als het eerste stuk om deze invloeden in te verwerken.
Het dansgezelschap Les Ballets Suédois was de Zweedse evenknie van Diaghilevs Les Ballets Russes. Het gezelschap stond onder de artistieke leiding van de Zweed Rolf de Maré en had zijn basis in Parijs. Les Ballets Suédois was slechts een kort leven beschoren, maar in de tijd dat het zijn optredens gaf, tussen 1920 en 1925, was het wel een zeer invloedrijk gezelschap dat niet alleen in Parijs, maar ook in diverse andere grote steden in Europa en Amerika optrad. Het ballet was een exponent van een nieuw artistiek elan na de Eerste Wereldoorlog. Het combineerde verschillende kunstvormen als dans, toneel, schilderkunst, poëzie en muziek met acrobatiek, circus, film en mime. Dit samengaan van hoge en lage kunst zien we ook terug in La création du monde.
Het originele stuk werd eerder in zijn originele vorm gereconstrueerd voor een tentoonstelling over Fernand Léger en Afrikaanse kunst in 2001, door choreograaf Millicent Hodson en kunsthistoricus en decorontwerper Kenneth Archer. Zij zijn ook bij deze voorstelling van Faustin Linyekula betrokken.
Linyekula heeft in zijn La création du monde het originele stuk (integraal) opgenomen en levert hierop zijn Afrikaanse commentaar. Hij situeert het stuk in 1923, maar in het echte Afrika: niet het geïdealiseerde en exotische Afrika van Milhaud en Cendrars, maar het Afrika van waaruit soldaten naar de frontlinie van de Chemin des Dames werden gestuurd. De wilde rondedansen waren ver weg 
Linyekula plaatst tegenover de fantastische creaties van Cendrars lichamen van vlees en bloed.
Hoe verging het de mensen in Belgisch Congo in die tijd? En op andere plekken in Afrika? En hoe konden de grootste intellectuelen van die tijd voorbijgaan aan wat er onder het juk van hun eigen régime gebeurde? 

Biografieën

Faustin Linyekula (1974) is een Congolese danser en choreograaf. In zijn voorstellingen verwerkt hij de erfenis van decennia van oorlog, terreur, angst en het ineenstorten van de economie in Afrika.
In 1993, aan het eind van het regime van Mobutu, verlaat Linyekula Congo, dan Zaïre geheten, en vestigt zich in Nairobi. Daar richt hij in 1997 samen met Opiyo Okach en danser Arah Renambergen het eerste Keniaanse gezelschap voor eigentijdse dans op: Gàara. Hun eerste stuk heet Cleansing en wint een prijs op het Rencontres Chorégraphiques Africaines in Luanda, in 1998. In 2000 presenteert hij op het Tanzwochen Festival in Wenen het stuk Tales of the Mud Wall, in samenwerking met de Zuid-Afrikaanse choreograaf Gregory Magoma. In 2001 reist hij terug naar Zaïre, dat inmiddels de Democratische Republiek Congo heet. Ondanks de bloedige conflicten waarin het land verwikkeld is, besluit hij te blijven en zet in Kisangani zijn Kabako Studios op, een plek die gewijd is aan dans en beeldend theater. 
Met vier dansers die hij zelf heeft opgeleid maakt hij Spectacularly Empty, een bijna wanhopig verslag van zijn terugkeer naar zijn geboorteland. Hiermee begint Linyekula een reeks van werken waarin hij reflecteert op de geschiedenis en het collectieve geheugen van zijn land en zijn volk, op de corrupte leiders, de censuur en het gebrek aan toekomstvisie. Met twee van deze stukken, Le Festival des Mensonges (2005) en The Dialogues Series: iiiDinozord (2006) wordt hij als eerste kunstenaar ooit uit Sub-Sahara Afrika uitgenodigd voor het Festival d’Avignon.
In 2009 presenteert hij op het Kunstenfestivaldesarts more, more, more … future, een stuk over de Congolese popmuziek en dans die bekend staat als ‘ndombolo’, waarmee hij vervolgens door heel Europa toert. 
Gebaseerd op zijn productie van Jean Racines Bérénice voor de Comédie Française (Studio Théâtre) maakt hij in 2010 Pour en Finir avec Bérénice
Faustin Linyekula geeft regelmatig lessen en workshops in Afrika, de Verenigde Staten en Europa. In 2007 ontving Linyekula de Prins Claus Prijs.

Het Ballet de Lorraine wordt in 1978 in het kader van de decentralisatie van de kunsten opgericht onder de naam Théâtre Français de Nancy. Artistiek leider is Jean-Albert Cartier. 
In 1987 wordt de naam veranderd in Le Ballet Français de Nancy. Een jaar later vertrekt Cartier naar Parijs en wordt Patrick Dupond, sterdanser aan de Parijse Opera, de nieuwe artistiek leider. Met veel ambitie bouwt Dupond het ballet uit tot een toonaangevend gezelschap, nationaal en internationaal. Duponds opvolger Pierre Lacotte bepaalt een nieuwe richting, waarbij meer nadruk komt te liggen op het klassieke repertoire.
Na het vertrek van Lacotte in 1999 gaat het roer weer om. De naam wordt veranderd in het huidige Centre Choréographique National – Ballet de Lorraine en onder Françoise Adret en vanaf 2000 Didier Deschamps wordt er voor gekozen zich te richten op eigentijdse stukken en de creatie van nieuwe choreografieën.
Sindsdien is CCN – Ballet de Lorraine uitgegroeid tot een van de belangrijkste gezelschappen in Frankrijk en daarbuiten. Deschamps verkent met zijn gezelschap de vele mogelijkheden van de eigentijdse choreografie. De dertig dansers die aan de organisatie verbonden zijn, zijn klassiek geschoold, maar tegelijkertijd bedreven in de eigentijdse dansidiomen. Het gezelschap richt zich op een breed publiek met een programma dat bestaat uit zowel klassieke als eigentijdse en nieuwe choreografieën. Sinds 2011 is Petter Jacobson de nieuwe directeur.

 

CREDITS

La création du monde (2012)
choreografie
Faustin Linyekula
muziek
Fabrizio Cassol
toneelbeeld
Jean-Christophe Lanquetin
kostuums
Lamine Badian Kouyaté
Xuly Bët
licht
Virginie Galas
La création du monde (1923)
ballet
Blaise Cendrars
muziek
Darius Milhaud
doek, toneelbeeld & kostuums
Fernand Léger
choreografie
Jean Börlin
reconstructie
Millicent Hodson & Kenneth Larcher
uitvoering
CCN – Ballet de Lorraine
productie
CCN – Ballet de Lorraine
coproductie
Théatre de la Ville
in samenwerking met
Fondation Fluxum
Théâtre Gérard Philippe Frouard
met steun van
KVS (Brussel)
This performance has received a contribution from the International Arts Programme Amsterdam of the Prince Claus Fund and the Amsterdam Fund for the Arts.

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR