Inlets

Slagwerk Den Haag

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Van radio’s tot draaitafels en van met water gevulde zeeschelpen tot een elektronisch versterkte reuzencactus: het woord ‘percussie’ dient bij John Cage in de meest ruime zin van het woord te worden opgevat. Slagwerk Den Haag speelt tijdens het Cage-weekend in de hal en op de foyerdecks van het Muziekgebouw aan ’t IJ een spannende selectie van Cages werken.

programmaboek The Theatre of John Cage

Achtergrondinformatie

Honderd jaar na de geboorte van de Amerikaanse componist John Cage (1912-1992) organiseert het Holland Festival een weekend om deze grote muziekpionier te eren. Cage, beroemd om zijn introductie van de stilte (of nooit-echt-stilte) en het toeval in de hedendaagse compositiepraktijk, is de schepper van een groot en divers oeuvre, waaruit gedurende dit weekend in het Muziekgebouw aan ’t IJ onder de noemer The Theatre of John Cage enkele hoogtepunten en verborgen pareltjes zullen worden uitgevoerd.

Op zaterdag 9 juni gaat het Cageweekend van start met een avond in het teken van een van Cages beroemdste werken, Song Books, in een gloednieuwe productie. Song Books wordt ingelijst door drie composities voor percussie, uitgevoerd door Slagwerk Den Haag in de foyers van het Muziekgebouw: voorafgaand Inlets (1977), en na afloop van het concert Third Construction (1941) en Imaginary Landscape no. 3 (1942).
Op zondag 10 juni worden de werken Europera 3 & 4 (1990) omlijst door Slagwerk Den Haag met uitvoeringen in de foyers. Van te voren speelt men Imaginary Landscape no. 4 (1951), en na afloop Child of Tree (1975) en Branches (1976). Voorafgaand aan Roaratorio speelt Slagwerk Den Haag in de foyer het werk met de langste titel van het weekend: But what about the noise of crumpling paper which he used to do in order to paint the series of ‘Papiers froisses’ or tearing up paper to make ‘Papiers dechires?’ Arp was stimulated by water (sea, lake, and flowing waters like rivers), forests (1985). Cage componeerde het werk ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van de Frans-Duitse kunstenaar Hans Arp; de titel is afkomstig uit een brief die hij ontving van Greta Ströh, de beheerder van de Arp Stichting.

Biografieën

John Cage (1912-1992) was een Amerikaanse avant-gardecomponist. Hij geldt als een van de grootste vernieuwers van de klassieke muziek in de twintigste eeuw. Aanvankelijk wilde hij schrijver worden. Aan de universiteit betoonde hij zich een getalenteerde student, maar in 1930 brak hij zijn studie af voor een reis van uiteindelijk achttien maanden naar Europa. Daar hield hij zich met allerlei vormen van kunst bezig; hij verdiepte zich in Griekse en gotische architectuur en begon te schilderen. Ook kwam hij in aanraking met de nieuwe muziek van Stravinsky en Hindemith en met de oude muziek van Bach, en begon hij te componeren. In 1933 studeerde hij in New York compositie bij Henry Cowell en Adolph Weiss, als voorbereiding op een studie bij Arnold Schönberg. Cage studeerde in Californië vervolgens twee jaar bij Schönberg, die hem later de enige interessante van zijn Amerikaanse studenten noemde: ‘Of course he’s not a composer, but he’s an inventor – of genius.’
Cage raakte gegrepen door moderne dans en doceerde aan dansopleidingen in Los Angeles en in Seattle, waar hij zijn latere levenspartner Merce Cunningham ontmoette. In zijn componeren werden ritmiek en klankkleur steeds belangrijker, en in 1940 vond hij de ‘prepared piano’ uit: hij stopte allerlei voorwerpen tussen de snaren van de piano om meer percussieve geluiden te kunnen voortbrengen. Een van zijn eerste werken voor dit instrument, Sonatas and interludes for prepared piano (1946-1948), werd goed ontvangen. Halverwege de jaren 40 maakte Cage een persoonlijke en professionele crisis door. Hij begon zich te verdiepen in Indiase muziek en filosofie en in het zenboeddhisme. In 1951 leerde hij de I Tjing of het ‘Boek der veranderingen’ kennen, een klassieke Chinese tekst die onder meer wordt gebruikt om voorspellingen mee te doen. Voor Cage werd de I Tjing zijn voornaamste gereedschap om toevalsoperaties en kansprocessen toe te passen bij het componeren. Een van de eerste resultaten van deze nieuwe methode was Music of Changes voor piano solo uit 1951. Het jaar daarop schreef hij het beroemde 4’33”, een werk waarin de uitvoerende gedurende de voorgeschreven tijd niets hoeft te doen en dat helemaal bestaat uit omgevingsgeluid. Ook maakte hij in deze periode een aantal van de vroegste elektroakoestische composities. De Europese tournee die hij halverwege de jaren 50 maakte zorgde voor een sensatie, omdat zijn ‘aleatorische’ (Lat. alea, ‘dobbelsteen’) benadering haaks op het in Europa heersende serialisme stond.
Vanaf de jaren 60 groeide Cages roem. Hij gaf talloze lezingen en publiceerde in 1961 Silence, het eerste van zijn zes boeken. Veel van zijn composities uit deze periode waren in feite happenings, die voor een belangrijk deel uit instructies voor de uitvoerenden bestonden. In de jaren 70 keerde hij terug naar volledig uitgeschreven partituren voor traditionele instrumenten en pikte de draad als beeldend kunstenaar weer op; ook ging hij zich bezighouden met improvisatie, onder andere in Child of Tree (1975). In de jaren 80 richtte Cage, wiens toevalsmuziek vrijwel altijd een theatrale kwaliteit had gehad, zich bovendien op opera, en uiteindelijk voltooide hij een serie van vijf Europera's. Cage stierf op 12 augustus 1992 nadat hij een dag eerder getroffen was door een beroerte.

Sinds zijn oprichting in 1977 richten de musici van Slagwerk Den Haag zich op het spelen en ontwikkelen van hedendaagse slagwerkmuziek in de meest uiteenlopende vormen: van bestaand repertoire, via nieuwe opdrachten en samenwerking met componisten, tot onderzoek naar de grenzen en mogelijkheden van georganiseerd geluid. Als gespecialiseerd ensemble heeft Slagwerk Den Haag op dit terrein een toonaangevende positie opgebouwd in binnen- en buitenland, wat hen in de loop der jaren dan ook naar vrijwel alle landen van Europa, de Verenigde Staten, het Midden-Oosten, Japan en Korea bracht.
Het instrumentarium en de klankbronnen van Slagwerk Den Haag onderscheiden zich door een ongekende diversiteit. Net zo gevarieerd is de programmering: van specialistische laboratoriumprojecten tot breed toegankelijke programma’s, van jeugdconcerten tot grootschalige (inter)nationale coproducties. Daarnaast gaat Slagwerk Den Haag graag de samenwerking aan met andere ensembles en met andere kunstdisciplines (dans, theater, beeldende kunst). Doordat de samenstelling van Slagwerk Den Haag regelmatig is vernieuwd en verjongd, heeft het ensemble niet alleen zijn grote ervaring maar ook een open karakter weten te behouden. Deze openheid kenmerkt ook de communicatiewijze waarop de musici hun concerten presenteren, en waarmee ze heel diverse publieksgroepen weten aan te spreken.

CREDITS

Imaginary landscape no. 4
muziek
John Cage
uitvoering
Slagwerk Den Haag
Fedor Teunisse
Niels Meliefste
Juan Martinez
Pepe Garcia
Frank Wienk
Joey Marijs
studenten Koninklijk Conservatorium