Alain Platel onderzoekt in de dans de ‘gevaarlijke schoonheid’ van de massa, op muziek van Verdi en Wagner.

C(H)OEURS

opening Holland Festival 2012

Alain Platel, les ballets C de la B, Teatro Real Madrid

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

In deze tijden waarin het nationalisme weer de kop opsteekt in Europa, zet de Belgische choreograaf en regisseur Alain Platel een grootschalig project op de planken om de ‘gevaarlijke schoonheid’ van de massa te onderzoeken. Het 150-koppige koor en orkest van het Teatro Real uit Madrid brengen in een levend tableau de muziek van Verdi en Wagner ten gehore. Daartegenover staan tien dansers van les ballets C de la B, die de individualiteit vertegenwoordigen. Onder meer geïnspireerd door de bestseller De welwillenden van Jonathan Littell vraagt de voorstelling naar de verantwoordelijkheid van het individu in de groep en hoe wij als 21e-eeuwse toeschouwers omgaan met de onweerstaanbare emotionaliteit die blijft spreken uit de koren van Wagner en Verdi.

Achtergrondinformatie

De spanning tussen groep en individu staat al jaren centraal in het werk van de Vlaamse regisseur Alain Platel. C(H)ŒURS is een grootschalig project met muziek van Verdi en Wagner, waarin Platel met koor en orkest van het Teatro Real uit Madrid en tien dansers van les ballets C de la B onderzoekt hoe ‘gevaarlijk schoon’ een groep kan zijn en op zoek gaat naar een balans tussen individualiteit en solidariteit.
Hoewel het koor voor Platel ook diversiteit en pluralisme vertegenwoordigt, blijft het toch bij uitstek de muzikale constellatie waarbinnen de individuele stem moet opgaan in het grotere geheel van de groep. Hiertegenover stelt Platel tien dansers die de individualiteit vertegenwoordigen. Het individuele aspect van de dansers wordt bij Platel nog versterkt door de idiosyncratische vorm die hij aan dans meegeeft. De dansers van zijn gezelschap les ballets C de la B hebben de afgelopen jaren een arsenaal aan spastische, verkrampte, impulsieve, hysterische bewegingen opgebouwd, die Platel samenvat onder ‘de schoonheid van de lelijkheid’.

C(H)ŒURS heeft verschillende inspiratiebronnen. Een daarvan is de roman De welwillenden van Jonathan Littell, die is opgezet als een fictieve autobiografie van een beschaafde, cultureel onderlegde SS-officier tijdens de Tweede Wereldoorlog. De roman handelt over de verantwoordelijkheid van een individu in een groep die gruwelijke misdaden begaat.
Daarnaast heeft Platel zich laten inspireren door het opkomende verzet tegen de banken, de machthebbers en de regeringen in Griekenland en daarbuiten, zoals dat onder meer tot uiting kwam in het manifest Indignez-vous van de 93-jarige Stéphane Hessel, de Occupy-beweging en niet te vergeten de Arabische lente. Telkens draait het hier om groepen mensen die het gevoel hebben dat hun land en hun toekomst hen niet meer toebehoort en die het zich opnieuw willen toe-eigenen.
Deze bewegingen vertonen opmerkelijk veel parallellen met de bewegingen die de Europese revoltes van 1848 in gang zetten. Zowel Wagner als Verdi waren hierbij nauw betrokken, beiden koesterden zij dezelfde ambitie: bijdragen aan het versterken van het nationale gevoel in de strijd voor vrijheid. Of, zoals Richard Wagner het in 1848 in een pamflet verwoordde: ‘Ik wil de heersende structuren vernietigen, die de solidaire mensheid in vijandige volkeren, in machtigen en zwakken, in bevoorrechten en rechtelozen, in rijken en armen verdeelt, want ze maakt ons allen ongelukkig. Ik wil de structuren vernietigen, die miljoenen tot slaven van weinigen maakt en deze weinigen tot slaven van hun eigen macht, van hun eigen rijkdom.’ Het zouden de woorden van een anti-Wall Street-manifestant of een Spaanse indignado vandaag kunnen zijn.

In zowel Tannhäuser als Lohengrin brengt Wagner de spanning tussen conservatisme en vooruitgang, tussen groep en enkeling op de bühne. Het koor in Tannhäuser is de massa die de enkelingen Tannhäuser, Elisabeth en Venus uitsluit. Maar het koor vertolkt in Tannhäuser ook de pelgrims, die door de ‘normale’ gemeenschap als zondebok naar Rome gestuurd worden. In Lohengrin is het de protagonist die staat voor de vooruitgang en de utopie. Dankzij zijn heilige natuur gaan alle reactionaire principes ten onder in een verblindend licht.
Verdi verscheen op het toneel toen het publiek iets nieuws vroeg: meer waarheid en meer aansluiting bij het collectief. Hij bracht een nieuw geluid binnen in de Italiaanse muziek. Opvallend zijn de de brutale harmonie en de onstuimige, bijna primitieve orkestklank. De muziek vertoont de sporen van Verdi’s jeugd op het platteland; van de liederen die de boeren in koor zongen in de herberg van zijn vader in Roncolle, of van de fanfare van Busetto. Juist door deze jeugdige energie en de weigering om zich te plooien naar de klassieke regels en de goede smaak, wist Verdi met zijn muziek alle lagen van de Italiaanse bevolking in het hart te raken.
In Verdi’s opera’s na 1850 komt het accent steeds minder op de collectieve beleving te liggen, en steeds meer op de gevoelens van het individu. Als geen ander geeft Verdi vanaf dan een stem aan de outsider, die vaak in conflict met een harde en schijnheilige maatschappij geschilderd wordt. Deze ontwikkeling culmineert in La Traviata.

Net zoals bij Wagner en Verdi staat in C(H)ŒURS de dynamiek tussen conservatisme en progressiviteit, tussen groep en individu centraal. Uiteindelijk gaat het Platel, in de woorden van dramaturg Hildegard Vuyst, om ‘een zoektocht naar een groter geheel zonder verlies van individualiteit, naar politiek zonder verlies van intimiteit.'

Biografieën

Alain Platel (1956, Gent) is opgeleid als orthopedagoog, als regisseur is hij autodidact. Hij richt met een aantal vrienden en familieleden in 1984 een groepje op dat collectief opereert. Vanaf Emma (1988) profileert hij zich meer als regisseur. Hij tekent voor Bonjour Madame (1993), La Tristeza Complice (1995) en Iets op Bach (1998), producties die les ballets C de la B (zoals het gezelschap ondertussen heet) naar de internationale top brengen. Platel werkt in zijn producties met zowel professionals als amateurs.
Na een productiestop van een aantal jaren maakt hij op verzoek van Gerard Mortier in 2003 Wolf, op muziek van Mozart. Het project met koren voor de opening van de nieuwe Koninklijke Vlaamse Schouwburg markeert het begin van een intense samenwerking met componist Fabrizio Cassol. vsprs (Holland Festival 2006) is een nieuw keerpunt in het werk van Platel, dat tot dan toe uitbundig was, zowel in de diversiteit van de performers als de thema’s. Nu kruipt het onder het vel en legt een wereld bloot van drift en verlangen.
Na het barokke pitié! (2008), dat in 2009 in het Holland Festival staat, is Out Of Context - for Pina (januari 2010) een bijna ascetische reflectie op het bewegingsarsenaal van spasmen en tics. Alain Platel blijft consequent in dit bewegingsidioom zoeken naar de vertaling van té grote gevoelens. De hunker naar iets wat het individuele overstijgt wordt steeds voelbaarder.
Voor het theater maakt Platel in 2010 Gardenia, gecreëerd in samenwerking met regisseur Frank Van Laecke.
In de afgelopen tien jaar heeft Platel ook een aantal dansfilms gemaakt, waaronder Because I Sing (2001), Ramallah!Ramallah!Ramallah! (2005) en VSPRS: Show and Tell (2007) met Sofie Fiennes en de balletten en ci en là (2006) solo.

les ballets C de la B dankt haar wereldfaam aan een eclectische, haast surrealistische mix van hedendaagse dans, teksttheater en muziek. Het gezelschap werd in 1984 opgericht door Alain Platel en bestond in eerste instantie uit vrienden en familieleden.
Door de jaren heeft het gezelschap zich ontwikkeld tot een artistiek platform voor verschillende choreografen; naast Alain Platel zijn dat Christine De Smedt en Koen Augustijnen. Eerder maakte ook Hans van den Broeck deel uit van de compagnie, tot hij in 2002 zijn eigen groep cie Soit stichtte. Sidi Larbi Cherkaoui was choreograaf bij les ballets C de la B tot 2006, en heeft tegenwoordig zijn eigen gezelschap Eastman.
Nog steeds is Les ballets C de la B erop gericht om talentvolle jonge artiesten vanuit verschillende disciplines en achtergronden deel te laten nemen aan het creatieve proces. Door de mix van artistieke visies die elkaar voortdurend bestuiven, valt les ballets C de la B niet zomaar onder één noemer te brengen. Er is wel sprake van een huisstijl die in de loop der jaren is ontwikkeld (populair, anarchistisch, eclectisch en geëngageerd) onder het motto: ‘deze dans is van de wereld en de wereld is van iedereen’.

Biografieën van de dansers

Het Teatro Real in Madrid is één van de belangrijke podia in de Spaanse hoofdstad. Het brengt gemiddeld 17 opera’s, twee tot drie balletten en enkele recitals per seizoen. Meer dan twintig werken uit het Spaanse lyrisch repertoire werden van de vergetelheid gered en nooit eerder in Spanje opgevoerde opera’s met ‘s werelds beste zangers vonden hun weg naar het publiek.
Met de aanstelling van Gerard Mortier in 2010 als nieuw artistiek directeur wilde de Spaanse regering het Teatro Real naar het hoogst Europese niveau tillen. Het koor van Teatro Real werd door Mortier volledig vernieuwd en het orkest van Teatro Real gaf hij nieuwe impulsen door dirigenten van wereldformaat zoals Semyon Bychkov, Sylvain Cambreling, Thomas Hengelbrock, Teodor Currentzis en Hartmut Haenchen uit te nodigen.
Mortier haalde ook tal van wereldberoemde regisseurs zoals Bob Wilson, Christoph Marthaler, Dmitri Tcherniakov, Peter Sellars, Krzysztof Warlikowki, Lluís Pasqual en Fura dels Baus naar Madrid. Daarnaast werkt het theater onder Mortier ook met belangrijke kunstenaars als Anselm Kiefer, Jaume Plensa en Marina Abramović.

CREDITS

concept, regie, choreografie
Alain Platel
dans
Bérengère Bodin
dans
Ido Batash
dans
Daisy Ransom Phillips
dans
Dara Guissé
dans
Lisi Torres
dans
Vanessa Court
dans
Arturas Bumšteinas
dans
Ville Rusanen
dans
Lisi Estaras
dans
Juliana Neves
koor & orkest
Teatro Real Madrid
regie-assistent
Sara Vanderiec
dramaturgie
Hildegard De Vuyst
dirigent
Marc Piollet
koordirigent
Andrés Máspero
muziekdramaturgie
Jan Vandenhouwe
additionele muziek
Steven Prengels
licht
Carlo Bourguignon
geluid
Bart Uyttersprot
concept decor
Alain Platel
uitvoering decor
les ballets C de la B
kostuums
Dorine Demuynck
productieleiding
Eline Vanfleteren
productie
Teatro Real Madrid
met dank aan
Concertgebouw Brugge
met dank aan
Holland Festival
met dank aan
Ludwigsburger Schlossfestspiele

DEZE VOORSTELLING IS MEDE MOGELIJK GEMAAKT DOOR