Ruimtelijke totaalervaring van Stanley Kubricks legendarische filmklassieker.

2001: A Space Odyssey

Stanley Kubrick , Groot Omroepkoor, Radio Filharmonisch Orkest

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Van de openingsscène tot de raadselachtige finale: Stanley Kubricks sciencefiction-klassieker 2001: A Space Odyssey blijft onlosmakelijk verbonden met zijn soundtrack. Traditionele verteltechnieken maken plaats voor de emotionele kracht van klassieke werken van Ligeti, Chatsjatoerjan, Richard Strauss en Johann Strauss. Bij de vertoning van de onlangs gerestaureerde film wordt de muziek live uitgevoerd door het Radio Filharmonisch Orkest en het Groot Omroepkoor onder leiding van dirigent André de Ridder, die ook de première in het Londense Southbank Centre voor zijn rekening nam. Het publiek kan zich opmaken voor een adembenemend avontuur, waarin de ruimtelijkheid van film en muziek – ook dankzij de bijzondere locatie – volledig tot zijn recht komt.

programma

Achtergrondinformatie

Stanley Kubricks 2001: A Space Odyssey uit 1968 geldt in allerlei opzichten als een mijlpaal. Cinematografisch was de film zijn tijd ver vooruit. Bovendien gaf hij een jaar voor de maanlanding een verbijsterend accuraat beeld van menselijke navigatie in het oneindige heelal. Ook de soundtrack was baanbrekend, door de openingsscène van twintig minuten zonder dialoog, en door het eigenzinnige gebruik van muziek van zeer uiteenlopende componisten. In dit spectaculaire project wordt de muziek integraal live uitgevoerd door het Radio Filharmonisch Orkest en het Groot Omroepkoor bij een vertoning van de film: zo ruimtelijk was de ervaring van 2001: A Space Odyssey nooit eerder.

2001: A Space Odyssey wordt vertoond in de Gashouder op het Westergasfabriekterrein. Speciaal voor deze vertoning wordt een perfect gerestaureerd exemplaar van de film naar Amsterdam overgebracht vanuit het British Film Institute. De muzikale leiding is in handen van de jonge, uit Berlijn afkomstige dirigent André de Ridder, net als bij de première in het het Southbank Centre in Londen, op 25 juni 2010. De oorspronkelijke composities worden in de film zelden in hun geheel gebruikt, en er zijn allerlei bijzondere overgangen. De Ridder stelde zelf de speciale partituur samen, en zorgt er eigenhandig voor dat elke muzikale wending op precies hetzelfde moment klinkt als in de originele film.

Eigenlijk had Kubrick de gerenommeerde Hollywoodcomponist Alex North, met wie hij al eerder had samengewerkt, de opdracht gegeven om de filmmuziek voor zijn nieuwe project te schrijven. Ruim twee jaar eerder had hij ook tevergeefs de Nederlander Dick Raaijmakers, pionier op het gebied van de elektronische muziek, gevraagd de film van een eigentijdse elektronische soundtrack te voorzien. In de laatste fase van het productieproces besloot Kubrick echter de composities die hij gebruikt had voor het ritme van zijn montage ook daadwerkelijk op te nemen op de geluidsband. Een goed voorbeeld van Kubricks audiovisuele werkwijze is de sequentie waarin het ruimteschip door het universum wentelt op de tonen van de bekende wals An der schönen blauen Donau uit 1867 van Johann Strauss jr. Pas bij de première kwam North er achter dat zijn partituur op de plank was blijven liggen.

Zo kreeg 2001: A Space Odyssey een soundtrack met veel uiterst effectieve stilte en als muziek slechts bestaande klassieke werken, wat zeer ongebruikelijk was. Hoewel de kritieken bij de première op 2 april 1968 gemengd waren, worden zowel film als soundtrack inmiddels erkend als klassiek. Het gebruik van bepaalde composities heeft zelfs veel navolging gekregen in de filmindustrie, zoals dat van de kenmerkende pauken uit het symfonische gedicht Also sprach Zarathustra uit 1896 van Richard Strauss (geen familie van Johann). Het eerste deel (getiteld ‘Zonsopgang’) van Also sprach Zarathustra, geïnspireerd door Nietzsches gelijknamige filosofisch-visionaire cultuurkritiek, zet Kubrick met groot effect in bij de zonsopgang waarmee de film opent, en opnieuw in de sequentie over de menselijke evolutie.

Een componist die zijn roem bij een breed publiek voor een groot deel aan 2001: A Space Odyssey te danken heeft, is György Ligeti (1923-2006). Maar liefst vier composities van de Hongaar gebruikte Kubrick in zijn film, deels zonder toestemming, wat de componist de regisseur niet in dank afnam. De vier stukken zijn Atmosphères (1961) voor orkest, het etherische Lux Aeterna (1966) voor 16-stemmig koor, het Kyrie uit het Requiem (1963-1965), en een elektronisch bewerkte versie van Aventures (1962-1965) voor drie zangers en zeven instrumentalisten tijdens de enigmatische finale. Vanwege de elektronische bewerking is dit het enige fragment dat niet live kan worden uitgevoerd. Verder klinkt onder meer een fragment uit het ballet Gayane uit 1942 van de Armeense sovjetcomponist Aram Chatsjatoerjan.

Biografieën

Stanley Kubrick (1928-1999) was een Amerikaans filmregisseur, scenarioschrijver en producent. Hoewel hij een relatief kleine oeuvre van twaalf speelfilms heeft nagelaten, geldt hij als een van de meest invloedrijke cineasten van de moderne filmkunst. Kubrick, die in sommige scènes zelf de camera bediende, stond bekend om zijn perfectionistische werkwijze en zijn grote technische kennis. Vooral later in zijn carrière was hij terughoudend met interviews en vertoonde zich zelden in het openbaar. Kubrick werd geboren in The Bronx, New York, in een gezin van joodse immigranten uit Oost-Europa. Op zestienjarige leeftijd kreeg hij een baan als fotograaf bij het tijdschrift Look. Uit eigen zak financierde hij een aantal kleinschalige maar succesvolle films, die ervoor zorgden dat Hollywood in hem geïnteresseerde raakte. Daar maakte hij drie films die hem succes en erkenning brachten: The Killing (1956), Paths of Glory (1957) en het met vier Oscars bekroonde Spartacus (1960). Ontevreden met de invloed van de grote studio's op zijn werk en om zijn artistieke vrijheid te waarborgen vertrok Kubrick vervolgens naar Engeland, waar hij een filmstudio in zijn achtertuin liet bouwen. In 1962 verscheen de controversiële Nabokov-verfilming Lolita en in 1964 de koude-oorlogsatire Dr. Strangelove met Peter Sellers. In Kubricks volgende twee films, de sciencefictionfilm 2001: A Space Odyssey (1968) en A Clockwork Orange (1971) naar de roman van Anthony Burgess, speelde voor het eerst klassieke muziek een grote rol. Het kostuumdrama Barry Lyndon (1975) was Kubricks enige commercieel niet succesvolle film; vijf jaar later werd de horrorfilm The Shining juist een enorm kassucces. In de twintig jaar daarna maakte Kubrick nog slechts twee films: de oorlogsfilm Full Metal Jacket (1987) en de erotische thriller Eyes Wide Shut (1999) met Tom Cruise en Nicole Kidman, die uitkwam kort na het overlijden van de regisseur. In 2000 werd de Britannia Life-time Achievement Award van de BAFTA omgedoopt tot de Stanley Kubrick Britannia Award.

André de Ridder is een Duitse dirigent. Hij studeerde in Wenen bij Leopold Hager en in Londen bij Sir Colin Davis. Nog tijdens zijn studietijd kreeg hij een positie als assistent bij het Bournemouth Symphony Orchestra. In het seizoen 2005-2006 was hij assistent-dirigent bij het Hallé Orchestra Manchester. De Ridder staat bekend om zijn grensvervagende programmering en projecten, waarbij hij samenwerkt met hedendaagse-muziekspecialisten als musikFabrik, maar ook met de band Gorillaz of jazzmusicus Uri Caine. Ook werkt hij samen met het Duitse elektronicaduo Mouse on Mars, waarmee hij in januari 2011 gezamenlijk heeft opgetreden met het Chicago Symphony Orchestra. De Ridder is veelvuldig actief in Groot-Brittannië, waar hij te gast was bij onder andere het BBC Symphony Orchestra, London Sinfonietta, de BBC Philharmonic, Britten Sinfonia en het Ulster Orchestra. In 2007 werd hij genomineerd voor de Young Artist Award van de Royal Philharmonic Society en sinds het seizoen 2007-2008 is hij chef-dirigent van Sinfonia ViVA. Daarnaast was hij te gast bij onder meer het Royal Stockholm Philharmonic Orchestra, Tapiola Sinfonietta, het SWR Sinfonieorchester Baden Baden und Freiburg en de Camerata Salzburg. Als operadirigent leidde De Ridder onder meer producties met werken van Mozart, Janacek en Henze. Hij dirigeerde de Engelse première van Gerald Barry's The Bitter Tears of Petra von Kant bij de English National Opera in 2005 en de wereldpremière van Wolfgang Rihms Drei Frauen bij het Theater Basel in 2009. In 2010 dirigeerde hij in het Southbank Centre in Londen de wereldpremière van Anna Merediths Concerto for Beatboxer and Orchestra. Dit seizoen is De Ridder conductor-in-residence bij het Muziekgebouw Eindhoven, waar hij optreedt met onder meer het Noord Nederlands Orkest en Amsterdam Sinfonietta.

Het Groot Omroepkoor werd in 1945 opgericht en valt onder het Muziekcentrum van de Omroep. Het koor bestaat uit 74 professioneel geschoolde zangers en treedt op in verschillende samenstellingen, zowel met orkest als a capella, in een zeer breed repertoire, van de renaissance tot nu. Sinds het seizoen 2008-2009 is de Braziliaan Celso Antunes chef-dirigent van het Groot Omroepkoor. Vaste gastdirigent is sinds september 2010 Michael Gläser. Voorgangers van Celso Antunes zijn Kenneth Montgomery, Robin Gritton, Martin Wright en Simon Halsey. Recent werkte het Groot Omroepkoor samen met onder anderen Marcus Creed, James Wood, Kaspars Putnins, Sigvards Klava en Stefan Parkman. Met specialisten als Nikolaus Harnoncourt, Frans Brüggen, Philippe Herreweghe, Ton Koopman en Jos van Veldhoven ontfermt het koor zich over muziek uit de barok en de klassieke periode. De belangrijkste partners van het Groot omroepkoor zijn het Radio Filharmonisch Orkest en de Radio Kamer Filharmonie. Daarnaast werkt het Groot Omroepkoor al jaren samen met het Koninklijk Concertgebouworkest en het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Vrijwel alle concerten spelen zich af binnen twee series van de Publieke Omroep, De Vrijdag van Vredenburg in Utrecht en de ZaterdagMatinee in het Concertgebouw in Amsterdam. Deze concerten zijn live te beluisteren op Radio 4 en worden regelmatig op televisie uitgezonden. Daarnaast neemt het Groot Omroepkoor regelmatig deel aan producties van het Holland Festival en aan de concerten van de NTR in Muziekgebouw aan ’t IJ, en werkt het enkele keren per seizoen samen met andere orkesten, waaronder het Koninklijk Concertgebouworkest, het Rotterdams Philharmonisch Orkest, het Orchestre Philharmonique de Radio France en de Berliner Philharmoniker. Het koor werkte mee aan vele cd-opnames, met muziek van onder meer Mahler, Sjostakovitsj en Stockhausen.

Het Radio Filharmonisch Orkest werd in 1945 opgericht door Albert van Raalte. In de loop der jaren werd het orkest geleid door onder anderen Bernard Haitink, Jean Fournet, Willem van Otterloo, Hans Vonk en Edo de Waart. Sinds september 2005 is Jaap van Zweden chef-dirigent en artistiek leider; hij wordt in het seizoen 2012-2013 opgevolgd door Markus Stenz. Het Radio Filharmonisch Orkest werkte samen met tal van befaamde gastdirigenten, onder wie Stokowski, Kondrasjin, Dorati, Muti, Masur, Jansons en Gergiev. Tot medio 2015 is James Gaffigan vaste gastdirigent. Het orkest speelde de (Nederlandse) premières van werken van onder anderen Adès, Berio, Boulez, Adams, Franssens, Koolmees, Padding, Francesconi, Janácek, De Raaff, Oestvolskaja en Rijnvos. Het RFO treedt bij gelegenheid ook op in het buitenland, bijvoorbeeld tijdens het Festival Musica in Straatsburg in 2008, het Sun Festival in Singapore in 2009, en in 2010 met concertreizen naar Groot-Brittannië, Duitsland en Oostenrijk. In 2011 maakte het RFO o.l.v. Jaap van Zweden een succesvol debuut bij de BBC Proms.

Het RFO staat in dienst van de publieke omroep en is prominent aanwezig in de series de ZaterdagMatinee en Het Zondagochtend Concert in het Amsterdamse Concertgebouw, en in De Vrijdag van Vredenburg in Utrecht; deze concerten zijn rechtstreeks te beluisteren op Radio 4. Het RFO heeft een indrukwekkende discografie opgebouwd, met onder veel meer de complete symfonieën van Mahler onder leiding van Edo de Waart, een unieke Wagnerbox, een Bruckner-cyclus onder leiding van Jaap van Zweden en de complete orkestwerken van Rachmaninoff. Ook met hedendaagse muziek trekt het orkest regelmatig de aandacht: cd's met werken van onder anderen Jonathan Harvey, Klas Torstensson en Jan van Vlijmen werden onderscheiden.

CREDITS

regie
Stanley Kubrick
filmscript
Arthur C. Clarke
filmscript
Stanley Kubrick
hoofdrol
Keir Dullea
hoofdrol
Gary Lockwood
hoofdrol
William Sylvester
muziek
Aram Chatsjatoerjan
muziek
Györgi Ligeti
muziek
Richard Strauss
muziek
Johann Strauss
muzikale leiding
André de Ridder
muzikale uitvoering
Groot Omroepkoor
muzikale uitvoering
Radio Filharmonisch Orkest
coproductie
Warner Bros
coproductie
Southbank Centre
coproductie
BFI (British Film Intitute)