Theaterconcert in drie tableaus met gezongen teksten door het wereldvermaarde Hilliard Ensemble.

I went to the house but did not enter

Heiner Goebbels

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Na de verrassende ‘no-man show’ Stifters Dinge vorig jaar in het Holland Festival presenteert de Duitse componist en muziektheatermaker Heiner Goebbels zijn nieuwste productie in samenwer king met het fameuze Hilliard Ensemble. Associatieve teksten van Eliot, Blanchot, Beckett en Kafka vormen de basis voor een geën sceneerd concert zonder herkenbare verhaallijn of personages. De muziek is schaars, ‘alleen ge bruikt wanneer het absoluut nodig is: om de sfeer van Eliots gedicht te verhogen of om de woorden van Beckett op de wijze van een metrische psalm te brengen.’ (The Guardian). I went to the house but did not enter kan misschien het beste worden omschreven als een reis in drie tijdframes op een niet nader omschreven plek: overal en nergens. Een niet te missen wereldtopper!

Achtergrondinformatie

Eén van de grote verrassingen van het Holland Festival 2008 was de 'no-man show' Stifters Dinge van de Duitse componist en muziektheatermaker Heiner Goebbels. “Computergestuurd theater, dat tegelijk vol menselijke emotie is: dat is de griezelige paradox van Stifters Dinge”, schreef NRC Handelsblad.

In het Holland Festival 2009 is de nieuwste productie van Goebbels te zien die hij maakte met de vier zangers van het wereldvermaarde Hilliard Ensemble. 'Een geënsceneerd concert in drie tableaus', noemt hij I went to the house but did not enter. De drie tableaus worden gevormd door drie literaire teksten, van T.S. Eliot, Maurice Blanchot en Samuel Beckett, met Franz Kafka's Der Ausflug ins Gebirge als vrolijk barbershop-intermezzo.

De teksten hebben gemeen dat ze geen veiligheid bieden: er is geen herkenbaar verhaal, er zijn geen herkenbare personages. Het is aan de luisteraar om de aanzet tot eventuele verhalen zelf af te maken. Zo zegt de ik-figuur uit The Love Song of J. Alfred Prufrock van T.S. Eliot in het begin: “Let us go then, you and I!” Maar of hij ooit de kamer verlaat, wordt niet duidelijk. De vier heren van het Hilliard Ensemble zingen het gedicht in een soort atonale harmonie en verwijderen intussen alle objecten uit de kamer en vervangen ze door hun negatief: alles wat eerst zwart was, wordt nu wit, en andersom. “The crushing serenity of this 40-minute episode is an almost perfect realisation of the innately suburban emotional failure embedded in T.S. Eliot's poem.” (The Times)

In het tweede tableau op de tekst La folie du jour van de Franse schrijver Maurice Blanchot (1907-2003) zegt iemand: “Tell us exactly what happened!” Maar wie is het? Een politieagent? Een arts, verpleegkundigen, een advocaat? Horen we een bekentenis, of een ondervraging? En wie gooide een glas in wiens gezicht? Is er dan toch een verhaal? Nee, dat nooit! Het Hilliard Ensemble geeft de monotoon uitgesproken tekst nog een extra sinistere lading door de alledaagse handelingen waarin de zangers opgaan: de een werkt achter een computer, de ander knutselt in een garage. Kafka doorbreekt uiteindelijk de spanning.

Tot slot is er Worstword Ho uit 1983 van Samuel Beckett, een tekst die op radicale wijze onze taal, woorden en betekenissen bevraagt en uitdaagt, en daardoor eerder muzikaal is dan prozaïsch. Goebbels plaats de zangers in een hotelkamer en laat ze naar vakantiedia's kijken. “Goebbels' music is spare, used only when absolutely essential, whether to heighten the mood of Eliot's great poem or to deliver Beckett's words like a metrical psalm, the voices in rhythmic unison throughout. As with the whole show, there's not a detail misplaced.” (The Guardian)

De generatie componisten waar Heiner Goebbels (1952) deel van uitmaakt hebben geen 'last' meer van waar de generatie voor hen nog zwaar onder gebukt ging: de last van twee wereldoorlogen die ervoor zorgde dat iedere verwijzing naar het oude, naar traditie, uit den boze was. Goebbels is eclectischer in aanpak: hij gebruikt wat hij gebruiken kan, of dat nu uit de jazz, pop, klassieke muziek, opera of welke kunstvorm dan ook afkomstig is. Zijn nieuwe samenwerking met het al sinds 1974 bestaande Hillard Ensemble is dan ook volstrekt consistent in de consequente inconsistentie van zijn oeuvre.

Biografie

Heiner Goebbels

Componist, regisseur, geboren in 1952, woont in Frankfurt/ Main (Duitsland). Tussen 1971 en 1978  volgde hij studies Sociologie en Muziek in Frankfurt. Eerst componeerde hij verschillende werken voor film en theater. Naast zijn bijzondere bijdrage aan de radiokunst in de jaren tachtig met prijswinnende hoorspelen, de meeste met teksten van Heiner Müller, ontwikkelde hij een uniek genre van ‘geënsceneerde concerten’ met The Man in the Elevator (1987), The Liberation of Prometheus (1993), Eislermaterial (1998 – met Ensemble Modern), en …meme soir.- (2000 met Les Percussionists de Strasbourg). Composities voor ensemble en groot orkest: o.a. Bildbeschreibung (2003) en Songs of Wars I have seen (2007). Internationale uitvoeringen van zijn composities werden gedaan door vele moderne muziekensembles zoals Ensemble Modern, Ensemble Intercontemporain Paris, Asko Ensemble en London Sinfonietta. Samenwerking met grote orkesten, waaronder: Junge Deutsche Philharmonie, Bochumer Symphoniker en Berliner Philharmoniker. Sinds het begin van de negentiger jaren componeert en regisseert Heiner Goebbels zijn eigen muziektheaterstukken: Ou bien le débarquement désastreux (1993), The Repetition (1995), Black on White (1996), Max Black (1998), Eislermaterial (1998), Hashirigaki (2000), ...meme soir.- (2000), Landscape with distant Realtives (2002), Eraritjaritjaka (2004) en Stifters Dinge (2007).

Na zijn vroege opnamen met de Sogenanntes Linksradikales Blasorchester (1976–1981), het Duo Heiner Goebbels/Alfred Harth (1976–1988) en Artrock Trio Cassiber (1982–1992), worden bijna alle cd producties uitgebracht door ECM records met twee keer een nominatie voor een Grammy award. Geluidinstallaties voor de heropening van Centre Georges Pompidou / Paris (IRCAM) en samenwerking met licht- en videokunstenaars waaronder Norbert Meissner, Mischa Kuball, Michal Rovner. Verschillende artikelen en lezingen waaronder de anthologie Komposition als Inszenierung (Verlag der Autoren, Frankfurt). Heiner Goebbels ontving vele internationale prijzen (opnamen, radiokunst, theater en muziek) waaronder Prix Italia, Hessischer Kulturpreis, Goethe Plakette der Stadt Frankfurt, European Theatre Prize. Zijn muziektheaterwerk Eraritjaritjaka (2004, naar een tekst van Elias Canetti) kreeg zes theaterprijzen in Parijs, Warschau, Belgrado, Edinburgh en Frankfurt. Goebbels was componist in residentie bij Luzern Festival (augustus/september 2003); componist in residentie bij Bochumer Symphonikern (seizoen 2003/2004); lid van de Academie voor de Podiumkunsten, Frankfurt; lid van de Kunstacademie in Berlijn. Hij heeft een eredoctoraat aan de Dartington Kunstacademie ontvangen en een doctoraat aan het Instituut voor Toegepaste Studies (Wissenschaftskolleg) in Berlijn (2007 /2008). Heiner Goebbels werkt als professor en zakelijk leider aan het Instituut van Toegepaste Theaterstudies van de Justus Liebig Universiteit in Giessen en sinds 2006 leidt hij de Theateracademie in Hesse.

CREDITS

concept, regie en muziek
Heiner Goebbels
uitgevoerd door
Hilliard Ensemble
tekst
T.S. Eliot
tekst
Maurice Blanchot
tekst
Franz Kafka
tekst
Samuel Beckett
countertenor
David James
tenor
Rogers Covey-Crump
tenor
Steven Harrold
bariton
Gordon Jones
toneelbeeld / licht
Klaus Grünberg
kostuums
Florence von Gerkan
geluidsontwerp
Willi Bopp
assistent
Wolfram Sander
assistent scenografie
Carolina Espirito Santo
productie
Théâtre Vidy-Lausanne
coproductie
Edinburgh International Festival
coproductie
schauspielfrankfurt (Germany)
coproductie
Teatro Comunale di Bolzano / Stadttheater Bozen
coproductie
Grand Théâtre de Luxembourg
coproductie
Musica – festival international des musiques d’aujourd’hui de Strasbourg
corealisatie
Carolina Performing Arts at The University of North Carolina at Chapel Hill (VS)
corealisatie
Hopkins Center, Dartmouth College, Hanover (VS)
met steun van
Pro Helvetia – Fondation suisse pour la culture