‘Wat betekent een kreeft?’ - Met De Lobstershop houdt Lauwers een pleidooi voor de schoonheid van het leven, hoe imperfect en onvoorspelbaar ook.

De Lobstershop

Jan Lauwers & Needcompany

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Jan Lauwers’ De Lobstershop mengt kleine en grote tragedies, realiteit en fictie, theater, dans en muziek. Het stuk vertelt het verhaal van Axel, een veertigjarige biogene¬ticus. Hij werkt aan de nieuwe mens, die alle angsten, verlangens en zelfs de sterfelijkheid overwint. Op een dag verliest Axel zijn zoon. Hij is ontroostbaar, zijn verdriet allesvernietigend. Als niets nog soelaas biedt en ook zijn vrouw hem verlaat, besluit hij zelfmoord te plegen. Nog één keer gaat hij kreeft eten in zijn lievelingsrestau-rant. Maar de kelner struikelt en de kreeft met sauce armoricaine komt op zijn witte pak terecht. In de frac¬tie van een seconde waarin Axel de saus op zijn pak ziet terecht komen, wordt zijn ritueel vernietigd en ziet hij zijn hele leven in zijn gezicht ontploffen. De Lobstershop gaat over deze fractie van een seconde.

Achtergrondinformatie

De Lobstershop vertelt het verhaal van Axel en Theresa. Door een stom incident sterft hun zoon. Het verdriet is allesvernietigend en als geen enkele therapie nog helpt en zijn vrouw hem verlaat, besluit Axel zelfmoord te plegen. Op de bewuste dag trekt hij zijn beste pak aan en gaat hij, bij wijze van afscheid, nog één keer kreeft eten, met saucearmoricaine, in zijn geliefkoosde restaurant “De Lobstershop”. Maar de kelner struikelt en de kreeft met sauce armoricaine komt op Axels witte pak terecht. In de fractie van een seconde waarin Axel de saus op zijn witte pak ziet terechtkomen, wordt zijn ritueel vernietigd en ziet hij zijn hele leven in zijn gelaat ontploffen. De Lobstershop is de beschrijving van deze fractie van een seconde.

 

De Lobstershop is een gelaagde tekst waarin kleine en grote tragedies verschillende maatschappelijke vragen aan de orde stellen. Fragmenten actualiteit dringen onherroepelijk de fictie binnen. Aan de hand van soms surreële, dan weer realistische situaties komen we terecht in een wereld van bootvluchtelingen en criminelen, illegaliteit en de grenzen van de beschaving, vreemde discussies over de nieuwe mens. Personages pogen zichzelf en hun positie te definiëren maar worstelen met de razendsnelle evoluties om zich heen: gentechnologie, migratiestromen, de botsing van religies, gruwel en geweld. De 21e eeuw wordt voorgesteld als een tijdsgewricht in brand, in verbrokkeling en ontbinding, als een biotoop voor irrationele angst en eindeloze verveling en een wildgroei van wanhoopsdaden.

 

Als biogeneticus werkt Axel aan de nieuwe mens, die alle angsten, verlangens, en uiteindelijk de sterfelijkheid overstijgt. Maar specifieke gebeurtenissen in zijn leven, confrontaties en drama’s, bepalen zijn wetenschappelijk parcours. Via Axels tragedie stelt Jan Lauwers de vraag naar menselijkheid en ontmenselijking en houdt hij een pleidooi voor de andere kant van de schoonheid, de schoonheid van het imperfecte en het onvoorspelbare.

 

‘Wat betekent een kreeft?’ Deze vraag - als een rode draad door de voorstelling - is een knipoog naar het semantische spel dat Jan Lauwers met ons speelt. Wat betekent het allemaal? 

 

Deze tekst is geschreven in de eenzaamheid van hotelkamers met de televisie altijd aan. Het cynisch realisme en de romantische sentimentaliteit die meer en meer de hoofdtoon vormen in zowat alle gesprekken die vandaag de dag gevoerd worden, zijn daardoor onvermijdelijk aanwezig. Ik heb er mij met plezier in gewenteld en hoop van harte dat het einde van de mensheid nog een tijdje op zich zal laten wachten.

Jan Lauwers

Biografieën

Needcompany

Needcompany is een performance group die zich van bij haar ontstaan in 1986 uitgesproken internationaal, meertalig en multidisciplinair heeft geprofileerd. Op twintig jaar tijd heeft Needcompany een indrukwekkende reeks theaterproducties gecreëerd die de wereld rond hebben gereisd. Jan Lauwers, oprichter en artistiek directeur van Needcompany, heeft zich steeds toegelegd op verschillende disciplines. Ook al werd hij vooral bekend met zijn theaterwerk, als kunstenaar heeft hij het creëren met een groep mensen (‘I need company’) steeds afgewisseld met het creëren in de  eenzaamheid van zijn atelier, waar hij zich concentreert op zijn beeldend werk en op het schrijven van teksten die vaak bestemd zijn voor het theater. Bovendien hebben Jan Lauwers en Needcompany ook een aantal video-projecten en een langspeelfilm gerealiseerd.

Onder de vleugels van Needcompany maakt Grace Ellen Barkey, die van bij de oprichting bij het gezelschap is betrokken, sinds 1992 haar eigen producties die zich situeren op het grensvlak tussen theater, dans, performance en beeldende kunst. 

Beide kunstenaars vormen het hart van Needcompany.

De groep performers die Jan Lauwers de voorbije jaren heeft verzameld is uniek in zijn  veelzijdigheid. Het vele creëren, performen en reizen samen maakt dat spin off-producten on the road ontstaan. Needcompany is een groep geworden van entrepeneurs in entertainment op  diverse terreinen en op hoog niveau. Needcompany krijgt steeds duidelijker de proporties van een factory, waarin een duidelijke verbreding aan de orde is – een verbreding die organisch is gegroeid van binnenuit, vanuit het hart van de organisatie.

 

Jan Lauwers

Jan Lauwers (°Antwerpen, 1957), theatermaker en beeldend kunstenaar, studeerde schilderkunst aan de Kunstacademie van Gent. Eind 1979 verzamelde hij een aantal mensen rond zich in het Epigonenensemble. In 1981 werd deze groep omgevormd tot het collectief Epigonentheater zlv (zonder leiding van) dat het theaterlandschap verraste met een zestal theaterproducties. Hiermee schreef Lauwers zich in in de radicale vernieuwingsbeweging in Vlaanderen begin jaren tachtig en breekt internationaal door. Het Epigonentheater zlv bracht concreet, direct en sterk visueel theater met muziek en taal als structurerende elementen. De impact van Jan Lauwers binnen het collectief vergrootte en leidde in 1985 tot de ontbinding van het Epigonentheater zlv en tot de oprichting van Needcompany (1986).

Zowel de werking als de acteursgroep waren vanaf dan uitgesproken internationaal. Elke productie werd sindsdien in meerdere talen gespeeld. Needcompany kreeg dan ook al gauw een internationale weerklank. De eerste Needcompany-producties, Need to Know (1987) en ça va (1989) – waarvoor Needcompany de Mobiel Pegasus Preis kreeg – waren nog sterk visueel, maar in de volgende producties winnen de verhaallijn en een centraal thema aan belang, hoewel de fragmentarische opbouw behouden bleef.

Jan Lauwers’ opleiding als beeldend kunstenaar is bepalend voor zijn omgang met het medium theater en leidt tot een eigenzinnige, op velerlei manieren grensverleggende theatertaal, die het theater en haar betekenis onderzoekt. Eén van de belangrijkste kenmerken van zijn theatertaal is het transparante, ‘denkende’ acteren en de paradox tussen spelen en niet-spelen.

Deze specifieke schriftuur is eveneens terug te vinden in de repertoirestukken (Shakespeare) die hij ensceneerde, Julius Caesar (1990), Antonius und Kleopatra (1992), Needcompany's Macbeth (1996), Needcompany’s King Lear (2000) en Ein Sturm (2001, Deutsches Schauspielhaus Hamburg). Na de regie van Invictos (1991), de monoloog SCHADE/Schade (1992) en de opera Orfeo (1993), startte hij in 1994 de realisatie van een groot project, The Snakesong Trilogy: Snakesong/Le Voyeur (1994), Snakesong/Le Pouvoir (1995)en Snakesong/Le Désir (1996). In 1998 bracht hij de herwerkte versie van de gehele Snakesong-trilogie op de planken.

In september 1997 was hij te gast in het theaterluik van Documenta X. Hij creëerde er Caligula naar Camus, het eerste deel van de diptiek No beauty for me there, where human life is rare. Met Morning Song (1999), het tweede deel van de diptiek No beauty…, wonnen Jan Lauwers en Needcompany een Obie-Award in New York. Op vraag van William Forsythe creëerde Jan Lauwers, in samenwerking met het Ballett Frankfurt (2000) de productie DeaDDogsDon´tDance/DjamesDjoyceDeaD. In 2001 regisseerde Jan Lauwers de productie Kind, een coproductie van Needcompany en Het Net.

In 1999 startte Jan Lauwers Needlapb:een eenmalige ruimte voor ideeën, kanttekeningen, schetsen, losse gedachten. Tijdens Needlapb kan men kennis maken met de embryonale fase van diverse projecten waar experiment tastend zijn weg zoekt naar de scène. Een tiental Needlapbs in onder meer Brussel, Leuven, Gent, Parijs, Toulouse, Hamburg, Turijn en Avignon passeerden reeds de revue.

 

 

Images of Affection (2002), de voorstelling die gecreëerd werd naar aanleiding van het 15-jarig bestaan van Needcompany, werd geselecteerd voor het Theaterfestival (2002).

Onder de titel No Comment (2003) bracht Jan Lauwers drie monologen en een danssolo. Charles Mee, Josse De Pauw en Jan Lauwers schreven respectievelijk een tekst voor Carlotta Sagna (‘Salome’), Grace Ellen Barkey (‘De teedrinkster’) en Viviane De Muynck (‘Ulrike’). Zes componisten: Rombout Willems, Doachim Mann, Walter Hus, Senjan Jansen, Hans Petter Dahl en Felix Seger schreven de muziekcompositie voor de danssolo van Tijen Lawton. De thema’s uit de voorstelling zijn de thema’s die Jan Lauwers al sinds het begin van zijn werk bij de Needcompany herformuleert en herdefinieert: geweld, liefde, erotiek en dood. Een verzameling van enkele duizenden etnologische en archeologische objecten die Jan Lauwers’ vader heeft nagelaten, was de aanzet om het verhaal te vertellen van Isabella Morandi in de voorstelling De kamer van Isabella (2004) (Festival d’Avignon). Negen performers onthullen samen het geheim van Isabella’s kamer met als centrale figuur de monumentale actrice Viviane De Muynck.

In 2006 creëert Jan Lauwers twee voorstellingen voor het Festival d’Avignon, waaronder De Lobstershop waarvoor hij zelf een tekst schreef en een monoloog voor Viviane De Muynck Alles is ijdelheid, een bewerking door Viviane De Muynck van het gelijknamige boek van Claire Goll.

Op vraag van curator Luk Lambrecht nam Jan Lauwers ook deel aan een tentoonstelling voor beeldende kunst Grimbergen 2002 waarvoor negen kunstenaars in situ een werk maakten (o.m. Thomas Schütte, Lili Dujourie, Job Koelewijn, Atelier Van Lieshout, Ann Veronica Janssens).

Jan Lauwers heeft een aantal film- en videoprojecten op zijn naam staan, waaronder From Alexandria (1988), Mangia (1995), Sampled Images (2000) en C-Song (2003). Tijdens de zomer van 2001 maakte Lauwers zijn eerste langspeelfilm Goldfish Game (2002), waarvoor hij ook het script schreef samen met Dick Crane. Goldfish Game is het verhaal van een kleine gemeenschap van mensen die op een gewelddadige manier uit elkaar wordt gerukt. De film is in première gegaan op het Film Festival van Venetië in de New Territories (Nuovi Territori) categorie. Binnen deze categorie heeft de jury zich voornamelijk gefocust op films met een sterk innovatief karakter waarbij de nadruk ligt op experiment, nieuwe technologieën en nieuwe stijlen die nu reeds de beeldcultuur van morgen in zich dragen. Het internetmagazine Kinematrix (Italië), riep Goldfish Game uit tot beste film binnen de categorie Formati Anomali. Uit het juryrapport: “Een vernieuwende regiestijl die de limieten van het digitale medium overtreft”. Goldfish Game werd geselecteerd voor het filmfestival “International Human Rights Film And Video Festival Buenos Aires” in 2002, voor het filmfestival van Gent in 2002 en voor het Solothum FilmFestival in Zwitserland in 2003. Op vraag van William Forsythe werd de film getoond in DAS TAT in Frankfurt. Tijdens het Slamdance Filmfestival (januari 2004) kreegGoldfish Game de prijs voor beste ensemble, met name “Grand Jury Honor for Best Ensemble Cast”. Ondertussen werd Goldfish Game onder meer vertoond in Stockholm (Intercult), Parijs (MK2), Malakoff (Théâtre 71/Cinéma Marcel Pagnol), Vilnius (New Drama Action Festival), Riga (New Riga Theater), Rakverre (Baltoscandal Festival), Kopenhagen (International Theatre Festival).

In februari 2003, schreef en regisseerde Jan Lauwers een kortfilm zonder woorden over geweld, C-Song 01. C-Song 01 is reeds enkele keren getoond voor een beperkt publiek in de Needlapbs in het STUK (Leuven) en in de Kaaitheaterstudio’s (Brussel) en tijdens Oorlog is geen Kunst in de Vooruit in Gent. In april 2004 is C-Song 01 officieel in première gegaan op het kortfilmfestival Courtisane (2004) in Gent. De film werd vervolgens geselecteerd voor het Internationaal Kortfilmfestival Hamburg 2004 en was in juli 2004 te zien in de oude watertoren te Bredene in het kader van Grasduinen 2004, SMAK-aan-zee.

 

 

Grace Ellen Barkey

Grace Ellen Barkey, geboren in Surabaya in Indonesië, studeerde dansexpressie en moderne dans in de Theaterschool in Amsterdam. Ze werkte na haar opleiding als actrice en danseres. Alvorens ze in 1986 Needcompany vervoegde en vaste choreografe werd van het gezelschap, choreografeerde ze verscheidene producties. Grace Ellen Barkey realiseerde de choreografieën van Need to know (1987), ça va (1989), Julius Caesar (1990), Invictos (1991), Antonius und Kleopatra (1992) en Orfeo (1993). Daarnaast acteerde ze tevens in een aantal van deze producties alsook in The Snakesong Trilogy – Snakesong / Le Voyeur (1994), Caligula (1997), Needcompany’s King Lear (2000), Images of Affection (2002), No Comment (2003) en De Lobstershop (2006). In Goldfish Game (2002), de eerste langspeelfilm van Jan Lauwers & Needcompany, maakte ze deel uit van de cast. Voor De kamer van Isabella (2004) verzorgde ze samen met Lot Lemm de kostuums van deze voorstelling.

Sinds 1992 bouwt ze met haar eigen ensceneringen gestaag een succesvolle internationale carrière uit. Theater Am Turm in Frankfurt coproduceerde haar eerste voorstellingen One (1992), Don Quijote (1993) en Tres (1995). Needcompany-producties waren Stories (Histoires / Verhalen) (1996), Rood Red Rouge (1998) en Few Things (2000). Deze laatste productie werd zowel in eigen land als internationaal zeer enthousiast onthaald. Met (AND) (2002) overschreed choreografe Grace Ellen Barkey met onweerstaanbare flair alle grenzen van het theater, de dans en de muziek.

In 2005 bracht Grace Ellen Barkey haar nieuwe voorstelling Chunking.

 

Anneke Bonnema

Van 1982 tot 1986 liep de Nederlandse Anneke Bonnema theaterschool te Amsterdam. Ze realiseerde verschillende theatervoorstellingen en schreef een groot aantal theaterteksten waaronder De bomen het bos, gerealiseerd met theatergroep Nieuw West, en Tegenmaat. Vanaf 1995 werkte ze samen met Hans Petter Dahl in de performancegroep L & O Amsterdam. Ze creëerden verschillende voorstellingen waaronder de love-show Tantra &Western, de Sing-Dance reeks # 1 tot en met 3, met onder andere de meditatieve happening Made in Heaven – Sing-Dance #2 – en de multidisciplinaire performance Post coïtum omne animal triste est, met iedere avondeen andere improviserende danser. Voor deze projecten werkten ze samen met mensen uit verschillende disciplines zoals Liza May Post (beeldend kunstenaar), Oyvind Berg (schrijver), Tom Jansen (acteur), improviserende dansers waaronder David Zambrano, Laurie Booth, Eva Maria Keller, Michael Schumacher en anderen. In 1997 maakten zij een coproductie met Bak-Truppen Good Good Very Good. Zij maakten een duo-voorstelling waaruit Nieuw Werk en Shoes and Bags (2003) ontstond. De aanleiding voor Shoes and Bags was de opening van hun virtuele mode-, kunst- en concepthuis Maison Dahl Bonnema.

Needcompany’s King Lear (2000) was Anneke Bonnema’s eerste productie met Jan Lauwers. Sindsdien was ze ook te zien in Images of Affection (2002), Goldfish Game (2002), De kamer van Isabella (2004)en De Lobstershop (2006). In No Comment  (2003) verving ze Carlotta Sagna. Ze schreef reeds verschillende teksten, waaronder teksten voor Needlapb en de Monoloog van de leugenaar voor De kamer van Isabella (2004).

 

Hans Petter Dahl

Hans Petter Dahl was van 1987 tot 1995 verbonden aan het Noorse gezelschap Bak-Truppen. In 1995 richtte hij, samen met Anneke Bonnema, de performancegroep L & O Amsterdam op. Zij creëerden verschillende voorstellingen waaronder de love-show Tantra &Western, de Sing-Dance reeks # 1 tot en met 3, met onder andere de meditatieve happening Made in Heaven – Sing-Dance #2 – en de multidisciplinaire performance Post coïtum omne animal triste est, met iedere avondeen andere improviserende danser. Voor deze projecten werkten ze samen met mensen uit verschillende disciplines zoals Liza May Post (beeldend kunstenaar), Oyvind Berg (schrijver), Tom Jansen (acteur), improviserende dansers waaronder David Zambrano, Laurie Booth, Eva Maria Keller, Michael Schumacher en anderen. In 1997 maakten zij een coproductie met Bak-Truppen Good Good Very Good. Zij creëerden een duo-voorstelling waaruit Nieuw Werk en Shoes and Bags (2003) ontstaan. De aanleiding voor Shoes and Bags was de opening van hun virtuele mode-, kunst- en concepthuis Maison Dahl Bonnema.

Met Needcompany’s King Lear (2000) werkte Hans Petter Dahl voor het eerst samen met Jan Lauwers. Sindsdien was hij ook te zien in Images of Affection (2002), Goldfish Game (2002), De kamer van Isabella (2004) en De Lobstershop (2006). Voor No Comment (2003), De kamer van Isabella,De Lobstershopen Needlapb componeerde hij muziek.

 

Julien Faure

Julien Faure, geboren in Frankrijk, studeerde van 1995 tot 1998 een kunstopleiding aan het INSAS te Brussel. Na zijn studies werkte hij samen hij met Pierre Droulers aan de creatie Multim in Parvo (1998), een voorstelling in opdracht van het KunstenFESTIVALdesArts. Hij werkte vervolgens met verschillende choreografen als Karin Vyncke, Julie Bougard, Jean-François Duroure en Cie Osmosis. In 2001 maakte hij zijn choreografie Stamata #1-Et si demain voit le jour.

Voor de productie (AND) (2002) van Grace Ellen Barkey, werkte hij voor de eerste maal samen met Needcompany. In Images of Affection (2002) verving hij Timothy Couchman. Daarnaast was hij ook te zien in de voorstelling De kamer van Isabella (2004) en De Lobstershop (2006) van Jan Lauwers. Chunking (2005) is zijn tweede productie in samenwerking met Grace Ellen Barkey.

 

Benoît Gob

Benoît Gob studeerde schilderkunst aan de kunstacademie van Luik, waarna hij zijn studies verder zette aan het INSAS te Brussel. In 1998 vervoegde hij het dansgezelschap Ultima Vez van Wim Vandekeybus en danste mee in verschillende producties als The day of heaven and hell, In spite of wishing and wanting en Inasmuch as life is borrowed.

Hij werkte voor het eerst samen met Needcompany in (AND) (2002) van Grace Ellen Barkey & Needcompany. Hij verving Dick Crane in Images of Affection (2002). Daarnaast was hij ook te zien in de voorstelling De kamer van Isabella (2004) en De Lobstershop (2006) van Jan Lauwers. Chunking (2005) is zijn tweede productie in samenwerking met Grace Ellen Barkey.

 

Tijen Lawton

Tijen Lawton, geboren te Wenen, met een Britse vader en een Turkse moeder, is grootgebracht in Oostenrijk, Italië en Turkije en kwam uiteindelijk in Groot-Brittannië terecht. In Londen volgde ze een dans- en muziekopleiding aan The Arts Educational School van 1984 tot 1988 en van 1988 tot 1991 aan de London Contemporary Dance School. In 1989 was ze gedurende één jaar uitwisselingsstudent in de prestigieuze Julliard School in New York. Ze volgde verschillende stages / workshops voor dans in Parijs en Istanbul.

In 1991 richtte ze mee Foco Loco op, een gezelschap dat zich toespitste op onderzoek en ontwikkeling van dans in alle domeinen. In 1992 sloot ze zich aan bij Emma Carlson & dancers en toerde met de voorstelling Inner Corner doorheen Groot-Brittannië en Duitsland. In 1996 kwam ze naar Brussel om mee te werken aan verschillende creaties van Pierre Droulers: Les Beaux jours (1996), Lilas (1997) en Multim in Parvo (1998), gevolgd door internationale tournees. Ondertussen maakte ze ook haar eerste choreografieën: Les Petites formes (1997) dat bestond uit Je n’ai jamais parlé, Les Beaux jours en Plus fort que leurs voix aiguës (1998).

De samenwerking met Jan Lauwers & Needcompany begon met de deelname als acteur/ danser aan de herneming van Caligula (1997) en Morning Song (1999). Sindsdien is ze een vaste waarde in de producties van Needcompany. Ze was onder andere te zien in Needcompany’s King Lear (2000), Images of Affection (2002), Goldfish Game (2002), No Comment (2003), De kamer van Isabella (2004) en De Lobstershop (2006). Ze danste ook in Few Things (2000), (AND) (2002) en Chunking (2005) van Grace Ellen Barkey.

 

Maarten Seghers

Maarten Seghers studeerde theaterregie aan het RITS te Brussel. Tegelijkertijd creëerde hij zijn eigen werk (theater en composities). Zo maakte hij in 2001 met de theatergroep d a e m m e r u n g  de voorstelling Angel Butcher.

Images of Affection (2002) was zijn eerste productie als performer bij Needcompany. Voor No Comment (2003) verzorgde hij de muziek. Hij was zowel acteur, danser als muzikant in de voorstelling (AND) (2002) van Grace Ellen Barkey. Voor Unauthorized portrait (2003), een film van Nico Leunen over Jan Lauwers, componeerde hij de muziek.

Zowel in De kamer van Isabella (2004) als in De Lobstershop (2006) van Jan Lauwers nam hij, samen met Hans Petter Dahl, de compositie van de muziek van de voorstelling op zich, naast zijn deelname als performer in deze voorstelling. Daarnaast is hij ook te zien in de voorstelling Chunking (2005) van Grace Ellen Barkey.

CREDITS

tekst & regie
Jan Lauwers
uitvoerenden
Axel, Professor genetica
Hans Petter Dahl
Theresa, vrouw van Axel
Grace Ellen Barkey
Jef, zoon van Axel en Theresa
Tijen Lawton
Catherine, psychiater
Anneke Bonnema
Vladimir, vrachtwagenchauffeur
Benoît Gob
Sir John Ernest Saint James, eerste gekloonde beer
Benoît Gob
Nasty, een jong meisje
Inge Van Bruystegem
Mo, transformer
Julien Faure
Salman, eerste menselijke kloon
Maarten Seghers
muziek
Petter Dahl, Maarten Seghers
decor
Jan Lauwers
kostuums
Lot Lemm
productieleiding
Luc Galle
licht
Lieven De Meyere, Jan Lauwers
geluidsconcept
Dré Schneider
Engelse vertaler
Gregory Ball
Franse vertaler
Monique Nagielkopf
productie
Needcompany
coproductie
Festival d’Avignon, Théâtre de la Ville (Paris), Théâtre Garonne (Toulouse), Pact Zollverein (Essen), Cankarjev Dom (Ljubljana), La Rose des Vents Scène Nationale de Villeneuve d’Ascq, Festival Octobre en Normandie (Rouen), La Filature (Mulhouse), Kaaitheater (Brussel), deSingel (Antwerpen)
met medewerking van
de Vlaamse Gemeenschapscommissie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest