Zoroastre

Drottningholms Slottsteater

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Zelden uitgevoerde barokopera Zoroastre van Rameau in een internationaal bejubelde uitvoering van het Drottningholms Slottsteater in regie van Pierre Audi. Deze zelden gespeelde barokopera van Jean-Philippe Rameau was in 2005 een ‘succes fou’ in de schitterende enscenering van festivaldirecteur Pierre Audi in het Zweedse Drottningholm. De titel verwijst naar de legendarische figuur Zoroastre, beter bekend als Zarathustra, en de opera beschrijft de eeuwenoude strijd tussen licht en donker, goed en kwaad. Het 18e-eeuwse baroktheater in Drottningholm is nog volledig intact, compleet met oude mechanieken en helemaal van hout. In de Stadsschouwburg zal deze enscenering worden nagebouwd. De opera is daarmee, na Alcina en Tamerlano in oktober 2005, de derde Drottningholm-productie van Audi die in Nederland is te zien. De opera heeft een cast met zangers uit Frankrijk, Denemarken en Bulgarije. Het koor van het Drottningholm Slottsteater en het orkest Les Talens Lyriques staat onder leiding van dirigent Christophe Rousset. De titelrol wordt vertolkt door Anders Dahlin, een grote naam in Scandinavië.

Achtergrondinformatie

Zoroastre is een van de meest spraakmakende tragédies-lyriques die Jean-Philippe Rameau (1683-1764) componeerde. De naam Zoroastre- beter bekend als Zarathustra- verwijst naar de grondlegger van de Perzische godsdienst Zoroastrisme uit de 6e eeuw voor Christus. De opera handelt, net als deze religie, over de eeuwenoude strijd tussen licht en donker en tussen goed en kwaad. Deze thematiek sloot aan bij het gedachtegoed van de vrijmetselarij, waar De Cahusac – verantwoordelijk voor het libretto – lid van was, maar ging lijnrecht in tegen de achttiende-eeuwse operatraditie. Het Franse publiek was immers gewend aan Griekse mythen met de bijbehorende thema’s en eventueel een liefdesverhaal. Daarnaast besloot Rameau ook nog te breken met de gebruikelijke structuur van de tragédie-lyrique (ouverture- proloog- vijf akten), door de proloog weg te laten en muzikaal uit te werken in de ouverture.

Na de première in 1749 was Parijs dan ook hoogst verontwaardigd en de kritieken waren genadeloos. De slechte ontvangst deed Rameau en De Cahusac ertoe besluiten het verhaal aan te passen. De strijd tussen Goed en Kwaad werd afgezwakt en de nadruk werd verlegd naar het liefdesverhaal. Deze nieuwe versie kwam uit in1756 en was een daverend succes. Het is ook deze versie die onder regie van Pierre Audi op de planken staat.

 

Synopsis

Het verhaal speelt zich af in de stad Bactria in Perzië. Als de koning sterft, wordt Zoroastre verbannen door hogepriester Abramane die samen met prinses Érinice de macht probeert te grijpen.

 

Érinice ontvoert kroonprinses Amélite, Zoroastres geliefde, en eist dat zij de troon afstaat. Zoroastre vlucht naar Koning Oromasès, die hem gebiedt Amélite te redden en zo de wereld van de Kwade Krachten te bevrijden. Beschermd door een talisman, brengt Zoroastre Amélite terug naar haar Bactria, maar Érinice weet te ontsnappen.

Abramane geeft zich echter niet gewonnen en bereidt een nieuwe hinderlaag voor. Om te voorkomen dat Érinice zijn plannen weer verstoord, zet hij haar buiten spel. Tijdens de huwelijksceremonie van Zoroastre en Amélite verschijnt Abramane in een vlammenkoets. Zoroastre zet echter de achtervolging in en verjaagt hem.

Abramane is woedend over de beschamende nederlaag. In zijn tempel maakt hij zich gereed voor een nieuwe, grootse aanval met behulp van kwade demonen. Érinice, vervult van berouw, probeert Zoroastre hiervoor te waarschuwen, maar deze luistert niet. Dan komt het bericht dat Amélite wederom is ontvoerd. Abramane eist dat Zoroastre zich overgeeft, maar Zoroastre roept goddelijke hulp in. Abramane en zijn priesters worden door de aarde opgeslokt en daarmee is het kwaad overwonnen.

 

Drottningholm Slottsteater

Pierre Audi maakte de voorstelling in het beroemde Zweedse Slottsteater in Drottningholm, waarbij hij de mogelijkheden van deze unieke locatie optimaal heeft benut. Dit eenvoudige theater werd in 1766 gebouwd, maar raakte na de dood van koning Gustav III in vergetelheid. Toen het theater in 1920 werd ‘herontdekt’, trof men een vrijwel volledig intact baroktheater aan, compleet met valluiken, unieke decors en achttiende-eeuwse mechanieken. Inmiddels zijn de kaarsen vervangen door gloeilampen en worden er, hoewel beperkt, opnieuw voorstellingen gespeeld.

Voor de uitvoering van Zoroastre tijdens het Holland Festival zal gebruik worden gemaakt van het decor dat werd ontworpen voor de Slottsteaterproducties Alcina en Tamerlano, die begin van dit seizoen in de Amsterdamse Stadsschouwburg waren te zien. Hierbij is het toneelpodium van Drottningholm vergroot nagebouwd, inclusief de stoffige bosdecors en de verweerde houten speelvloer. Zelfs de effecten van de oude, handbediende mechanieken worden met behulp van de moderne techniek nagebootst.

Biografieën

Pierre Audi is sinds 2005 artistiek directeur van het Holland Festival. Naast de regie van Zoroastre verzorgt Audi de mise-en-espace bij drie producties:  Hymne Mondiale, uitgevoerd door het Schönberg Ensemble en het programma Kurtág 80 jaar; een verzameling werken van György Kurtág, ter ere van het geboortejaar van deze meester en tenslotte Les Salons Russes, een EarFuel project rondom Sjostakovitsj en de opera Lady Macbeth van Mtsensk.

Pierre Audi (Libanon, 1957) stichtte in 1979 het Almeida Theatre in Londen, dat uitgroeide tot een van de meest vooraanstaande centra voor hedendaagse muziek en muziektheater. Hij regisseerde er diverse theater- en operaproducties van contemporaine toneelschrijvers en componisten.

Sinds 1988 is Pierre Audi artistiek directeur van De Nederlandse Opera, waar hij als regisseur samenwerkte met onder andere de beeldend kunstenaars Jannis Kounellis, Georg Baselitz en Karel Appel, en waar hij vóór alles naam maakte met zijn veelgeprezen Monteverdi-cyclus. Hiernaast regisseerde hij bij Toneelgroep Amsterdam (Shakespeare’s Timon van Athene) en het Zuidelijk Toneel. (Maat voor maat,Racines Bérénice).

 

Buiten De Nederlandse Opera debuteerde hij aan de Bayerische Staatsoper München (Henzes Venus und Adonis  – tevens gastvoorstellingen in Genua en Mannheim), het Parijse Théâtre des Champs-Élysées (Cimarosa¹s Il matrimonio segreto), in de Japanse Suntory Hall (wereldpremière Tan Duns opera Tea), bij de Dresdner Musikfestspiele (de DNO-productie van Glucks Alceste) en in het Drottningholm Slottsteater (Händels Tamerlano en Alcina). In 2001 debuteerde hij als filmregisseur met een verfilming van twee Canticles van Benjamin Britten.

Voor DNO regisseerde hij onder andere de Monteverdi-cyclus Il ritorno d¹Ulisse in patria, Il combattimento di Tancredi e Clorinda, L¹incoronazione di Poppea en L¹Orfeo, de Mozart-opera¹s Mitridate, Il re pastore, Die Zauberflöte en La clemenza di Tito, Puccini’s La bohème en Wagner’s Der Ring des Nibelungen.

Pierre Audi ontving onder meer de Leslie Boosey Award voor zijn activiteiten bij het Almeida Theatre, de Prijs van de Kritiek voor zijn ensceneringen van werken van Shakespeare en van de Monteverdi-opera¹s bij DNO, en de Prins Bernhard Cultuurfonds Theater Prijs voor zijn werk als operaregisseur en als artistiek directeur van DNO. Van de Vrienden van de Opera ontving hij de Prix d¹Amis voor Wagners Der Ring des Nibelungen, en in Drottningholm werd hem een eremedaille uitgereikt voor zijn Händel-producties. Pierre Audi werd benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw en Chevalier de la Légion d¹Honneur.

 

Anders Dahlin

De titelrol van Zoroastre wordt gezongen door de Zweed Anders J. Dahlin (1975). Deze jonge tenor studeerde aan het Conservatorium in Falun, de Noorse Academie voor Muziek in Oslo en aan het Koninklijk Deens Conservatorium in Kopenhagen. Hij debuteerde in 1998 bij de Noorse Opera, met de rol van Tom Wingfield uit Antonio Bibalo's The glass menagery.

Inmiddels is Dahlin een van de grootste zangers van Scandinavië, met een uitgebreid repertoire aan opera’s en oratoria. Hij was te bewonderen op verschillende festivals in Europa, de Verenigde Staten en Japan. Hierbij werkte hij met dirigenten als Frans Brüggen, Philippe Herreweghe, Christophe Rousset, Alessandro De Marchi en Roy Goodman. Hij zong onder andere Oberon en Phoebus in Purcells The fairy queen, Coridon in Roland van Piccinni, en wordt veelvuldig gevraagd voor de rol van de Evangelist in de Johannes Passion en Mattheüs Passion van Bach.

Het werk van Rameau is niet nieuw voor Dahlin. Naast zijn rol in Zoroastre zong hij eerder de rollen van Carlos en Tacmas in Rameaus Les indes galantes, en was hij eind 2005 te zien in Les paladins onder leiding van William Christie.

CREDITS

muziek
Jean-Philippe Rameau
libretto
Louis de Cahusac
dirigent
Christophe Rousset
regie
Pierre Audi
decor/kostuums
Patrick Kinmonth
choreograaf
Amir Hosseinpour
licht
Peter van Praet
productie
Stiftelsen Drottningholm teatermuseum
coproductie
Holland Festival
met dank aan
De Nederlandse Opera
Zoroastre
Anders J Dahlin
Abramane
Evgueniy Alexiev
Amélite
Sine Bundgaard
Érinice
Anna Maria Panzarella
Zopire
Lars Arvidson
Narbanor
Markus Schwartz
Oromasès, Ariman
Gérard Théruel
Céphie
Ditte Andersen
La Vengeance
Lars Arvidson
orkest
Les Talens Lyriques
koor
The Drottningholm Theatre Chorus
dans
The Drottningholm Theatre Dancers
danssolo in 2e akte
Jennie Lindström