Hans van Manen laat zien welke balletten en dansmakers hem het meest na aan het hart liggen.

His Master’s Choice

Het Nationale Ballet

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

De wereldvermaarde maar oer-Hollandse choreograaf Hans van Manen stelde in opdracht van het Nationale Ballet een programma samen van balletten die hem het meest na aan het hart liggen. Van Manens eigen stijl kenmerkt zich door een helder lijnenspel en is wars van franje en opsmuk. Zijn Live (Holland Festival 1979) werd wereldwijd een klassieker. Als groot bewonderaar van George Balanchine, de onbetwiste meester van het moderne ballet in wie Van Manen zijn voorbeeld vond, koos hij voor diens Kammermusik no.2. Van Balanchines opvolger bij het New York City Ballet, de veelzijdige choreograaf en regisseur Jerome Robbins, koos Van Manen A Suite of Dances, een solo oorspronkelijk gemaakt voor sterdanser Mikhail Baryshnikov. Het programma bestaat verder uit nieuwe werk van Ted Brandsen en Martin Schläpfer.

Achtergrondinformatie

Toen Hans van Manen werd gevraagd een programma samen te stellen waarin hij laat zien welke balletten en dansmakers hem het meest na aan het hart liggen, wist hij meteen dat één werk niet mocht ontbreken, namelijk Suite of dances van Jerome Robbins. Van Manen is al jarenlang een groot liefhebber van deze solo vol draai-, spring en razendsnel voetenwerk op de cellosuites van Bach, oorspronkelijk gemaakt voor sterdanser Mikhail Baryshnikov. De solo vraagt een weergaloze combinatie van nonchalance en totale controle van de mannelijke solist.

Zijn tweede voorkeur is Kammermusik No 2. Dit werk van George Balanchine – Van Manens grote idool én voorbeeld - heeft voor de maker een ongewone bezetting: twee vrouwelijke solisten, hun partners, en een corps de ballet van acht mannen. Het optreden van de solisten is nu eens lyrisch, dan weer speels en atletisch, terwijl het corps de ballet zich krachtig, soms zelfs aanvallend manifesteert.
Het programma zal worden aangevuld met twee andere stukken waaronder een nieuwe choreografie van artistiek directeur Ted Brandsen – initiator van dit programma. Hij kreeg van Van Manen de opdracht: “Doe wat jij wilt en probeer daarbij puur als choreograaf en niet als artistiek leider te werk te gaan.”
Als laatste een Nederlandse première van choreograaf Martin Schläpfer. Schläpfer won de prestigieuze Prix de Lausanne en studeerde aan de Royal School of Ballet in Londen, waarna hij jarenlang als danser bij het Basler Ballett en het Winnipeg Ballet heeft gewerkt. Sinds 1999 is hij directeur van Balletmainz. Het stuk Streichquartett is een synthese uit vorm, architectuur, lijnenspel en beweging.

Biografie

Hans van Manen begon zijn carrière als danser in 1951 bij Sonia Gaskell's Ballet Recital. In 1952 ging hij naar het Nederlands Opera Ballet onder leiding van Françoise Adret, waar hij in 1957 zijn eerste ballet, Feestgericht, maakte. Vervolgens sloot hij zich aan bij het gezelschap van Roland Petit in Parijs. In 1960 begon hij zijn werk bij het Nederlands Dans Theater, als danser (tot 1963), als choreograaf en van 1961 tot 1971 ook als artistiek leider. De volgende twee jaar werkte hij als freelance choreograaf tot hij in 1973 benoemd werd als choreograaf/regisseur bij Het Nationale Ballet.

In het buitenland heeft hij zijn balletten op het toneel gezet voor het Stuttgart Ballett, het Bayerisches Staatsballett München, de Berlin Opera, Houston Ballet, the National Ballet of Canada, Pennsylvania Ballet, the Royal Ballet, the Royal Danish Ballet, de Staatsoper in Wenen, Tanzforum in Keulen en voor Alvin Ailey.In september 1988 keerde Hans van Manen terug bij het Nederlands Dans Theater als huischoreograaf. Door de jaren heen heeft hij meer dan vijftig choreografieën voor dit gezelschap gemaakt.In 1991 ontving Hans van Manen de Sonia Gaskell prijs van het Amsterdams Fonds voor de Kunst voor zijn gehele repertoire, in het bijzonder voor de drie duetten, Two, Theme en Andante, die hij in 1990/91 maakte. Voor zijn choreografie Two ontving hij in dat zelfde jaar ook de broche van de VSCD, de Vereniging van Schouwburg- en Concertgebouwdirecties. Ter gelegenheid van zijn 35-jarig jubileum als choreograaf werd hij in 1992 benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau. In 1993 werd Hans van Manen onderscheiden met de Deutscher Tanzpreis voor zijn invloed op de danswereld in Duitsland gedurende de laatste twintig jaar. In 1996 ontving hij de 'Bob Angelo Penning 1996' van het COC voor de manier waarop hij mannen en vrouwen, menselijke relaties en seksualiteit in zijn balletten en fotografie uitbeeldt, een manier die in vele opzichten als bevrijdend werd gezien. In 1997 viel hem de Gino Tani International Prize ten deel in de categorie 'dans'. Het Edinburgh International Festival 1998 presenteerde een retrospectief van Van Manen met programma's door het Nederlands Dans Theater en Het Nationale Ballet. Hier werd hij onderscheiden met de 'Archangel', de prijs van danscritici. In 2000 werd hij onderscheiden met de Erasmusprijs omdat hij, aldus de jury: ‘Dankzij zijn ambachtelijk meesterschap, zijn artistiek inzicht, respect voor de kwaliteiten van anderen en zijn durf om risico's te nemen is hij de leermeester geworden, die zowel zijn publiek als zijn vakgenoten leert hoe naar dans te kijken.’

CREDITS

choreografie
Jerome Robbins, George Balanchine, Ted Brandsen, Martin Schläpfer
dirigent
Matthew Rowe
muzikale begeleiding
Holland Symfonia
cast
Dansers Het Nationale Ballet
productie
Het Nationale Ballet