Muziek als sublieme extase

Oestvolskaja, Vermeulen, Prokofjev

Rotterdams Philharmonisch Orkest

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Het rituele karakter dat veel van Vermeulens symfonieën kenmerkt, is goed te horen in het stampende begin van de Vierde, die op verbijsterende wijze vooruitloopt op Louis Andriessen. Het begrip ‘ritueel’ is ook van toepassing op de muziek van Galina Oestvolskaja en Prokofjevs Scythische suite, die bij de première in 1925 bijna evenveel schandaal wekte als Stravinsky’s Sacre en maar weinig voor dit werk onderdoet.

-

Dit concert maakt deel uit van de reeks ‘Muziek als sublieme extase’.

Programma

Matthijs Vermeulen ( 1888-1967) - Symfonie nr. 4 'Les victoires' (1940-'41)

Galina Oestvolskaja (1919) - Pianoconcert (1946)

Pauze

Sergei Prokofjev ( 1891-1953) - Scythische suite (1915) 
- Aanbidding van Veles en Lolly
- De god van het kwaad en diens boze geesten
- Nacht
- Glorieus vertrek van Lolly en zonsopgang

 

Biografie

Matthijs Vermeulen (1888-1967) is in zekere zin de archetypische miskende componist. Hij moest tientallen jaren wachten op de premières van zijn Eerste ne Tweede symfonie; hij verwierf meer bekendheid door zijn werk als criticus dan door zijn muziek. Toe het enfant terrible Vermeulen merkte dat zijn werk hier op tegenstand stuitte, verruilde hij Nederland voor het Franse platteland, om er pas na de oorlog terug te keren. Pas nu begint het besef door te dringen dat Vermeulen een hoogst interessante persoonlijkheid was. In een tijd waarin vrijwel niemand ontsnapte aan de invloed van Schönberg, Mahler en Debussy, creëerde hij een hoogst persoonlijk idioom met kolossale klankvisioenen, overstelpende polymelodiek en verrassende instrumentatievondsten.

‘Vermeulens muziek heeft het effect van een hogedrukpan: van de eerste tot de laatste maat borrelt de componist over van vitaliteit, van inventiviteit, van levenslust.’ (Leo Samama) Een aantal vooraanstaande Nederlandse orkesten, brengt onder leiding van belangrijke dirigenten, alle zeven symfonieën en het orkestlied La veille. Deze muziek wordt gecombineerd met werken van tijdgenoten en geestverwanten die net als Vermeulen gedwongen waren in de marge te opereren. Voorafgaand aan de orkestconcerten is steeds kamermuziek van Vermeulen te horen, in de Kleine Zaal van het Concertgebouw.

CREDITS

muziek
Galina Oestvolskaja, Matthijs Vermeulen, Sergei Prokofjev
uitvoering
Rotterdams Philharmonisch Orkest
dirigent
Valery Gergiev
piano
Sergei Markarov