Jephtha

English Baroque Soloists, Monteverdi Choir

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Händels oratorium Jephtha, zijn laatste, werd in 1751 in iets meer dan acht maanden geschreven. Verbazingwekkend, ook al omdat dit het oratorium is waar de componist het langst aan heeft gewerkt. Tijdens dit Holland Festival wordt Jephtha uitgevoerd door twee top-ensembles op het gebied van de barokmuziek, de English Baroque Soloists en het Monteverdi Choir, beiden onder leiding van John Eliot Gardiner, die voor het eerst in Nederland optreedt.

Achtergrondinformatie

Na achttienjaar van onderdrukking door de Ammonieten roepen de Israëlieten de hulp in van Jephtha, die ooit door zijn halfbroers uit Gilead is verdreven en in ballingschap is opgegroeid. Jephtha, niet haatdragend aangelegd, neemt de leiding van het leger op zich en zweert bovendien een eed. Bij een overwinning zal het eerste wezen, dat hem bij zijn terugkeer uit huis tegemoet komt, aan Jehovah geofferd worden. Storge, de vrouw van Jephtha, wordt gekweld door boze voorgevoelens; haar dochter Iphis probeert haar die uit het hoofd te praten. Wanneer het nieuws van Jephtha 's overwinning de achterblijvers bereikt, gaat Iphis haar vader als een voorbeeldige dochter in gezelschap van zingende en dansende maagden tegemoet. Jephtha reageert op dit warm onthaal met afschuw en wroeging. De mogelijke consequenties van zijn eed dringen nu in al hun onaangenaamheid tot hem door: hij zal zijn dochter moeten offeren.
Eenmaal op de hoogte gebracht van het onverwachte onheil proberen zijn vrouw en zijn vrienden hem op andere gedachten te brengen. Maar de godvruchtige Jephtha weigert zijn eed te herroepen en ook Iphis schikt zich in het onvermijdelijke. Net op het moment dat het offer zich zal gaan voltrekken verschijnt echter een engel die de ter doodbrenging van Iphis verbiedt. Een andere taak is voor het slachtoffer weggelegd in de vorm van een geestelijk en celibatair leven op aarde. Blijmoedig aanvaarden Iphis en haar verloofde Harnor de nieuwe situatie. Pas nu het leven van Jephtha's dochter is gespaard kunnen de festiviteiten rond zijn overwinning een aanvang nemen.

Biografieën

John Eliot Gardiner is één van de weinige dirigenten die het uitvoeren van werken van het hele vroege tot aan het hedendaagse repertoire succesvol weet te combineren. Na zijn studies in Cambridge en later bij Thurston Dart en Nadia Bonlanger trad hij met het door hem opgerichte Monteverdi Choir (1964) en het Monteverdi Orchestra (1968) en na 1978 met de English Baroque Soloists veelvuldig op in Engeland en daarbuiten.
Tegelijkertijd vervulde hij gastdirigentschappen in bijna alle Europese landen en in
Amerika, waar hij in 1978 debuteerde. In de periode 1981-1983 was hij eerste dirigent van het Vancouver Orchestra en leidde daarnaast opera-uitvoeringen in het Royal
Opera House en de English National Opera. In 1983 werd Gardiner benoemd tot muzikaal directeur van de Opera de Lyon dat dankzij zijn inzet uitgroeide tot een bloeiend operagezelschap. Speciaal het orkest van de Opera de Lyon, door Gardiner samengesteld uit jonge musici afkomstig uit veertien landen, trok veel aandacht. Hun uitvoeringen in het Edinburgh Festival in 1985 van Debussy's Pelleas et Melisande en Chabriers L'Etoile werden goed ontvangen. In 1986 kreeg de eerste uitvoering in onze eeuw van Scylla et Glaucus van Ledair in Lyon met het Monteverdi Choir en de English Baroque Soloists onder leiding van Gardiner niet minder lof toegezwaaid.
Tegenwoordig is John Eliot Gardiner naast zijn immer drukke werkzaamheden ook als artistiek directeur betrokken bij het Göttinger Händel Festival en het Veneto Musica Festival.

Het Monteverdi Choir werd in 1964 in Cambridge opgericht door John Eliot Gardiner en ontwikkelde zich al snel tot het belangrijkste kamerkoor in Engeland. De vele plaatopnames, buitenlandse tournees en de verworven internationale onderscheidingen bevestigen die reputatie. Alhoewel het koor het meest bekend is om zijn stijlzuivere uitvoeringen van barok­ muziek, geeft het ook concerten met klassieke en negentiende-eeuwse muziek en heeft het een aantal wereldpremières van hedendaagse composities op zijn naam staan.

De English Baroque Soloists, tien jaar geleden eveneens door John Eliot Gardiner opgericht, bespelen historische instrumenten of kopieën daarvan en richten zich op
het repertoire tussen de zeventiende en de vroege negentiende eeuw. Samen met het Monteverdi Choir concerteren zij sindsdien in heel Europa en zijn vooral veel gevraagd op muziekfestivals. Bijzonder evenement in de gezamenlijke carrière van koor en orkest was de uitvoering van het oratorium Israël in Egypt van Händel; in zijn geboortestad Halle bij de driehonderdste verjaardag van de componist.

Vorige zomer werden onder auspiciën van het Veneto Musica Festival in Italië de Vespers van Monteverdi in de voetsporen van de componist uitgevoerd in Cremona, Mantua en Venetië. De schilderachtige omgeving van het Odeion Theater in de ruïnes van Pompeji zette in september Monteverdi's L'Orfeo extra luister bij.
Ook de platenmaatschappijen tonen veel belangstelling voor het Monteverdi Choir en de English Baroque Soloists. Opnames van Händels oratoria Messiah en Salomon en Bachs Magnificat werden bekroond. Op het gebied van de opera zijn onder andere King Arthur van Purcell, Les Boreades van Rameau en onlangs ook Tamerlano van Händel op de plaat uitgebracht. Momenteel wordt aan het opnemen van de symfonieën en de fortepianoconcerten van Mozart en de grote koorwerken van Bach gewerkt.

CREDITS

dirigent
John Eliot Gardiner
Iphis
Ann Monoyios
Storge
Della Jones
Hamor
Michael Chance
Jephtha
Nigel Robson
Zebul
Stephen Varcoe
Angel
Ruth Holton
mede mogelijk gemaakt door
Ministerie van WVC/Internationale Betrekkingen en The British Council en vindt plaats in het kader van de manifestatie Willem III & Mary