Opera van Johann Adolf Hasse op hetzelfde verhaal als dat van de Sichuan opera

L'eroe cinese

The Amsterdam Baroque Orchestra

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Twintig jaar voordat het verhaal van de opera begint was er een revolutie in China. De keizer vluchtte in ballingschap, de hele keizerlijke familie werd uitgemoord. De loyale hoveling Leango redde echter het leven van de prins Svenvango, een baby nog, door zijn eigen zoontje de keizerlijke babykleertjes aan te trekken.
Hij waande zijn zoon dood en bracht de prins groot als zijn eigen zoon Siveno. Bij het begin van de opera is net bekend geworden dat de keizer in ballingschap gestorven is. Leango, die in deze interim-periode als Regent functioneerde, heeft een verdrag gesloten met de Tartaren, China’s traditionele vijanden, waardoor de binnenlandse situatie in China stabiel genoeg is om de waarheid te onthullen.
Twee Tartaarse prinsessen, de zusters Lisenga en Ulania zitten gevangen in het paleis. Op het moment dat de opera begint komt er een brief van hun vader. Zij vrezen dat daar in staat dat ze naar hun vaderland kunnen terugkeren. Over dit vooruitzicht hebben zij echter duidelijk ambivalente gevoelens, want beiden zijn verliefd. Lisinga is verliefd geworden op Siveno en Ulania op zijn vriend, de wees Minteo, generaal (op twintigjarige leeftijd) van het Chinese leger. Een extra complicatie vormt daarbij dat de jongelingen niet van koninklijke bloede zijn. Zij kunnen dus niet trouwen met prinsessen. En het is inderdaad irrationeel dat een prinses liefde zou kunnen opvatten voor een normale burger.

Programma

Akte I

 

Akte II

 

Pauze

 

Akte III

Achtergrondinformatie

Het materiaal voor L'eroe cinese werd in de 18e eeuw vele malen gebruikt. Vier Engelse adaptaties, Voltaire's stuk L'Orphelin de la Chine, Metastasio's ballet L'Orphana delta Cina en in een verder stadium van ontwikkeling de opera L'ldolo Cinese. die op muziek gezet werd door Paisiello, Lorenzi, Rust en Schuster: alle zijn gebaseerd op de tekst die gevonden werd in Ou Halde's encyclopedische collectie Description Géographique, Historique, .. de la Chine (1735). Hierin staat een vertaling van een Yüan stuk, Tchai chi, Cou-eulh of L'Orphelin de la Maison Tchao, die Joseph-Henri Prémare in Peking gemaakt had in 1704. Het Yüan stuk is een bloeddorstige wraaktragedie (het verscheen in een Engelse vertaling bij Penguin) en werd in de 18e eeuw vergeleken met de Electra van Sophocles. De symmetrie echter van Metastasio's veritaliaanste dubbele liefdesgeschiedenis is zover verwijderd van het origineel, dat iedere vergelijking met L'eroe cinese onzinnig is.

L'eroe cinese werd voor het eerst op muziek gezet door G. Bonno, in Schönbrunn in 1752 en in 1753 op muziek van Hasse in Hubertusberg, Conforto in Madrid in 1754, Sacchini in München in 1770 en in 1773 in Kopenhagen als Den Chinesischen Heft, Colla in Genua in 1771, Bertoni in Venetië in 1773 en Cimarosa in 1782. Sommige autoriteiten maken ook nog melding van een anonieme voorstelling in Venetië in 1773, maar dit kan een verwisseling zijn met Le Sareffe Cinese, die in dat jaar verscheen.
Hasse's opera werd ook opgevoerd in Warschau. Hamburg en Potsdam. De voorstelling in Potsdam in 1773 was de laatste tot nu toe.

De ontwikkelingen in het drama kunnen op het eerste gezicht verwarrend en verward lijken, doch in feite zijn ze relatief eenvoudig. Er zit geen keten van verliefden in, zoals we zo dikwijls aantreffen in 18e-eeuwse opera, A houdt van B houdt van C ...., een keten die dikwijls dan nog gecompliceerder wordt door het feit dat B zich waarschijnlijk vermomt als een herderin op wie dan D ook nog eens verliefd wordt. Als de opera begint hebben de juiste stelletjes elkaar al gevonden en het is mogelijk om dit aspect van het drama als een soort voorloper van Pirandello te zien, mensen die elkaar liefhebben, maar elkaar moeten 'vinden', in dit geval binnen het 18e-eeuwse rangenstelsel. Men kan deze vergelijking niet te ver doortrekken maar zij biedt mogelijkheden om een benadering te vinden voor conventies die men als modern publiek symbolisch moet interpreteren. Het heeft geen zin om te proberen moderne parallellen te vinden voor mensen, die geconfronteerd worden met een liefde die de grenzen van de klassen overschrijdt. De Hertog en Hertogin van Windsar misschien?

Een analyse van Metastasio's tekst laat al snel zien hoe zeer hij zich bezighoudt met de typische 18e eeuwse aangelegenheid om hoofd en hart te verenigen, het rationele en het emotionele. Binnen de conventies waarin hij werkt is het idee dat een prinses liefde zou kunnen voelen voor een gewone burger irrationeel. Het evenwicht in de geordende wereld zou erdoor verstoord worden en er moet een balans gevonden worden. Het is interessant om te zien hoe dit uitgewerkt wordt in eenvoudige pre-Freudiaanse psychologie. Siveno wordt verheven tot de status van royalty, waardoor Lisinga's liefde gerechtvaardigd wordt. Daarnaast maakt Lisinga een duidelijke ontwikkeling door, uit een aanvankelijk egoïstische obsessie voor haar liefde ontwikkelt ze een diepere bezorgdheid voor het object van haar liefde. In de eerste twee akten gedraagt zij zich als een kind, wiens speelgoed afgepakt is: haar eerste twee aria's bevatten geen verwijzing naar Siveno als persoon, zij is alleen bezig met haar eigen gevoelens. In de derde acte echter is ze zich meer bewust van Siveno en bezorgd om zijn welzijn.

Biografie

Johann Adolf Hasse's langdurige carrière als componist werd bepaald door twee invloeden: de muzikale traditie van zijn geboorteland Duitsland en die van Italië. Hasse werd in 1699 in Bergedort bij Hamburg geboren als telg van een familie van muzikanten en stierf in Venetië. Zijn muzikale carrière startte hij als zanger in 1718 bij het Hamburgse operagezelschap. Hij had inmiddels 4 jaar zangstudie achter de rug en was 19 jaar.
Een jaar later sloot hij zich aan bij het gezelschap van de Hertog van Braunschweig. De opera Antioco. vermoedelijk zijn eerste compositie, werd uitgevoerd in 1721. Kort daarna vertrok hij naar Italië. Napels was toentertijd het centrum van de opera. waar tevens de belangrijkste school voor de Opera gesitueerd was. Drie jaar na zijn vertrek uit Duitsland treffen wij hem daar aan studerend met Porpara en A. Scarlatti. Hij schreef tijdens zijn studie een aantal opera's en schijnt zijn reputatie zeer snel gevestigd te hebben. In 1730 had zijn roem zich al tot buiten Napels verspreid.
In datzelfde jaar werd een opera van hem uitgevoerd in het tweede centrum van de opera in Italië: in Venetië. Deze opera werd een succes, waarna een hele reeks werken elkaar opvolgde tot 1758. Al deze werken componeerde hij in opdracht van de stad Venetië. Binnen deze reeks gebruikte hij tevens voor de eerste keer een libretto van Metastasio.
In 1730 trouwde Hasse met Faustina Bordoni. toentertijd de meest beroemde sopraan van Europa, een van de twee Prima Donne. wier rivaliteit leidde tot de beroemde vechtpartij tijdens de voorstelling van een opera van Handel in Londen in 1726. De keurvorst van Saksen. Frederik Augustus I. engageerde zowel Hasse als Bordoni voor het Hoftheater in Dresden. Zijn eerste opera voor Dresden, Cfeofide werd in 1731 uitgevoerd. Als maestro di capella van het hof. schreef Hasse 35 opera's, waaronder L'eroe cinese in 1753. De meeste opera's waren voor de verjaardag van de Keurvorst (na 1734 Frederik Augustus IJ).
Hoewel hij in dienst van de Keurvorst bleef. verdeelde Hasse zijn tijd tussen Dresden en Italië. Veel van zijn kerkmuziek schreef hij voor het Ospedale degli lncurabili in Venetië.
Zijn carrière werd onderbroken door de 7-jarige oorlog in 1756. In dat jaar werd Saksen aangevallen en veroverd door de Pruisen en Frederik Augustus vluchtte naar Warschau. Hoewel Hasse opera's bleef schrijven voor het hof in ballingschap en er zelfs nog één schreef in Dresden na de Vrede van Hubertusberg en de terugkeer van het hof, was er toch een tijdperk voorbij. Hasse was bijna dertig jaar in twee landen een toonaangevende componist geweest op operagebied. Na de Vrede van Hubertusberg verloor hij echter de gunst van het publiek. Opmerkelijk genoeg het eerst in Venetië. waar zijn publiek betalen moest in tegenstelling tot !let publiek aan het hof. La Nitteti (1758) was de laatste opera die hij in Venetië op de planken bracht. Hij schreef daarna nog vier werken voor de meer conservatieve opera in Napels. De laatste drie jaren van de 7-jarige oorlog bracht Hasse door in Wenen. Hij keerde na de Vrede van Hubertusberg in 1763 naar Dresden terug. maar in datzelfde jaar stierf de keurvorst en diens opvolger stuurde hem weliswaar met een mooie titel, maar zonder inkomen met pensioen.
Hasse vestigde zich toen definitief in Wenen. waar sommige van zijn werken heropgevoerd werden. Hij schreef in Wenen nog maar twee nieuwe opera's. de laatste was 11 Ruggiero, een opera voor het huwelijk van aartshertog Ferdinand van Milaan. De serenata die met deze Opera Seria alternerend werd opgevoerd was Ascanio in Alba van de jonge Mozart. wiens succes het werk van de oudere componist volledig overschaduwde. De laatste tien jaar van zijn leven schreef Hasse kerkmuziek, waaronder een requiem voor Paus Pius Vl. Faustina stierf in 1781 en Hasse overleefde haar nog twee jaar. Hij stierf op 16 december 1783, 84 jaar oud.

CREDITS

muziek
Johann Adolf Hasse
libretto
Pietro Metastasio
dirigent
Ton Koopman
regie
Hans Nieuwenhuis
dramaturgie
Tim Coleman
decor, kostuums
Dagmar Schauberger
uitvoering
The Amsterdam Baroque Orchestra
cast
Claron McFadden (Ulania), Elisabeth Priday (Minteo), Mieke van der Sluis (Lisinga), Max van Egmond (Leango), David James (Siveno), Casper Klap (Orkestbode)
productie
Holland Festival
mogelijk gemaakt door
het Prins Bernhard Fonds