Gala van de Nieuwe Nederlandse Muziek I

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Dertien composities – waaronder twee wereldpremières – vormen de bestanddelen voor deze tweede aflevering van het Gala van de Nieuwe Nederlandse Muziek. Werd vorig jaar nog volstaan met de presentatie van zes werken tijdens één avond in de Grote Zaal van dit Concertgebouw, ditmaal hebben de in dit project samenwerkende organisaties (Holland Festival, Donemus, Musica ’85, VPRO en het Concertgebouw NV) gekozen voor drie volledige programma’s, verdeeld over twee avonden in de Grote en Kleine Zaal. De belangstelling van de media is minstens even groot als vorig jaar: vrijwel iedere uitvoering zal dit weekeinde via radio en/of televisie te volgen zijn.

Programma

Kleine Zaal
(rechtstreekse radio-uitzending NOS)

 

Joël Bons
Tour

 

Enrique Raxach
Chant d’après l’Ode

 

Tristan Keuris
Pianotrio

 

Pauze

 

Ton de Leeuw
Interlude

 

Jan Rokus van Roosendael
Sinfonia per archi
Wereldpremière

 

 

Grote Zaal
(registratie VPRO-radio en tv)

 

Simon ten Holt
Canto Ostinato

 

Na afloop van programma’s Grote en Kleine Zaal vindt in de Spiegelzaal een optreden plaats van het Guus Janssen Trio bestaande uit: Guus Janssen, piano; Win Janssen, slagwerk; Paul Termos, altsaxofoon

Biografieën

De oudste componist krijgt de eerste en tevens de meest omvangrijke plaats in het programma. Simeon ten Holt (geboren 1923) voltooide in 1979 zijn 'Canto
Ostinato', bedoeld voor een combinatie van toetsinstrumenten. Bij de eerste uitvoering in de Ruinekerk te Bergen (N-H) waren dat drie piano's en een elektronisch orgel; vanavond krijgt u de circa drie uur durende versie voor vier piano's te horen, welke ook op de grammofoonplaat werd vastgelegd.
'Canto Ostinato' is ontsprongen aan een traditionele bron, het is tonaal en maakt gebruik van functionele harmonieën. Ofschoon alle onderdelen in het verloop van het stuk een vaste plaats hebben en niet verwisselbaar zijn, hebben begin en einde als vormbegrenzing geen absolute betekenis. Oorzaak en gevolg, spanning en ontspanning, onafscheidelijke paren van functies, worden verzelfstandigd en in de voortgang door de herhaling tot stand gebracht. Akkoorden of groepen akkoorden besloten in maten of secties maken zich los van de melodische binding en gaan een eigen leven leiden.
De tijd speelt een belangrijke rol. De maten of secties krijgen een herhalingsteken, en de uitvoerenden dienen zelf te beslissen over het aantal van die herhalingen. Deze herhalingsprocedure heeft tot doel een toestand te scheppen waarin het muzikale object zijn zelfstandigheid bevestigt en kan zoeken naar de gunstige positie ten opzichte van het licht. De tijd word tot ruimte waarin het muzikale object gaat 'zweven'.
 
Simultaan met de avondvullende uitvoering van 'Canto Ostinato' ontrolt zich in de Kleine Zaal een kamermuziekprogramma voor bezettingen tussen de één en twaalf musici. Als eerste is 'Tour' voor viool en piano (1983/84) te horen van Joël Bons (geboren 1952). Hij geeft zelf de volgende toelichting op het werk (dat tevens werd uitverkoren om a.s. oktober tijdens de World Music Days van de International Society for Contemporary Music in Amsterdam te worden gespeeld): "Dit stuk was voor mij een oefening in beperking. Een basisprincipe is het voortdurend wegbreken uit zelfgekozen gevangenissen. Uitgaande van slechts enkele elementen wordt dit idee geobsedeerd gevolgd, terwijl het geven van nieuwe 'informatie' steeds zorgvuldig wordt gedoseerd. De wrijving tussen 'beperking' en 'vrijheid' is ook op een globaler vlak waarneembaar: het onbuigzame idioom van het begin met zijn stugge ritmiek wordt geleidelijk van het strakke keurslijf ontdaan. Daarmee is de stijl ondergeschikt geworden aan het muzikale proces; en zo hoort het ook".

Wegens ziekte van de sopraan Dorothy Dorow moet de aangekondigde eerste uitvoering van Joep Straesser's 'All perishes ...' voor sopraan en fluit vanavond helaas komen te vervallen. In plaats daarvan wordt nu de in 1984 voltooide monodie voor fluit solo Chant d'après l'Ode gespeeld van Enrique Raxach (geboren 1932). Het is een bewerking en uitbreiding van de inleiding voor fluit uit Raxach's Ode voor fluit en strijktrio.

Het kamermuziekoeuvre van Tristan Keuris (geboren 1946) heeft in de laatste twintig jaar een dermate omvang gekregen dat er eerder dit jaar bijna een hele dag aan gewijd kon worden. Tijdens die manifestatie vond ook de eerste uitvoering plaats van het Pianotrio (1984), de nieuwste vrucht aan deze welvoorziene boom. In plaats van een toelichting door de componist (Keuris houdt daar niet van) hier citaten uit twee naar aanleiding van het Pianotrio verschenen recensies: "Een werk dat (...)als een brok ingedikte passie de luisteraar betoverde", en "een organisch geheel met diepgang en een rijke emotionele inhoud".

Keuris' vroegere leraar Ton de Leeuw (geboren 1926) maakte vorig jaar tijdens het Gala van de Nieuwe Nederlandse Muziek indruk met zijn meermalen onderscheiden koorwerk 'Car nos vignes sont en fleur'. Vandaag staat zijn in 1984 voltooide Interlude voor gitaar solo op het programma. De titel verwijst niet naar een bepaalde vorm of inhoud maar heeft eerder te maken met de positie die dit nieuwe opus inneemt tussen het andere werk van De Leeuw. Interlude vormt een periode van betrekkelijke rust tussen de voltooiing van zijn vocale trilogie (waarvan 1 Car nos vignes sont en fleur deel van uitmaakt) en de muzikale arbeid van dit moment (waaronder een orkestwerk voor het Concertgebouworkest).
In dit gitaarstuk is geen sprake van een strenge toepassing van oosterse muziektechnieken zoals in andere composities van Ton de Leeuw wel het geval is. Eerder kan gesproken worden van 'sporen' van deze invloed; de toepassing van bijzondere klankkleuren en het gebruik van getalsmatige ritmische verhoudingen zijn er op terug te leiden.

De eerste wereldpremière in dit Gala-programma komt op naam van de jonge componist Jan Rokus van Roosendael (geboren 1960). Na zijn compositiestudie (bij Robert Heppener) aan het Sweelinck Conservatorium Amsterdam volgt hij ook een opleiding musicologie. Van Roosendael nam deel aan verschillende compositie-practica waaruit onder meer zijn 'Chamber Music' en 'Irama' zijn voortgekomen. Zijn vanavond voor het eerst uitgevoerde Sinfonia per archi (Symfonie voor strijkers, 1985) werd in opdracht van de Johan Wagenaar Stichting geschreven voor het Caecilia Consort. Het is concertante muziek, waarin vooral de altviool en de cello een belangrijke solistische rol vervullen. Naast dit contrast tussen soli en tutti is er ook sprake van een dualiteit in de
materiaalkeuze: deels serieel en modaal, deels intuïtief chromatisch.

CREDITS

presentatie
Ad 's-Gravesande en Sieuwert Verster
viool
Jacques Holtman
piano
Ed Spanjaard
fluit
Rien de Reede
gitaar
Wim Hoogenwerff
piano
Gerard Bouwhuis, Cees van Zeeland, Arielle Vernède, Gene Carl
televisieregie
Leen Timp
productie
Ernst Verster, Kees Hillen, Ine Waltuch
co-productie
Holland Festival/VPRO/Donemus/Musica ‘85/Concertgebouw