De duizend kersenbomen van Yoshitsune

Kabuki Ensemble van Ennosuke Ichikawa III

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Het verhaal speelt in het Japan van de 12e eeuw, kort na de slag bij Dan no Ura, waar de clan der Taira door die van Minamoto volledig verslagen werd.
In de dramatische bewerking, afwijkend van de historische werkelijkheid, hebben de generaals Taira Tomomori en Taira Noritsune met de jonge keizer Antoku de slag overleefd. Aan de andere kant staat Minamoto Yoshitsune, de dappere winnaar en grootmoedige held van deze slag, die voor deze overwinning grote gunsten van het keizerlijk hof in Kyoto ten deel vielen. Zij oudere broer Yoritomo, hoofd van de familie  Minamoto, kan echter niet verdragen dat Yoshitsune zo beroemd is geworden. Hij onthoudt hem iedere erkenning en laat hem tenslotte als een verrader vervolgen. Om niet tegen zijn broer te hoeven strijden, besluit Yoshitsune met een klein gevolg in het geheim Kyoto te verlaten.

Achtergrondinformatie

Kabuki is de meest populaire theatervorm die Japan rijk is. Het
was en is het amusement bij uitstek voor de bevolking op het platteland en in de steden. Kabuki kwam tot ontwikkeling in de Ede-periode (1603-1868), toen de familie Tokugawa de macht had en Japan voor de buitenwereld was afgesloten. In deze tijd ontwikkelden de steden zich tot belangrijke politieke en economische centra. De opkomst van een burgerlijke klasse van ambachtslieden en kooplui ging gepaard met de ontwikkeling van cultuuruitingen, die aansloten bij de behoeften van deze bevolkingsgroepen. Het poppentheater (bunraku), de kamermuziek, en het Kabukitheater kregen een plaats in het Japanse muziek- en theaterleven, naast de verschillende
genres die aan het hof gebruikelijk waren.
Na 1868, toen keizer Meiji aan de macht kwam en de grenzen weer opengingen voor vreemdelingen, werd Japan overstroomd door invloeden van buitenaf, met name uit de Verenigde Staten en Europa. Door de sterke gerichtheid op westerse klassieke en populaire muziek verloren vooral de traditionele muziek- en theatergenres van het hof (gagaku, noh) aan belangstelling en waardering. Het theater van de lagere klassen bleef echter populair. De traditionele en moderne versies van zowel bunraku als kabuki kunnen zich nog steeds in een enorme populariteit verheugen, zoals blijkt uit het feit dat de theaters in grote steden als Osaka, Kyoto en Tokyo (het voormalige Edo) twee maal per
dag vol tot uitverkocht zijn.

Het woord 'kabuki' verwees in de 17e eeuw naar iets onconventioneels, bijvoorbeeld in kleding of sociaal gedrag. Het kwam voor het eerst in relatie met theater voor in een bron uit 1603, waarin melding wordt gemaakt van een ongebruikelijke dans die in 1596 zou zijn, uitgevoerd door een danseres van een Shinto heiligdom. Zij voerde een Boeddhistische festivaldans uit in een decor in noh-stijl, en combineerde een kleine Boeddhistische gong met de fluit en trommels uit het noh-theater. Hier­ uit ontstond vervolgens een vorm van populair amusement, die door rondreizende gezelschappen in het hele land werd verspreid en ook een plaats kreeg in permanente theaters in de grote steden. Volksdansen en pantomimes werden toegevoegd en de shamisen, een 3-snarige
getokkelde luit, deed zijn intrede als belangrijkste melodie-instrument. .
Oorspronkelijk bestonden kabukigroepen geheel uit vrouwen, maar door associaties met prostitutie werden deze groepen, en om dezelfde reden later ook groepen bestaande uit jongens, door de regering verboden. Sinds die tijd is kabuki mannentheater, waarin de vrouwelijke hoofdrol een zeer gerespecteerde rol is.

Onnagata - de vrouwenrollen
Sinds 350 jaar wordt in het kabuki de techniek van het spelen van vrouwenrollen door mannen verbeterd en verfijnd.
Hierbij gaat het niet om het nadoen van vrouwen, maar om het creëren en stileren van het ideale vrouw­ beeld. Hiervoor is een buitengewone lichaamsbeheersing vereist
- men speelt voortdurend met bijeengehouden knieën (aankomende annagata-spelers moesten vroeger gedurende de hele voorstelling een vel rijstpapier met hun knieën vasthouden) en met zo laag mogelijk neergedrukte schouderbladen, om de borstkas te verkleinen en de hals te verlengen. Daarnaast mag de annagata-speler zich nooit recht van voren aan de zaal laten zien, maar moet zich altijd in een 3/4 of en-profil pose aan het publiek vertonen. Bepaalde kabuki-families' zijn gespecialiseerd  in onnagata rollen. Van vader op zoon worden de geheimen van de vrouwenrollen overgedragen. Het zou ondenkbaar zijn dat een vrouw, zelfs een uit zo'n familie één van deze rollen zou gaan spelen.

Bewerking
'De duizend kersenbomen van Yoshitsune'  behoort tot de 'jidaimono',  pseudo-historische verhalen waarvoor met name het middeleeuwse genji-epos over de strijd tussen de Taira- en de Minamoto-families de stof levert. Vele van deze stukken werden oorspronkelijk voor het bunraku (poppentheater) geschreven, en werden na gebleken succes voor het kabuki bewerkt. Ook na deze bewerking werden en worden de stukken voortdurend veranderd en aangepast aan de eisen van iedere nieuwe enscenering. Het gaat in het kabuki-theater dan ook niet zozeer om de tekst als wel om de uitvoerenden.
Men komt kijken naar de spelers, naar hun persoonlijke vertolking van een rol; en vooral naar de hoofdrolspeler, die zijn naam aan het gezelschap heeft gegeven.

Over Ennosuke lchikawa III
Waar in de laatste 100 jaar het theater in West-Europa steeds meer belang aan tekst, concept en dus aan auteur, regisseur en dramaturg toekende, bleef in Japan de acteur steeds centraal staan. Enkele acteurs-families zorgden en zorgen voor de overlevering van vakmanschap, kennis, tradities en stukken. Van vader op zoon, of zoals in het geval van Ennosuke lchikawa 111 van grootvader op kleinzoon, wordt het theater vak onderwezen en bewaard. De naam Ennosuke werd 115 jaar lang zonder onderbreking binnen het bloed­ verwantschap van de lchikawa­ familie overgedragen. (De meeste kunstenaarsfamilies kunnen hun hoge artistieke niveau slechts handhaven door zeer getalenteerde leerlingen van buiten de familie op te nemen en te adopteren). Ennosuke lchikawa III kreeg deze naam in 1962 van zijn grootvader, Ennosuke II, toen hij bewezen had de veelzijdigheid  en de virtuositeit te bezitten die van de drager van deze naam verwacht wordt.
In Yoshitsune Senbonzakura speelt hij verschillende rollen in verschillende stijlen, waarbij soms grote veranderingen in zeer korte tijd plaatsvinden.
Behalve de belangrijkste acteur is hij ook regisseur en dramaturg van zijn gezelschap. Alle dragers van de naam Ennosuke droegen wezenlijk bij aan de vernieuwing van het Kabuki-theater. Ennosuke lchikawa III, die zijn kabuki als volkstheater wil zien, verrijkt het met spectaculaire ensceneringen, waarbij hij 'chunori' (vlieg-trucages), snelle kostuumwisselingen en acrobatiek gebruikt.

Muziek
Het orkest in de coulissen verzorgt de begeleiding voor dansen en levert direct commentaar op de handeling met verhalende liederen, uit het poppentheater. De muziek heeft een functie die vergelijkbaar is met filmmuziek: geluidseffecten geven, sfeer scheppen, ondersteunen van de actie op het toneel en suggereren van onuitgesproken gedachten. Zo kan men door middel van een Boeddhistische klok of een gezongen gebed aangeven dat een scène zich afspeelt bij een tempel. In een lied kan men het publiek meedelen dat het verhaal zich afspeelt in een geisha huis, in een paleis of op straat. Tussenspelen van de luit in combinatie met bepaalde trommelpatronen maken duidelijk dat het hier handelt om koud weer, regen of een donkere zomernacht. Dansen en gevechtsscènes krijgen een effectieve ondersteuning vanuit de coulissen.
De muzikanten weten precies welke muzikale middelen zij dienen te gebruiken en elke toeschouwer weet uit ervaring wat de muziek moet betekenen.
 
Het werk
In 1747 nam Takeda lzumo, een der belangrijkste Japanse toneel­ schrijvers, weer een bekend thema uit het middeleeuws epos ter hand en schreef samen met Miyoshi Shoraku het stuk voor Bunraku­ marionetten 'Yoshitsune Senbonzakura'.
Het buitengewone succes van 'Yoshitsune Senbonzakura' bij het marionettentheater was de aanleiding, enige jaren na het ontstaan, voor een bewerking voor het Kabuki-theater.
De oorsprong uit het bunraku wordt duidelijk door het handhaven van de muzikale begeleiding met de specifieke zangstijl Gidayu, die de handeling poëtisch vertelt en becommentarieert.
Tot op heden is 'De duizend kersenbomen van Yoshitsune' een van de bekendste en populairste werken uit het Kabuki-repertoire. De rijkdom aan kostuums, de massa-scènes, de ontelbare 'coups de théatre', de gestileerde 'gedanste' gevechten, maken de enscenering van dit werk tot het spectaculairste op het gebied van deze verfijnde theatervorm: in één enscenering zijn al deze buitengewone mogelijkheden van het Kabuki-theater te zien en te beleven.
'Yoshitsune Senbonzakura' is een drama in 7 aktes: een integrale opvoering zou± 10 uur duren. Maar ook in Japan is het de gewoonte slechts enkele aktes te spelen. Dit is mogelijk omdat door de structuur van het werk iedere acte een op zichzelf staand verhaal uitbeeldt dat met de andere aktes in sfeer en personen overeenkomt.

CREDITS

dramaturgie
Ginsaku Tobe
hoofdrolspelers
Ennosuke Ichikawa III: Monnosuke Ichikawa, Danshiro Ichikawa, Karoku Nakamura, Kasho Nakamura, Kotaro Nakamura
mede mogelijk gemaakt door
het Prins Bernhard Fonds, de Japan Foundation en Japan Airlines.