Maderna kamermuziekprogramma

U kijkt nu naar een voorstelling uit het archief van Holland Festival

Programma

Bruno Maderna

Aulodia per Lothar (1965)
voor hobo d'amore en gitaar

Viola (1971)
voor altviool

Musica su due dimensioni (1957, revisie van 1952)
voor fluit en band

Pièce pour Ivry (1971)
voor viool

pauze

Solo (1971)
voor hobo

Y después (1972)
voor gitaar

Dialodia (1972)
voor fluit en hobo

Widmung (1967)
voor viool

Serenata per un sattelite (1970)
voor ensemble

Biografie

Bruno Maderna is in Nederland een begrip geworden als vertolker en schepper van hedendaagse muziek. Mensen, die tegen moderne muziek aanhikten, spraken ironisch en weinig inventief van Bruno Moderna. Hij dirigeerde bij vrijwel alle grote orkesten in Nederland moderne werken (naast klassieke). Bij De Nederlandse Operastichting leidde hij menige moderne productie (ook zijn eigen voorlaatste werk 'Sa­ tyricon') en verscheidene klassieke. Als componist had hij, toen hij in 1973 als drieënvijftigjarige stierf, toch, ondanks zijn vele activiteiten als dirigent, cursusleider (Darmstadt) en leraar (van Nono, Stockhausen, Sinopoli, Renato de Grandis en Jacob Druckman om slechts enkele componisten te noemen) een omvangrijk aantal composities, een zestigtal, op zijn naam staan. Daarvan zijn in Nederland in de loop der jaren wel verscheidene uitgevoerd (o.a. 'Quadrivium', 'Grande Aulodia', 'Juilliard Serenade' en het 'Derde Hoboconcert’, zijn allerlaatste werk, een opdracht van het Holland Festival en geschreven voor Han de Vries). Zoals ik al eerder schreef (in 'Muziek en Dans', mei 1983, nr.5): 'Zoals Bruno Maderna als dirigent in staat was om van een vaak abstracte vorm een stuwend, pulserend gebeuren te maken, zo realiseerde hij in zijn eigen composities dat, waar hij als leraar altijd voor gepleit had: 'levendige plasticiteit en rijke kleurvariatie moeten een duidelijke taal spreken en bij het klinken lijfelijk aanwezig zijn' Maderna was wel een kind van zijn tijd, maar wist van geen modieuze aanpassing aan een bepaalde trend in de tijdgeest. Hij wist te veel van de kwaliteiten van de oude muziek om zelf, blij met een nieuwigheidje, zich kritiekloos op de modieuze toer te begeven.
Bij hem geen nivellerende materiaalaanbidding. Nooit heeft hij als een chemicus gecalculeerd bij het schrijven. Zijn individualiteit, zijn primair menselijke reageerwijze heeft hem als componist afgehouden van de heersende drang tot systematiek en het leentjebuur spelen bij wetenschappen. Het notenbeeld bij hem was een neerslag van zijn zangerig, doorvloeiend muzikaal denken, geen dogmatische constructie, die onvermijdelijk statisch zou zijn geworden. Integendeel, zijn muziek is dynamisch, hoe subtiel vaak de polsslag ook moge wezen. Geen berekende organisatie van het materiaal, maar muziek met samenhang, met geestelijke spanning. De cultus van een zich afzettend negativisme, zoals die zich in de zestiger jaren, ook in de beeldende kunst manifesteerde, heeft Maderna nooit beroerd, eenvoudig omdat hij een menslievend optimist was. Bij hem geen schema· om de middelen te organiseren, geen· materiaalgebruik dat als middel het doel verloochende. Het afwijkend behandelde materiaal eens als progressieve vernieuwing aanbeden, is bij hem uitsluitend middel gebleven en geïnspireerd gebruikt voor een belangrijker doel: zijn artistieke zielenroerselen zo gedifferentieerd mogelijk uit te drukken op een tot muziek gesublimeerd niveau, waaraan een muzikale logica, ver uitreikend boven systemen, ten grondslag ligt'.


Jo Elsendoorn

CREDITS

muziek
Bruno Maderna
gitaar
Jan Goudswaard
altviool
Henk Guittart
viool
Theo Olof
fluit
Koos Verheul
hobo
Han de Vries