Blog

Een bad nemen, je verjaardag vieren en pingpongen als kunst

Door: Miriam van Ommeren

09.6.2016

Opening Tomorrow Is The Question By Rirkrit Tiravanija Janiek Dam 16

In het werk van kunstenaar Rirkrit Tiravanija (1961) vormt sociale interactie tussen mensen het uitgangspunt. Het is zijn missie om hedendaagse kunst toegankelijk te maken, en de afstand tussen kunstenaar en toeschouwer te verkleinen. Dit doet hij door ontmoetingen te realiseren, waarmee − doorgaans passieve kunstkijkers − onderdeel worden van zijn werk. In opdracht van Holland Festival en Stedelijk Museum maakt Tiravanija een Amsterdamse versie van Tomorrow is the Question op het Museumplein.

Onderweg naar het interview hoop ik een potje pingpong te kunnen spelen met Rirkrit Tiravanija, maar de tafels zijn nog verpakt in beschermmateriaal voor de reis. Ik loop het Museumplein op en zie hoe meerdere mensen nieuwsgierig het zwarte plastic optillen om een glimp van de prachtige glimmende tafels te krijgen. Nog voor de tentoonstelling formeel geopend is, trekt het werk publiek aan, precies zoals de bedoeling is.

In plaats van pingpongen wil de Thaise kunstenaar graag een rondje door het Stedelijk Museum lopen, waar hij in tien jaar niet meer is geweest. Met name de zalen waarin toegepaste kunst tentoongesteld staat, interesseren hem.

Rirkrit Tiravanija woont in New York, Berlijn en Noord-Thailand. Liever dan de term ‘nomade’ te gebruiken, beschrijft hij zichzelf als een gans die zich van continent naar continent verplaatst, afhankelijk van het seizoen en het bijbehorende weer: “Moderately warm has my preference.” Als kind van Thaise diplomaten kwam hij in Buenos Aires ter wereld en groeide hij op in onder andere Ethiopië, Thailand en Canada.

Tiravanija wordt door velen gezien als de ‘golden boy’ van de ‘relational aesthetics’: een stroming die haar naam eind jaren ‘90 kreeg van de Franse criticus en curator Nicolas Bourriaud, en die samen te vatten is als kunst die de dynamische sociale omgeving tot onderwerp maakt. Het reikt daarbij tot voorbij de traditionele fysieke ruimtes van atelier en galerie.

Tijdens zijn eerste tentoonstelling in 1990, in de New Yorkse Paula Allen Gallery, plaatste Tiravanija een gasbrander in de projectruimte en kookte hij Pad Thai voor de bezoekers, een gerecht dat zijn grootmoeder hem had leren maken. In het begin zorgde dat voor verwarring: bezoekers dachten dat hij de cateraar was en gingen op zoek naar de ‘echte kunst’. Uiteindelijk schoven ze aan tafel en genoten van het simpele maar iconische noedelgerecht. Er werd gegeten, gelachen en gekletst. Niet het eten zelf was onderwerp van Tiravanija’s werk, maar de interactie tussen bezoekers die het eten teweegbracht.Het waren deze ‘kookperformances’ die Tiravanija bekend maakten, lang voordat Bourriaud zijn term ‘relational aesthetics’ introduceerde.

Mede bepalend voor deze manier van werken was een bezoek dat Tiravanija als jonge kunstenaar bracht aan het Art Institute of Chicago. Hier zag hij een grote collectie objecten uit Aziatische landen, waaronder Thailand; niet alleen de gebruikelijke prints, Boeddha-beelden en sculpturen, maar ook potten en schalen die ooit gebruikt waren door onder andere grootmoeders. De ‘objectificatie’ van die ooit zo alledaagse gebruiksvoorwerpen bevreemdde hem, en hij voelde de behoefte om ze nieuw leven in te blazen, een motief dat hij zelf omschrijft als ‘anti-anthropology’.

Opening Tomorrow Is The Question By Rirkrit Tiravanija Janiek Dam 40

Tijdens onze wandeling door het museum passeren we verschillende vitrines met meubels en gebruiksvoorwerpen die hetzelfde proces van objectificatie hebben doorlopen, waaronder een typemachine van Olivetti, de bekende zigzagstoelen van Rietveld. Vervolgens staan we stil bij de Harrenstein Slaapkamer, die Gerrit Rietveld en Truus Schröder-Schräder in 1926 maakten in opdracht van arts R.J. Harrenstein, de zwager van Schröder-Schräder. De bedden zijn opgemaakt en de kleine lampjes branden uitnodigend, maar de toegang tot de slaapkamer wordt aan alle kanten versperd door dikke platen perspex.

Terwijl we door een raampje naar binnen staren, als twee werkloze gluurders, komt Taravanija’s installatie Untitled (Tomorrow is Another Day) uit 1996 ter sprake. Voor de Kölnischer Kunstverein bouwde hij in één van de zalen een houten replica van zijn New Yorkse appartement, inclusief functionerende keuken en badkamer. Taravanija wilde dat bezoekers gedurende drie maanden onbeperkt toegang zouden krijgen tot de installatie; dat ze er een bad zouden nemen, TV zouden kijken of er zelfs de nacht zouden doorbrengen. En dat deden de bezoekers ook: er werden verjaardagen en huwelijken gevierd, er werd gekookt en gezongen. Iedere bezoeker die de installatie betrad, werd onderdeel van het werk en voegde er iets aan toe. Figuurlijk, maar ook letterlijk: men liet objecten achter in de kastjes en de muren raakten al snel volgeschreven. En dat was precies wat Taravanija wilde.
Hoe mooi zou het zijn als Rietvelds Harrenstein Slaapkamer op eenzelfde manier toegankelijk zou worden voor het publiek, fantaseert hij hardop. Wat heb je aan die mooie bedden als niemand erop kan liggen?'

Wie kijkt naar uitvoeringen van eerdere projecten van Taravanija, ziet al gauw dat de kunstenaar zelf vaak niet aanwezig is. De replica van zijn appartement stond geheel ter beschikking voor bezoekers, terwijl hij er zelf niet was. Hoewel hij Pad Thai kookte voor zijn bezoeker, vertrok hij zodra ze aan tafel gingen. Het relationele aspect van zijn werk zit ‘m volgens Taravanija dan ook niet in de interactie tussen bezoeker en kunstenaar. Het is niet nodig dat een bezoeker direct door heeft dat de Pad Thai die hij eet in feite onderdeel van het kunstwerk is. Misschien is het juist beter voor de ervaring als hij zich dat niet realiseert. Op die manier wordt de bezoeker zelf onderdeel van het kunstwerk.

Opening Tomorrow Is The Question By Rirkrit Tiravanija Janiek Dam 156

De pingpongtafels deden in 2015 hun intrede, voor een solotentoonstelling in het Garage Museum in Moskou. Zowel de titel Tomorrow is the Question als het pingpongmotief vormen een ode aan de Slovaakse kunstenaar Július Koller (1939 −  2007), die in 1970 een galerie in Bratislava een pingpongclub optrok.
Ook de tien pingpongtafels, die nu een maand lang op het Museumplein staan te glimmen, zullen niet door Taravanija zelf bespeeld worden, maar hopelijk wel door tientallen, misschien wel honderden andere mensen. En ja, ze zullen beschadigd raken, bekrast worden, gebruikt worden als picknicktafel of zonnebed: “It will have history.” De geschiedenis die de bezoeker eraan toevoegt is belangrijker dan het object zelf, benadrukt Taravanija, zelfs belangrijker dan zijn rol als kunstenaar. “As soon as people start using it; that is the beginning of the work.”

Tomorrow is the Question
4 t/m 26 juni, Museumplein
Pingpongbatjes en -balletjes zijn te leen bij het Stedelijk Museum

Met dank aan Veerle Lavoir.

Foto's van de opening van Tomorrow is the Question op 4 juni door Janiek Dam

HF BLOG